Voor zenboeddhist Shimano was seksueel misbruik ‘a way of life’

Afbeelding van de Dai Bosatsu Zendo- tempel buiten Manhattan.

Bij seksueel misbruik binnen religies is de associatie met het misbruik binnen de katholieke kerk snel gemaakt. Je denkt niet zo snel aan het boeddhisme. In een artikel in The Atlantic betoogt Mark Oppenheimer dat het misbruik binnen het zenboeddhisme niet alleen vele malen groter is, maar ook veel banaler.

Komt seksueel misbruik binnen andere religies niet voor of is het gewoon nog een blinde vlek? Tot nu toe horen we nog weinig over misbruik onder leiders van andere geloven. Maar de vraag is of het misschien niet wat onwaarschijnlijk is om te denken dat seksueel misbruik alleen maar voorbehouden is aan de katholieke kerk.

Het artikel van Oppenheimer, dat onderdeel is van een e-book, spreekt wat dat betreft boekdelen. Bij boeddhisten denk je eerder aan vriendelijk uitziende, vredelievende, kale monniken in een seksloze jurk dan aan achterkamertjes waar de geestelijken hun fysieke lusten botvieren. Maar dat is kennelijk het plaatje aan de buitenkant. Veel zenleiders zijn de afgelopen jaren beschuldigd van seksueel misbruik, intimidatie of het verleiden van hun volgelingen meldt de auteur.

Oppenheimer beschrijft hoe vier belangrijke zenpriesters die in de jaren 60 uit Japan naar de VS kwamen een grote gemeenschap van zenboeddhisten in Amerika stichtten. Drie van hen zijn in de nadagen van hun priesterschap beschuldigd van seksueel misbruik. Een van hen, Eido Shimano, licht Oppenheimer in zijn artikel in het bijzonder uit. Hij kwam als berooide monnik in Manhattan aan en wist allerlei voorname en rijke New Yorkers aan zich te binden als volgelingen. Met dank aan miljoenen dollars van de weduwe van de uitvinder van de Xerox-kopieermachine kon hij een appartement betrekken aan de statige Upper East Side in New York en een tempel laten bouwen buiten de stad.

Shimano ontbood vrouwen

De auteur zocht verschillende slachtoffers op van Shimano. In een interview met Shimano erkent de geestelijk leider ook dat hij seksuele contacten heeft gehad met verschillende van zijn leerlingen. Maar volgens de priester heeft hij daarmee geen enkel kwaad verricht. Sterker, hij heeft ze misschien wel ‘een dienst bewezen’. Oppenheimer denkt dat het gedrag van Shimano misschien wel valt te verklaren uit de leer van het boeddhisme: het boeddhisme denkt niet in termen van goed of kwaad. Volgens sommige zenboeddhisten zou er binnen het boeddhisme geen verbod zijn op ontucht, overspel of promiscue gedrag.

It is a matter of much debate how sexually chaste or continent a Buddhist is supposed to be. The Buddha probably had many lovers, but he is said to have counseled against “sexual misconduct,” a vague prohibition that is open to wide interpretation.

Niettemin heeft Shimano volop misbruik gemaakt van zijn machtspositie, schrijft Oppenheimer. Als geestelijk leider ontbood hij sommige leerlingen om geregeld seks met hem te hebben, soms zelfs terwijl zijn vrouw zich in de kamer naast hen bevond. En zijn gemeente beschermde hem gedurende vier decennia. Totdat een volgelinge besloot het zwijgen over haar relatie met hem te doorbreken en contact legde met The Atlantic. Shimano ging uiteindelijk met vervroegd pensioen, maar liet zijn gemeente bijna failliet achter. Het bestuur heeft hem hiervoor aangeklaagd; Shimano eist van het bestuur op zijn beurt weer achterstallig pensioengeld. Ook de boeddhistische liefde en vredelievendheid kennen blijkbaar hun grenzen.

Lees de cover-up van het misbruik door Shimano in het artikel (15.581 woorden) The Zen Predator of the Upper East Side bij The Atlantic (leestijd 62 minuten).