Mentaliteit is ook een vorm van talent

Jan Blokhuijsen won vorig jaar het EK, Koen Verweij het WK allround. Maar in Thialf kregen de ploeggenoten een harde les topsport van Sven Kramer.

Jan Blokhuijsen meldde zich af voor de 10.000 meter. „Wat heb ik hier te zoeken?” Foto ANP

Om even over half vier staat Koen Verweij schamper lachend naast zijn coach Jan van Veen in de catacomben. Zijn dit de verschillen op de tien kilometer, mag hij 28 tellen verliezen op Jorrit Bergsma om derde te worden en zich te plaatsen voor het EK? Vooruit, dan wil hij de slotafstand wel rijden. Al heeft hij vlak daarvoor op het middenterreintegen de NOS-radio gezegd dat hij hooguit zal rijden „om zijn sponsorverplichtingen te vervullen”. Hij knapt het wel op, „als anderen dat niet doen”.

‘Anderen’ is in dit verband enkelvoud. Zijn ploeggenoot Jan Blokhuijsen staat om vijf over half vier voor de vaste camera van de NOS in woord en gebaar heftig te discussiëren met coach Van Veen. Na een dramatisch slechte 1.500 meter trekt hij zich terug voor de tien kilometer, de afstand waarop hij eerder dit seizoen bij de NK afstanden al eens tijdens de race zomaar opgaf. Een kruisiging is minder erg dan in zijn beroerde vorm de tien kilometer schaatsen, grapt hij wrang. „Ik rijd achteruit.”

Om tien voor zes komt Van Veen de tunnel onder de ijsbaan uit. Vanaf het middenterrein heeft de geplaagde coach van de Corendon-ploeg de ereronde gezien van Sven Kramer – die voor de zesde keer het NK allround heeft gewonnen – en diens ploeggenoot Wouter Olde Heuvel, knap tweede. Wat een contrast met zijn eigen schaatsers. De diskwalificaties van Marrit Leenstra en Marije Joling, een tegenvallende Renz Rotteveel (zevende). Maar vooral: zijn dure kopmannen konden geen moment de strijd aan met Kramer.

Verweij sleepte er met zijn vechtersslag op de tien kilometer nog net een derde plek uit, goed voor plaatsing voor de EK. Maar zelf gaat hij liever hard trainen om terug te komen op zijn oude niveau. Het seizoen van Blokhuijsen – die tobt met materiaal, techniek en conditie – lijkt nu al over.

Nog maar een jaar geleden braken ze door als kampioen. Blokhuijsen schitterde met de Europese titel, olympisch zilver (vijf kilometer) en goud (ploegachtervolging). Verweij won de wereldtitel allround, naast goud (ploeg) en zilver (1.500) in Sotsji. Twee West-Friese schaatsidolen, eindelijk opvolgers voor Kramer. Halverwege de zomer werden de twee ook nog eens ploeggenoten, toen Verweij van TVM overstapte naar Corendon. Herenigd onder trainer Van Veen, die hen ooit sterk maakte in Jong Oranje. Samen aan de top? „Bij ons is één en één geen twee”, concludeerde Blokhuijsen in Thialf.

Al in de zomer ging het mis. Blokhuijsen, leider van de ploeg, tobde met zijn motivatie. En juist toen kwam ineens Verweij erbij, met ook al maanden trainingsachterstand en bovendien kilo’s extra. Twee potentiële kopmannen, met één verschil: Verweij gaf vooraf aan dat hij dit seizoen extra tijd nodig zou hebben om zijn topvorm te halen. Blokhuijsen werd geacht er ‘gewoon’ te staan bij de grote wedstrijden.

Wat een contrast met Kramer, die het van de zomer ook zwaar had. Ernstige gezondheidsproblemen na een operatie aan zijn luchtwegen, coachwissel van Gerard Kemkers naar Jac Orie. „In mei en juni heb ik alleen maar achteraan gezeten”, vertelde hij gisteren. „Daar word je chagrijnig van.” Maar hij ging door en was precies op tijd in vorm om er bij de NK afstanden in november te staan. Van daar bouwde hij zijn conditie verder op.

Blokhuijsen plaatste zich bij dat NK op geen enkele afstand voor de wereldbeker. Verweij lukte dat wel. Vanaf dat moment begonnen hun wegen uiteen te lopen. Blokhuijsen bleef in Nederland, Verweij offerde zich in het ploegbelang wel op om de wereldbekers in Azië te rijden en mocht vervolgens als beloning op trainingskamp naar Lanzarote. De ‘selfie-koning’ twitterde plaatjes van zijn gebruinde lijf.

In het kamp Kramer keken ze in de aanloop naar de NK in Thialf gniffelend hoe Blokhuijsen wanhopig in z’n eentje tempo’s probeerde te trainen. Met z’n drieën ging dat Kramer, Olde Heuvel en Douwe de Vries stukken beter af. „Ik ben me terdege bewust van de kracht van het team”, zei Kramer na zijn titel. „Je moet zorgen dat je de juiste mensen om je heen hebt om het beste uit jezelf te halen.”

Blokhuijsen maakte na zijn negende plek op de NK van zijn hart geen moordkuil. „We zitten met z’n allen in de ‘mongolenwaaier.” Of hij nog vertrouwen heeft in coach Van Veen? Het antwoord liet lang op zich wachten. „Daar ga ik geen uitspraken over doen.” Verweij staat klaar om het kopmanschap op zich te nemen. „Ik ben de enige die er hier staat.” Liever dan een EK te rijden, wat de sponsor graag zou willen, richt hij zich op zijn ‘piekmoment’: de 1.500 meter bij de WK afstanden in februari. De toekomst van de ploeg? „Je moet het zoeken in andere begeleiding, strakker. Als het scherper is, gebeurt dit niet.”

De laatste les voor het gekwelde duo komt van kampioen Kramer. „Mentaliteit is ook een vorm van talent. Fit en gemotiveerd blijven is ook een wedstrijd. Het is niet alleen dat ene weekendje.”