Vanaf volgend jaar krijg je sneller een vast contract

Foto ANP

We gaan even terug naar de jaren negentig, toen alles ineens flexibel moest: niet alleen plaats en tijd, maar ook de duur van het werken. Daar blijken wat haken en ogen aan te zitten op het gebied van zekerheid, vindt minister Asscher van Sociale Zaken nu. Na ruim een jaar lobbyen komen er in 2015 daarom striktere regels; zo verandert een tijdelijke overeenkomst straks sneller in een vast contract. Dat geldt pas vanaf 1 juli, maar ook morgen gaan al wat wijzigingen in. Dit zijn de belangrijkste veranderingen:

1. Duidelijkheid na einddatum contract

Uiterlijk een maand voordat het contract eindigt, moeten werkgevers aangeven of de overeenkomst wel of niet wordt voortgezet (de aanzegtermijn). Doen ze dat niet, dan heeft de werknemer een maandsalaris tegoed. Doen ze dat een week te laat? Dan krijg je een weeksalaris.

2.Een kortere proeftijd

Werken op proeftijd wordt aan banden gelegd. Bij contracten van zes maanden tot twee jaar duurt de oefenperiode maximaal een maand. Bij nog langer lopende tijdelijke contracten is dat maximaal twee maanden. Denk je dat je contract verlengd wordt? Dan is proeftijd sowieso uitgesloten, tenzij nieuwe vaardigheden zijn vereist.

Werkzame beroepsbevolking

3. Weg met het concurrentiebeding

Het is na het einde van je contract niet meer verboden vergelijkbare werkzaamheden uit te oefenen bij een ander bedrijf of als zelfstandige, tenzij je werkgever kan aantonen dat het bedrijfsbelang in het geding komt. In gewoon Nederlands: werken als freelance journalist bij twee kranten kan.

4. Werken op oproepbasis

Veel werkgevers werken met oproepkrachten. Word je de avond van tevoren afgebeld? Dan heb je recht op loon voor de uren waarvoor je opgeroepen was, de loondoorbetalingsverplichting. Wie minder dan 15 uur per week werkt en wordt afgebeld voor een oproepdienst, moet volgens de nieuwe wet minimaal drie uur betaald krijgen. Voorheen was het mogelijk om deze regeling na zes maanden af te schaffen, dat kan met de nieuwe wet niet meer.

5. Loonstrook via een ander bedrijf

Bij payrolling geeft een bedrijf de verantwoordelijkheid voor zijn werkgeverschap uit handen en komt het personeel in dienst van een salariëringsbedrijf. Wil de opdrachtgever, om wat voor reden dan ook, niet verder met de werknemer? Dan kan het payrollbedrijf de werknemer ontslaan. Vanaf morgen kan dat alleen als werknemers disfunctioneren. Vanaf 1 juli 2015 geldt deze ontslagbescherming ook voor bestaande arbeidsovereenkomsten met payrollmedewerkers.