Hij maakt gelukkig niet meer mee hoe het nu is

Elke carrière kent wel een leermeester. Voor kweker Hans Couwenberg (52) is dat zijn vader Gerrit.

‘Als ik ’s middags uit school kwam, drukte m’n vader me een bezem in mijn hand. Er was altijd wel iets te vegen op zijn bloemenkwekerij in Eindhoven. Ik wilde vaak niet meehelpen. Liever speelde ik buiten met vriendjes, maar het werk moest gebeuren. Hij kweekte vooral rozen: intensief werk, dat steeds meer moeite kostte door zijn hernia. Met mijn broers en zussen werkte ik daarom mee op de kwekerij.

„Toen ik op school een richting mocht kiezen, wist ik één ding zeker: niets met bloemen. Ik ging naar de lts (voormalig vmbo), waar ik bezig was met stroomdraden en soldeerbouten. Op mijn zeventiende merkte ik dat ik jaloers naar een van m’n broers keek. Hij zat op de tuinbouwvakschool. Toen ik het mijn vader vertelde, reageerde hij positief. Ik begon meteen met de bloemenvakschool.

„Naar een leerwerkplaats voor de vakschool hoefde ik niet lang te zoeken: vier dagen bij m’n vader in het bedrijf. Hij leerde me rozen kweken. Het moeilijkste vond ik de bewatering, bij te weinig water gingen ze slap hangen. Dat was een probleem, want die rozen kreeg je niet meer goed. Te veel water was ook niet goed: dan konden de wortels zich niet goed ontwikkelen en dat zorgde voor een slechte kwaliteit rozen. Langzaam kreeg ik er gevoel voor.

„Van mijn vader leerde ik ook dat de opbrengsten in juli en augustus altijd slecht waren door de zomervakantie. ‘Raak er niet van in paniek’, zei hij dan, ‘in september en oktober halen we dat zeker weer in’. Ieder jaar kreeg hij gelijk. Dat veranderde toen ik mijn eigen kwekerij startte met anjers en andere bloemen. De zomeromzet werd elk jaar slechter en in het najaar konden we dat steeds minder goed rechtzetten.

„Het probleem is dat de markt is opengegooid voor buitenlandse bedrijven. Ik kan niet concurreren met bloemen uit bijvoorbeeld Zimbabwe. Die zijn sowieso goedkoper en niet per se van mindere kwaliteit. Mijn vader is tien jaar geleden gestorven. Hij maakt gelukkig niet meer mee hoe het nu is in de bloemenhandel. Ik heb inmiddels een bijbaan in een heel ander vakgebied. Ik moet wel, anders kom ik niet rond.”