Het jaar waarin Europa weer een instabiel continent werd

Oekraïnecrisis ontwikkelde zich tot de ernstigste Oost-West-confrontatie in decennia, zegt Juurd Eijsvoogel.

Hoe ingrijpend de situatie in Europa dit jaar is veranderd, wordt pas langzaam in volle omvang duidelijk. De breuk met Rusland markeerde 2014 – en zal nog jaren gevolgen hebben voor de strategische calculaties op het continent. De Oekraïnecrisis is niet alleen een Europese crisis geworden, maar ook de ernstigste Oost-West-confrontatie in decennia. De NAVO staat weer tegenover Rusland.

Toen op 17 juli vlucht MH17 boven het oosten van Oekraïne werd neergehaald, was de crisis al hoog opgelopen. De ramp betekende een dramatische escalatie van het conflict. De enorme schok had aangegrepen kunnen worden om juist te proberen de crisis te bezweren. Dat gebeurde niet.

Alle 298 inzittenden van het vliegtuig kwamen om het leven, onder wie 196 Nederlanders. Moskou had zijn verbondenheid met het zwaar getroffen Nederland kunnen tonen, bijvoorbeeld door zich in te spannen voor een onmiddellijk staakt-het-vuren ter plaatse. Dat had de bergingswerkzaamheden geholpen en het zou een elementair menselijk gebaar zijn geweest. Rusland had er zijn goede wil mee kunnen tonen, na alles wat er de voorgaande maanden was gebeurd – van de annexatie van de Krim tot de gewelddadige destabilisatie van het oosten van Oekraïne.

Nederland en Rusland mogen nog zulke nauwe economische en financiële banden hebben, de regering van president Poetin liet Nederland in dit uur van zijn nood aan zijn lot over – waardoor het weken duurde voor de stoffelijke resten van de MH17-slachtoffers waren geborgen.

Hoe en door wie het vliegtuig is neergehaald is nog altijd niet met zekerheid vastgesteld, maar alleen al met zijn opstelling kort na de ramp heeft Rusland Nederland en ook andere landen, waaronder Europa’s grootmacht Duitsland, diep geschokt.

Hoe pijnlijk dat alles ook was, fundamenteler voor de verwijdering tussen Rusland en het Westen, inclusief de Verenigde Staten, was iets anders: met de inlijving van de Krim en de militaire inmenging in Oekraïne schond Moskou verdragen en afspraken die decennialang de veiligheid en stabiliteit op het Europese continent hadden gegarandeerd.

Wat waren zulke afspraken over het respect voor elkaars grenzen nu nog waard? Waar zou dit scenario zich nog kunnen herhalen? Die zorgen werden extra acuut omdat Poetin herhaaldelijk benadrukte dat hij overal Russische minderheden die zich bedreigd voelen, te hulp zal komen.

In reactie is de NAVO een heel andere organisatie aan het worden dan ze de afgelopen decennia was. Na een periode waarin missies buiten het eigen grondgebied vooropstonden, heeft verdediging van de eigen lidstaten nu weer prioriteit, net als in de jaren van de Koude Oorlog.

Dat geeft een compleet andere lading aan het NAVO-lidmaatschap: het betekent niet meer naar keuze deelnemen aan een oorlog in een ver land, maar verplicht pal staan voor het grondgebied van bondgenoten, zoals het NAVO-handvest voorschrijft. In plaats van twijfelen over deelname aan een missie naar Afghanistan, zo nodig meteen in actie komen of zelfs sterven voor Riga of Tallinn. Dat een aanval op één lidstaat wordt beschouwd als een aanval op alle lidstaten, is immers de kern van de NAVO.

Afschrikking is zo weer een cruciaal element geworden bij het voorkomen van oorlog. En geloofwaardige afschrikking kan niet zonder een stevige krijgsmacht – naar verwachting zal de Oekraïnecrisis een eind maken aan de jarenlange dalingen van Europese defensiebegrotingen. Afschrikking wordt ook ingezet aan Russische kant: toetreding van Oekraïne tot de NAVO is onacceptabel, waarschuwt Moskou. Eerdere uitbreidingen van de NAVO zouden het land al genoeg hebben vernederd.

Duitsland heeft intussen zijn schroom om een leiderschapsrol in Europa te spelen in deze crisis afgeworpen. Angela Merkel heeft zich tot dé tegenspeler van Poetin ontpopt, die de Europese Unie op één lijn heeft gehouden bij de instelling van sancties. Tegelijk blijft ze zoeken naar een politieke uitweg uit de bittere confrontatie. Want Duitsland is er diep van doordrongen dat het grote Rusland ligt waar het ligt, op het Europese continent, en dat Rusland en de rest van Europa elkaar nodig hebben en een manier moeten vinden om met elkaar te leven.

De tijd kan niet worden teruggedraaid, de gebeurtenissen van 2014 hebben een nieuwe werkelijkheid geschapen. Zo was Oekraïne van oudsher sterk verdeeld over de wenselijkheid van toetreding tot de NAVO. Nu niet meer. Met overgrote meerderheid trok het parlement in Kiev vorige week een wettelijke bepaling in waarin was vastgelegd dat het land zich internationaal aan geen van beide ‘blokken’ zou binden. Zo is nu, tot woede van Moskou, de deur naar NAVO-lidmaatschap iets verder opengezet.

Of het land ooit tot het westerse bondgenootschap zal kunnen toetreden, is sterk de vraag. Veel lidstaten zijn er niet van overtuigd dat hun belang, of de stabiliteit in Europa, ermee gediend zouden zijn.

Zicht op een duurzame oplossing voor Oekraïne, en dus voor dit veel bredere conflict, is er voorlopig niet. Het wederzijdse wantrouwen dat het afgelopen jaar heeft voortgebracht, kan nog jaren zorgen voor grote onzekerheid en instabiliteit in Europa.