Nederland knalt voorlopig vrolijk door

De roep om een verbod op vuurwerk klonk dit jaar luider. Maar ook vannacht zal weer massaal worden geknald. „De traditie is te diep geworteld.”

Vuurwerk vliegt vaak alle kanten op, zeggen ze in het Zuid-Hollandse dorp Reeuwijk-Brug. Daarom mag er geen pijl de lucht meer in binnen een straal van 75 meter van huizen met een rieten dak. Er staan veel woningen met zulke daken in het waterrijke buitengebied. De gemeente Bodegraven-Reeuwijk heeft de speciale regel daarom opgenomen in de Algemene Plaatselijke Verordening voor de oudejaarsnacht. Ook in de buurt van verzorgingshuizen is vuurwerk afsteken verboden: het zou ouderen angst kunnen aanjagen.

Vannacht om 00.00 uur gaat 2014 knallend over in 2015. De afgelopen maanden is een verhitte discussie gevoerd over vuurwerk. Jaarlijks vallen veel gewonden, loopt de schade aan brievenbussen en bushokjes in de miljoenen en schrikken mensen en huisdieren van de harde knallen.

Hilversum wilde het hele centrum vuurwerkvrij maken, maar werd teruggefloten door de rechter. GroenLinks-fracties pleitten in tientallen gemeenten voor minder of geen particulier vuurwerk. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten wilde strenge regels; in de Tweede Kamer bepleitten enkele partijen een landelijk verbod.

Maakt alle ophef Nederland een ander vuurwerkland? Het vuurwerkverbod kwam er niet. Onnodig, vond minister Opstelten (VVD, Veiligheid en Justitie): „Daarvoor is de traditie te diep geworteld.” Wel zijn de regels dit jaar wat strenger. Er mag op Oudejaarsavond vanaf 18.00 uur vuurwerk worden afgestoken; niet meer vanaf de ochtend. Maar wezenlijk verandert dat het vuurwerklandschap niet. De belangrijkste trends zijn redelijk stabiel.

Veel minder vuurwerk gaat er in ieder geval niet de lucht in. Net als tien jaar geleden gaat er, volgens cijfers van onderzoeksinstituut GfK, ruim 65 miljoen kilo legaal vuurwerk over de toonbank. Ruim 20 procent van de huishoudens koopt vuurwerk; een aandeel dat de afgelopen jaren vrij stabiel bleef. En het bedrag dat men dit jaar naar verwachting uitgeeft aan vuurwerk is niet anders dan vorig jaar; tussen de 60 en 70 miljoen euro.

Het regent klachten over vuurwerkoverlast. Het meldpunt van GroenLinks kreeg tot dusver, de dag van de jaarwisseling, al ruim 41.200 klachten. Vorig jaar bleef de teller uiteindelijk steken op ruim 82.000 klachten. Gewonden zijn ook gevallen. De Nederlandse Vereniging voor Plastische Chirurgie maakte gisteren bekend dat elf mensen zwaargewond raakten door vuurwerk; meestal aan hun handen. Een woordvoerder zei erbij: „Dit is vergelijkbaar met andere jaren.”

En die vuurwerkvrije zone in Reeuwijk? Ook niet nieuw. In Reeuwijk mag sinds jaren geen vuurwerk worden afgeschoten rond rieten daken en verzorgingshuizen. Dergelijk beleid kennen veel gemeenten reeds jaren. In Geldermalsen bestaat zo’n verordening sinds 1997. Leiden heeft twee parken aangewezen waar geen vuurwerk afgestoken mag worden, in Vlaardingen mag het niet in winkelcentra, in Nieuwegein in onder meer parkeergarages, Amsterdam wil geen vuurwerk bij bijvoorbeeld maneges en de dierentuin, in Rotterdam wezen zeven gebiedscommissies vuurwerkvrije zones aan. Dit jaar maken wel meer gemeenten dan anders gebruik van hun Algemene Plaatselijke Verordening om vuurwerkvrije zones te creëren: ruim dertig, tegen circa twintig vorig jaar.

Wat wel lijkt te veranderen, is de wijze waarop Nederlanders de vuurwerktraditie beleven. Opinieonderzoeksinstituut TNS Nipo constateerde tussen 2008 en 2012 al dat Nederlanders steeds minder positief zijn gaan denken over vuurwerk. Diverse recente onderzoeken staven dat beeld. Een meerderheid van de Nederlanders ziet een centrale vuurwerkshow, door de gemeente georganiseerd, wel als alternatief voor zelf afgestoken vuurwerk. Vorig jaar organiseerde 4 procent van de Nederlandse gemeenten zo’n show; dit jaar pakken grote steden als Amsterdam, Rotterdam en Den Haag weer uit.