Cholerabacterie pleegt roofmoord op andere bacteriën

Met kleine lansjes op zijn buitenkant doorboort de cholerabacterie zijn buurbacteriën, waarna hij het DNA van zijn slachtoffers voor eigen gebruik opzuigt. Dat roofmoordscenario op micro- niveau beschrijven Zwitserse microbiologen uit Lausanne vandaag in Science.

De ontdekking verklaart hoe Vibrio cholerae zo’n agressieve ziekteverwekker kan zijn, die makkelijk resistent wordt tegen uiteenlopende antibiotica. De bacterie blijkt heel goed uitgerust om nuttige genen in het DNA van andere bacteriën in zijn buurt in te pikken, soms met wel veertig genen tegelijk.

Cholerabacteriën leven in het water en hechten zich dan vaak op de chitinepantsers van kleine schaaldiertjes. Door het groeien op chitine komt de cholerabacil in een speciale overlevingsstand, waardoor de bacterie DNA uit zijn omgeving opneemt om snel gunstige genen in kunnen te bouwen.

De Zwitsers hebben nu ontdekt dat minuscule lansjes op de buitenkant van de bacterie dat proces nog eens versterken. De lansjes zijn opgebouwd uit verschillende eiwitten die samen een hulsje vormen. Daarin zit weer een prikpunt die naar buiten kan schuiven. De punt prikt dan letterlijk andere bacteriën in de buurt lek.

In een proefopstelling waarbij de onderzoekers verschillende bacteriesoorten samen lieten groeien op chitineflinters maakte de bacterie E. coli geen schijn van kans tegen de prikterreur van de cholerabacterie.

Cholerabacteriën zelf zijn overigens prima bestand tegen prikkende buren, doordat ze extra immuuneiwitten produceren die de eiwitten in de prikpunt van anderen onschadelijk maken.

De Zwitsers merken op dat chitine-geactiveerde cholerabacteriën mogelijk extra agressief zijn als zij bij infecties in het menselijk lichaam terecht komen. Die cholerabacillen vallen met hun lansjes dan waarschijnlijk massaal de goedaardige darmbacteriën aan. De diarree die daardoor ontstaat kan dodelijk zijn.