Ombudsman tikt Teeven op de vingers in kwestie gratieverzoek

De Nationale ombudsman heeft gisteren staatssecretaris Teeven (Justitie, VVD) op de vingers getikt. De ombudsman verklaart de klacht van de levenslang gestrafte Loi Wah C. over de behandeling van zijn gratieverzoek op alle onderdelen gegrond. Ook verwijt de ombudsman Teeven „onwil” bij de toepassing van de rechtspraak van het Europees hof voor de rechten van de mens (EHRM ).

C. is in 1989 tot levenslang veroordeeld voor de moord op een gezin van vier. Hij heeft in april 2012 verzocht om gratie. In juni 2014 wees Teeven het gratieverzoek af.

In essentie gaat het conflict over de vraag of levenslang gestraften zicht moeten hebben op terugkeer in de maatschappij, en of de staat verplicht is daaraan bij te dragen door reïntegratieactiviteiten aan te bieden. Teeven vindt dat levenslang ook echt levenslang is, en dat deze gevangenen niet in aanmerking komen voor reïntegratieactiviteiten.

Het EHRM heeft bepaald dat ook levenslang gestraften een mogelijkheid tot herziening moeten krijgen. Daarbij moet volgens het hof worden beoordeeld of het resocialisatieproces tijdens de detentie zo goed is verlopen, dat een voortzetting van de straf op grond van de strafdoelen niet langer gerechtvaardigd is.

Het gerechtshof in Den Haag, dat over alle gratieverzoeken advies moet uitbrengen, heeft uit de EHRM-uitspraak geconcludeerd dat de staat verplicht is resocialisatie aan te bieden. Het advies van het hof was voorlopig, omdat het niet kon beoordelen hoe het stond met de resocialisatie van C. omdat hem nooit reïntegratieactiviteiten waren aangeboden. Het hof gaf Teeven de opdracht om hiermee te beginnen. Dat advies legde Teeven naast zich neer. Hij wees het gratieverzoek af.

C.’s klacht bij de ombudsman is tweeledig. Teeven had zijn verzoek niet mogen afwijzen zonder definitief advies van het hof. Ook vindt C. dat de procedure te lang heeft geduurd.

Over het eerste punt had de kortgedingrechter C. in september al gelijk gegeven. Het gevolg is dat C. direct tot resocialisatie moest worden toegelaten. Daarom verklaart de ombudsman de klacht op dat punt gegrond. Ook vindt de ombudsman dat het gratieproces te lang heeft geduurd.