Bescheiden 2015 na jubeljaar 2014

Van vermelding in de The New York Times tot burgemeester Aboutaleb als Nederlander van het Jaar. Echt álles leek het afgelopen jaar goed te gaan met de stad. Wat heeft 2015 in petto?

Januari begon gelijk goed met Rotterdam op nummer 10 van de ‘Must See Cities 2014’ van de The New York Times, gevolgd door een golf aan (inter)nationale publicaties. De laatste kwam vlak voor Kerst, toen Time Magazine Rotterdam op de lijst van vijftig beste plekken voor een reisje in 2015 zette.

Vervolgens ging Rotterdam CS open, wat zorgde voor een ruime verdubbeling van het aantal toeristen bij de informatiebalie. En ook de Markthal doet goede zaken, met alleen al in de eerste drie weken ruim een miljoen bezoekers. Velen van hen gingen vervolgens direct door naar de Wilhelminapier voor De Rotterdam, het grootste gebouw dat Europa sinds vorig jaar rijk is. En dan werd Rotterdam in november ook nog eens European City of the Year 2015 en koos Elsevier voor burgemeester Aboutaleb, „ingenieur van het herboren Rotterdam”, als Nederlander van het Jaar.

En het effect? Cijfers over heel 2014 zijn er nog niet, maar de stadsmarketeers van Rotterdam Partners weten wél dat tussen januari en augustus het aantal hotelovernachtingen bijna eenvijfde hoger lag dan het jaar daarvoor. Ook Rotterdam The Hague Airport ontving in die periode bijna 10 procent meer arriverende passagiers dan in 2013. Het AD maakte schreef bovendien dat heel Rotterdam het beter doet. Euromast, Boijmans van Beuningen, Kunsthal, Spido en Splashtours: ze kregen allemaal meer (internationale) bezoekers over de vloer dan in 2013.

Ook de omgeving profiteert

Ron Voskuilen, directeur van Rotterdam Partners, is niet verbaasd over het succes van zijn stad. „Rotterdam was altijd al veel meer waard dan hoe het beleefd wordt. Maar dat het zó hard zou gaan, dat had ik nooit durven dromen.” Economisch was vermoedelijk de Markthal het meest invloedrijk, weet Voskuilen, want die leverde de meeste nieuwe dagjesmensen op. En ook de omgeving profiteert, ondanks de kritiek vooraf van de marktkoopmannen.

Ook Erik Braun, stadseconoom en citymarketingsdeskundige, is positief over 2014. De onderzoeker van de Erasmus Universiteit vond de opening van Rotterdam CS het belangrijkst voor de stad. „De nieuwe entree voorkomt dat je per ongeluk linksaf het Weena oploopt. Je gaat nu veel makkelijker de stad in richting Schouwburgplein en de Oude Binnenweg.” Braun is ook erg positief over de aangekondigde samenwerking tussen haven, stad en universiteit, iets wat volgens hem nergens anders in de wereld zo gebeurt. Als laatste licht de econoom de vermelding op de vele internationale lijsten uit. „Marketing is pas effectief als ánderen over jou zeggen dat je aantrekkelijk bent.”

Cijfers laten bovendien zien dat ook de Rotterdammers profiteren van het jubeljaar. Want niet alleen wordt er meer geld uitgegeven in Rotterdam, ook de trots van de inwoners is de afgelopen twee jaar met 10 procent toegenomen en is in de afgelopen tien jaar nooit zo groot geweest.

Enorm veel nieuw vastgoed

Maar er zijn ook kanttekeningen te plaatsen bij 2014, benadrukt Braun. „Rotterdam heeft nog steeds heel veel problemen. Zoals de ontwikkeling van Rotterdam-Zuid, hoge werkloosheid en armoede. Die los je niet op met een vermelding in The New York Times.” Ook voor de samenwerking tussen haven, stad en universiteit moeten de woorden in 2015 nog omgezet worden in daden. Maar de meeste vraagtekens zet hij bij het enorme aantal vierkante meters vastgoed dat gerealiseerd is. „Vooral De Rotterdam is gigantisch groot ten opzichte van de stad. Kun je die op korte termijn vullen? En als dat al lukt, dan trek je waarschijnlijk activiteiten weg uit andere gebouwen. Het aanbod is groter dan de vraag.”

Hoewel 2015 geen nieuwe megaprojecten als de Markthal of De Rotterdam kent, staat er volgens Voskuilen voldoende te gebeuren om het momentum vast te houden. Het meeste verwacht hij van de economische kracht van Rotterdam die onder meer via het Cambridge Innovation Center groter moet worden, een incubator voor start-ups. Zijn favoriete succesverhaal: het Rotterdamse Spark, een ontwerpbureau dat onder meer producten levert aan technologiebedrijven Honeywell en Apple. Voskuilen wil via dit soort bedrijven dat Rotterdam economisch de nummer één wordt van Europa. Is dat niet heel ambitieus? „Mensen lachten ook toen we zeiden dat we dat op stedelijk gebied wilden worden. Nu zijn we European City of the Year.”

Braun heeft er minder vertrouwen in dat dit jaar net zo’n jubeljaar wordt als 2014. „Citymarketing is een marathon, geen sprint. Rotterdam heeft nu een tussensprint gedaan, maar dat kun je niet blijven doen.” 2015 wordt dus het jaar waarin moet blijken of het succes blijvend is. „Het inzoomen op problemen is doorbroken. Je mag weer positief zijn. Maar de reële economie wordt bepaald door de bewoners en bedrijven die naar de stad komen. De reputatie van de stad is daar heel belangrijk voor.”