Grieken gaan weer stemmen, en Europa kijkt bevreesd toe

Het stelselmatig vervalsen van financiële cijfers was mede de oorzaak van de financiële crisis waarin Griekenland vijf jaar geleden werd gedompeld, en die impact had op alle landen in de eurozone. Sindsdien tracht Griekenland op te krabbelen en kreeg het de steun van de trojka van Europese Unie, Europese Centrale Bank en Internationaal Monetair Fonds. Onder de voorwaarde van hervormingen kreeg het land leningen. Intussen werd de ‘gewone Griek’ hardhandig geconfronteerd met de gevolgen van jarenlang tekortschietend beleid van achtereenvolgende regeringen. Met een schrikbarend hoge werkloosheid tot gevolg, die dan wel is gedaald maar nu nog altijd meer dan 25 procent bedraagt. En met de armoedeverschijnselen waarmee een diepe economische crisis gepaard gaat.

Ondanks een nog altijd schrikbarend hoge staatsschuld leek het erop dat de Griekse economie het dal had bereikt en langzaam de weg omhoog aan het beklimmen was. Of die route wordt vervolgd, is sinds gisteren onzeker. Voor de derde achtereenvolgende maal kreeg de door het kabinet-Samaras voorgedragen presidentskandidaat Dimas in het parlement niet de benodigde stemmen, ook al stemde wel een meerderheid op hem. Een vreemde kronkel in de Griekse Grondwet gebiedt dan het uitschrijven van vervroegde parlementaire verkiezingen. Al in januari worden ze gehouden.

Daar kijken Europa en de andere schuldeisers – Europa heeft bijna 90 procent van de staatsschuld te goed – met angst en belangstelling naar. Gevreesd: Syriza, een coalitie van radicaal-linkse partijen die nu de tweede van het land is, wint de verkiezingen, gaat regeren en eist heronderhandelingen, vooral over die schuld.

Mocht het zover komen, dan heeft de Griekse kiezer gesproken – en dan is dat de nieuwe werkelijkheid. Op zichzelf is het niet zo vreemd dat de Grieken wensen af te rekenen met de ‘oude’ partijen, zoals de conservatieve Nieuwe Democratie, de partij van Samaras. De sociaal-democratische Pasok ondervond dat al eerder.

Een van de schrikbeelden is een ‘Grexit’: het vertrek van Griekenland uit de eurozone. Maar zo schrikbarend hoeft dat niet meer te zijn: de euro kan dat stootje nu beter hebben dan aan het begin van de crisis. Vooralsnog kan de trojka zich de houding permitteren dat er met Griekenland afspraken zijn gemaakt en dat de komst van een nieuwe regering geen reden is om die te herzien. Ook en vooral omdat Europese politici kiezers in hun landen herhaaldelijk hebben voorgehouden dat het ‘maar’ leningen waren die ze de Grieken hebben verstrekt, en dat die dus terugbetaald zullen worden. Maar het moment waarop de realiteit gebiedt te zeggen dat dit standpunt niet voor 100 procent te handhaven is, komt wel dichterbij.