Hoe is het met: Xiao Wang

Eind 2013, de uitzending van talentenjacht Holland’s Got Talent. Een kritische jury, waaronder Gordon, zit achter de jurytafel. Op het podium staat de Chinese Xiao Wang. Nog voordat hij z’n mond opent, vraagt Gordon: „Wat ga je zingen? Nummer 39 met rijst?”

Waarom deed u mee aan het programma?

„Mijn vrienden zeiden tegen mij dat het leuk kon zijn. Ik was druk met mijn PhD in Groningen en had weinig tijd om te zingen, dus dit was een goed idee. Ze waarschuwden me wel dat Gordon soms onbeleefd kan zijn.”

En toen?

„Op het podium, nadat Gordon begon met zijn ‘grappen’, had ik twee keuzes: er iets van zeggen of zingen. Ik koos voor het laatste. Waarom hij het zei? Ik denk dat het z’n natuurlijke manier van doen is. Hij koppelde het beeld dat hij heeft van Chinese mensen, direct aan mij. Als hij Chinezen beter kent, had hij bijvoorbeeld geweten dat we op de menukaart meestal geen nummers hebben staan, en dat we gerechten bestellen door ze bij naam te noemen.”

De aandacht van Nederland was getrokken.

„Een ‘mediabom’ ontplofte. Nederlandse, Engelse en Chinese media benaderden me, ik ontving ook brieven en mails, mensen die zich verontschuldigden voor de ‘grappen’ van Gordon. Ik had geen tijd om al die media te woord te staan. Ik wilde mijn werk op de universiteit goed doen. Het beïnvloedde mijn leven, maar ik werd goed geholpen. Vrienden vertaalden de kranten, ik spreek geen Nederlands, en supervisors en collega’s bij de universiteit steunden me en probeerden me te helpen.”

En u ontmoette de koning.

„Ja, maar ik denk dat ik niet alleen vanwege de show werd uitgenodigd bij het banket van de koning en de Chinese president. De president houdt van zingen, maar ook het feit dat ik representatief ben voor de Chinese studenten in Nederland en dat ik een PhD doe in de economie.”

Hoe kijkt u terug op het voorval?

„Ik zou nu niet meer aan het programma meedoen. Ik wilde graag optreden, maar liever niet zo. Gelukkig representeert Gordon een hele kleine groep. Ik houd van de warme omgeving hier, collega’s en vrienden. Afhankelijk van de banenkansen zou ik ook wel in Holland willen blijven.”