Show en glamour – maar waarom die bloemkool?

Wat zijn de nieuwe, beste restaurants van Rotterdam? De Buik van Rotterdam, een online culinair initiatief, brengt wekelijks in kaart wat de stad te bieden heeft.

Foto Villa Thalia

François Geurds heeft energie te veel en Rotterdam zal het weten. Was collega Herman den Blijker jarenlang het culinaire boegbeeld van de stad, tegenwoordig is het de half-Brabantse, half-Arubaanse chef die als zodanig permanent de aandacht op zich vestigt. De kogelronde eigenaar van FG Restaurant (twee Michelinsterren), FG Food Labs (een) en een traiterie is óveral. Hij kookt de hele week door simultaan in beide eigen zaken en rijgt er tussendoor dan ook nog moeiteloos een hele trits presentaties, masterclasses en kookevenementen aan vast. ‘Lekker knallen’, noemt de kok dat.

Sinds begin november heeft Geurds er dan ook nog een baan als ‘culinair supervisor’ bij in Villa Thalia, de voor 3,5 miljoen verbouwde voormalige bioscoop op de Kruiskade. Nu is het een dinner theatre, een van spektakel gistende bonbondoos waarin je je met een beetje fantasie in Las Vegas of op Broadway waant. Van donderdag tot en met zondag word je er vanaf zeven uur ’s avonds vergast op een bombardement aan variété dat zelfs van de grootste droogkloot een liefhebber van het genre moet maken.

Tegen al die glitter en glamour moet François Geurds opbieden met een viergangendiner dat tijdens de vier uur (!) durende show in een bijpassend tempo wordt opgediend. Knap, want bij een volle bak gaan er liefst 280 couverts over de passe. De culinaire supervisor kiest met zijn eerste menu in Villa Thalia voor een breed uitwaaierend staaltje van zijn kunnen, met onder meer gerechtjes uit de Peruaanse, Thaise, Japanse, Argentijnse en Indonesische keuken. Een viparrangement met gratis drank kost 175 euro per persoon, de goedkoopste all-invariant 79 euro. Het prijsverschil zit ’m in de zitplaats van je voorkeur in het theater en in de (gratis) wijn die je geserveerd krijgt; die komt namelijk per fles dan wel per glas. Het eten is voor iedereen gelijk.

Het voorgerecht van mijn keuze is een céviche van schelvis gekruid met huacatay, ofwel Peruaanse zwarte mint. Een binnenkomer die opnieuw aantoont dat Geurds kan toveren met de simpelste producten, een belevenis die zich met gemak kan meten met wat zich een paar meter verderop op het podium (dansende sexy meisjes) afspeelt.

Dit zou ook ‘oma-eten’ kunnen zijn

Maar diezelfde eenvoud vind ik bij de gerechten die volgen van de weeromstuit dan toch weer iets te ongerijmd.

Een zalm met preisaus en een viscake of een sukade rendang met gedroogde bloemkool? Hoe lekker bereid ook: is dat niet een beetje wat je oneerbiedig zou kunnen bestempelen als ‘oma-eten’? Passen zulke bijna rustieke schotels nou werkelijk bij de burleske programmering en de opwindende entourage die Villa Thalia internationaal op de kaart moeten zetten? Wat meer ‘vuur en vlam’ en ‘lekker knallen’ in de bijdrage van François Geurds aan dat geheel, zou wat mij betreft niet misstaan. Een parade van eigenzinnig fingerfood had bijvoorbeeld beter bij mijn totaalervaring in het dinner theatre gepast dan gedroogde bloemkool.

Pas bij het dessert wordt Geurds dan toch echt onderdeel van de aanstekelijke heisa in Villa Thalia, wanneer hij met een stoet swingende serveersters in zijn kielzog live een placemat op je tafel komt vullen met lekkere zoetigheden. Die eigen act van de sterrenkok kwam in mijn geval op het juiste moment, want het had een haartje gescheeld of ik had zelf op die tafel gestaan om mee te hupsen met de cancan.