Op handen schudden staat een boete van 40 euro

De acties tegen ebola in Liberia en Sierra Leone worden geleid door militairen. Hulporganisaties strijden niet alleen tegen het virus, maar ook tegen de angst.

De stewardess van de VN-vlucht zet haar duikbril op en bindt een mondlap om. „Welkom aan boord”, zegt ze en richt de thermometer op het voorhoofd van iedere passagier. „Ga niet op de eerste rijen zitten. Wij houden graag afstand van u.”

Bijna alle luchtvaartmaatschappijen hebben hun vluchten opgeschort naar de door ebola getroffen landen Sierra Leone, Liberia en Guinee. Experts hadden zo’n vliegverbod afgeraden, want het virus verspreidt zich niet door de lucht. Maar ebola veroorzaakt paniek. Angst zonder grenzen. De VN zette daarom een eigen luchtverbinding op voor hulpverleners. Vrachtvliegtuigen worden op de luchthaven van de Liberiaanse hoofdstad Monrovia uitgeladen door mannen in ruimtepakken. Nederland stuurde het transportschip Karel Doorman, met een bemanning die niet van boord mag als ze de havens van de ebolalanden aandoet.

„We staan in de frontlinie”, schreeuwt een Amerikaanse soldaat bij zijn kampement op de luchthaven van Monrovia. Met bewapening uitgeruste voertuigen rijden af en aan, een helikopter stijgt op voor een patrouillevlucht. Ruim 2.000 Amerikaanse militairen leiden de strijd tegen ebola in Liberia. In Sierra Leone doen veel minder Britse soldaten dat. In Liberia neemt de besmetting af sinds de acties zijn gecoördineerd, in Sierra Leone vallen de toegesnelde hulporganisaties over elkaar heen en is de epidemie niet op terugtocht.

ABC is het motto: Avoid Body Contact. In restaurants, hotels, kantoren of bij iemand thuis: steeds weer was je de handen met verdund chloorwater, tientallen keren per dag, tot ze er pijn van doen. Je hebt altijd een flesje ontsmettende handgel bij je. Voortdurend laat je je temperatuur opnemen. In Sierra Leone staat een boete van 40 euro op handen schudden. Grote gebieden van het land zijn hermetisch afgesloten, wegen zijn verlaten.

Voorbijgangers raken elkaar aan

In Freetown en Monrovia zijn de winkels wel open en krioelt het van de mensen op straat. Voorbijgangers raken elkaar aan. Dat is ook helemaal niet zo erg. Een zieke ebolapatiënt kan alleen met zijn lichaamsvloeistoffen (zweet, speeksel, braaksel, urine, ontlasting) het virus door direct contact overdragen. Dat moet hij in korte tijd doen, want het virus sterft snel buiten het lichaam van een gastheer. Wanneer je uit de buurt blijft van patiënten (die snel overduidelijke ziekteverschijnselen vertonen), is het gevaar voor besmetting uiterst klein. Alle ebolabesmettingen zijn terug te leiden op contact tijdens de ziekte of bij de begrafenis. Familie en verpleegkundigen staan aan de werkelijke frontlijn, zij lopen het hoogste risico. Van de tot nu toe 666 besmette gezondheidswerkers overleden er 366. Maar buiten een ebolakliniek zijn mondlappen en duikbrillen onzinnig en een expressie van paniek.

Epidemieën als aids (39 miljoen doden) en ebola (sinds 1976 tot vóór de huidige uitbraak 1.500 doden) zijn het gevolg van de overdracht in Midden-Afrika van een virus van apen, chimpansees en vleermuizen naar mensen. Steeds meer mensen, steeds minder wouden: mens en dier komen dichter op elkaar te wonen, de natuur raakt verstoord en de transmissie van virussen verloopt steeds gemakkelijker.

Sierra Leone en Liberia behoorden al tot de allerarmste landen ter wereld. Vijf miljoen kinderen gaan sinds juli niet naar school door ebola. Liberia had 45 artsen op een bevolking van 4,5 miljoen zielen. Nu zijn alle ziekenhuizen dicht. Een zwangere vrouw die een keizersnee nodig heeft, zal sterven. Voor iedere eboladode sterven 3,8 inwoners door een andere ziekte omdat die nu niet wordt behandeld. De opbouw van de gezondheidszorg is de grootste uitdaging voor Liberia en Sierra Leone.