Niemand weet hoe het zit met AirBnB

Veel toeristen die in de stad zijn, slapen bij een Amsterdammer thuis, via bijvoorbeeld AirBnB. Dat mag niet, of eigenlijk een beetje, maar dat weet niemand.

Op de site van AirBnB worden zo’n 10.000 appartementen en kamers in Amsterdam aangeboden.
Op de site van AirBnB worden zo’n 10.000 appartementen en kamers in Amsterdam aangeboden. Foto Olivier Middendorp

Hij (27) was nogal een heavy user, en daarom blijft hij liever anoniem. Coke? Nee, het gaat over verhuursite AirBnB. De site die veel mensen gebruiken, maar waar vrijwel niemand voor uit durft te komen. Want illegaal, of tenminste, niet helemaal legaal.

De stad vulde zich deze week met reisgidsen en Amsterdammutsen. Volle trams, volle kerstmarkten en volle coffeeshops. Een deel van de toeristen huurde een slaapplek via AirBnB. Momenteel worden op de site zo’n 10.000 appartementen en kamers in Amsterdam aangeboden; bijna de helft meer dan vorig jaar. Het aantal toeristen dat in Amsterdam huurt via AirBnB, steeg tussen in een jaar tijd met 123 procent.

De bezwaren: onverzekerde verhuurders, oneerlijke concurrentie van hoteliers, brandonveilige situaties, overlast, conflicten met hypotheekverstrekkers en huurbazen, illegale hotels die verrijzen, gemiste toeristenbelasting, sociale huurwoningen waar winst op wordt gemaakt. De voordelen: een goedkope en authentieke verblijfplaats voor toeristen, een manier om geld te verdienen en nieuwe mensen te ontmoeten voor bewoners.

Tja, wat moet je dan als stad. Optreden of omarmen?

Amsterdam doet allebei. De stad gaat, als eerste in Europa, een samenwerking aan met AirBnB, dat vanaf dit jaar 5 procent toeristenbelasting per boeking rekent en overmaakt aan de gemeente. Maar Amsterdam steekt óók een half miljoen euro in handhaving, bedoeld om illegale hotels op te sporen.

In juni 2013 kwam de stad al met regelgeving. Vakantieverhuur mag, mits niet langer dan twee maanden per jaar en aan niet meer dan vier personen per keer. En er moet toeristenbelasting worden betaald. Maar in de praktijk blijft de handhaving op particulieren achter, zegt D66-raadslid Reinier van Dantzig, die de regels „het goede antwoord” op AirBnB noemt.

Verhalen van verhuurders te over. Maartje (31) verhuurde haar koophuis in Bos en Lommer vorig jaar zeven keer, voor zo’n 100 euro per nacht (rond oud en nieuw 129 euro). Ze betaalde er haar vakanties van. Moeite met vreemden in haar bed heeft ze niet. „In een hotel slaap je ook in een bed van iemand anders.” Echt selectief op wie ze accepteert in haar huis, is ze ook niet. „Gasten zijn altijd heel netjes. Kom ik thuis en denk ik: zijn hier wel mensen geweest?” De 30-jarige Jan (niet zijn echte naam) verhuurde zijn huis in West acht keer, voor zo’n 70 euro per nacht. „Om onze alledaagse kosten mee te dekken.” En de 27-jarige Amsterdammer uit het begin van dit stuk verhuurde een kamer van zijn dure appartement in Slotervaart om de huur te kunnen betalen. Het leverde hem veel verhalen op, zoals die keer dat twee meisjes uit Litouwen de weersvoorspelling niet hadden bekeken en in hun korte broekje aankwamen in een nat Amsterdam. Ze bleven de rest van het weekend op zijn warme bank zitten; wijn drinken en kletsen.

En die regels? Maartje: „Toeristenbelasting? Ik zou niet eens weten hoe dat moet.” Jan: „Maar 5 procent ja? Dat zou ik wel kunnen missen.” De 27-jarige Amsterdammer: „Ik heb vorig jaar de Belastingdienst gebeld, die kenden het woord ‘AirBnB’ niet eens. Ik dacht: dan kan ik wel even m’n gang gaan.”