Haal WordPerfect terug: lofrede op de prikkelvrije tekstverwerker

WordPerfect 5.1 was goed, die eenvoud missen we nu. Weg met de tekstverwerker die uit zichzelf aan de slag gaat, vindt Herman Vuijsje.

Het is zo ver, het is gedaan. Steeds heb ik dit moment voor me uit kunnen schuiven, nu heb ik het nakijken. Het blauwe beeld op mijn scherm zit muurvast, zelfs mijn geniale computermacher krijgt er geen beweging meer in.

Precies vijfentwintig jaar geleden kwam het op de markt: WP 5.1, het succesvolste tekstverwerkingssysteem van WordPerfect. Het was de laatste WP-versie onder MS DOS, vóór de introductie van Windows, dat met Word veel meer mogelijkheden ging bieden dan tekstverwerken alleen. WP probeerde bij te blijven door halfslachtige imitaties op de markt te brengen maar kwam de klap nooit te boven.

Windowsgebruikers waren praktisch tot Word veroordeeld. Een oppassend Wordgebruiker morde dan ook niet als zijn concentratie werd verstoord door ongevraagde pop ups, liet zich kleineren door een maffe pratende paperclip en slikte onverklaarbare veranderingen in regelafstand, font, lettergrootte, tabs en opsommingstekens voor zoete koek.

Niets van dat al bij WP 5.1. Op het blauwe scherm leidde niets de aandacht af en werd niets gevraagd of opgedrongen. Alleen de tekst en niets dan de tekst! De schaarse lay-outkeuzen die daarbij onontbeerlijk waren, kon iedere sukkel beheren op het ‘onderwaterscherm’ dat alle codes en tekstaanwijzingen liet zien.

Daarom bleef ik WP trouw zo lang het kon. Opdrachtwerk in Word, maar zodra ik iets moois wilde opschrijven: WP! Wel ging ik me mettertijd een beetje voelen als Remco Campert, die zweert bij zijn oude schrijfmachines: „Ik heb een voorraad linten waar ik tot ver na mijn dood uit kan putten. Soms laat ik een jongmens toe in mijn werkkamer. Lichtjes verbijsterd ziet hij mijn werkapparaten staan. Het zijn machines om te schrijven, leg ik uit.”

Ook op de gezichten van mijn eigen bezoekers zag ik onbegrip en meewarigheid om de voorrang strijden als ze het blauwe scherm in de gaten kregen. Opgetrokken wenkbrauwen bij jongeren, bij ouderen opgekrulde mondhoeken. Maar bij degenen die zelf nog met WP hadden gewerkt, bespeurde ik soms ook een lichte hebberigheid, of zelfs afgunst. Alsof ik er vandoor was gegaan met dat meisje waar iedereen verliefd op was, terwijl zij zelf door het leven gingen met de dochter van de kruidenier om de hoek vanwege de betere vooruitzichten.

„Wedstrijdje doen?”, vroeg ik als ik die blik opving. „We redigeren allebei hetzelfde stuk tekst, ik in WP, jij in Word. Honderd gulden zet ik erop dat ik eerder klaar ben.” Niemand ging er ooit op in.

Iedereen die schrijft, weet: het instrumentarium dat daarbij te pas komt, is veel meer dan een puur technische voorziening. Het moet een vriend zijn die rust en vertrouwen schenkt. Een moederhand die je zachtjes voortduwt, ook waar je eigenlijk niet dorst te gaan.

WP 5.1 is zo’n moederhand. Of, om in instrumentele termen te blijven: een Zwitsers padvindersmes. Unieke combinatie van vernuft, eenvoud en gemak. Terwijl je bij Word om een appeltje te schillen eerst moet laten weten welk schilpatroon je kiest en hoe dik de schil moet zijn. Waarmee je overigens niet voorkomt dat je mes ieder moment om onnaspeurlijke redenen kan dichtklappen om plaats te maken voor de tandenstoker, of onverhoeds in de kurkentrekkermodus schiet.

WP is ook te beschouwen als het groene laken van de chirurg, waarmee hij het lichaam van de patiënt afdekt zodat alleen die plek zichtbaar blijft waarop hij zich tijdens de operatie moet concentreren.

Maar het beste laat een tekstverwerker zich vergelijken met de ruimte waarin je je begeeft om de woorden te laten stromen. „We vonden het wel fijn dat het er zo smakeloos was,” schreef Jessica Durlacher vorig jaar over de flat die zij en haar echtgenoot in Los Angeles hadden gehuurd om er te schrijven. „Het droeg bij aan het gevoel ontslagen te zijn van alle verplichtingen, van niets te hoeven, op schrijven, een beetje ademen en nadenken na.”

WP is ook zo’n huis. Het is je schrijvershuisje achter in de tuin. Of met uitzicht op zee, zo’n uitzicht waarin niets gebeurt. Je zit er ver van de crowd en de cloud. Het huisje is niet groot maar voorziet in alle basisbehoeften. En dat is genoeg, want andere behoeften heb je niet! Wie wil schrijven, zoekt rust en overzichtelijkheid en heeft aan toeters en bellen een broertje dood.

En Word? Dat lijkt, zoals veel Windowsprogramma’s, met zijn stortvloed van prikkels, opties en pop ups meer op een lunapark. Zo’n kermisattractie met overal bewegende trappen en schelle muziek. Bij elke binnenkomende mail een piepje van Outlook. Ook status updates van sociale media als LinkedIn en Facebook staan standaard ingeschakeld. Hup, daar gaat je concentratie iedere keer.

Geef ik me met deze jeremiade bloot als tekstverwerkingsmastodont? De wereld wordt nu eenmaal steeds complexer, we moeten meer keuzen maken en flexibel zijn. Is mijn WP-trouw een uiting van conservatisme en nostalgie? Misschien, maar het kan geen kwaad ook op een paar andere ontwikkelingen te wijzen. Op ieder gebied van het leven rijst het aantal keuzemogelijkheden de pan uit. Sommige psychotherapeuten verklaren de toename van het aantal depressiegevallen onder jongeren uit dit bombardement van keuzeopties. Vroeger werden mensen depressief door te weinig keuzen, nu door te veel.

Een zinvol leven leiden betekent, hoe je het ook wendt of keert: beperkingen aanvaarden. Slagen we daar niet in en stellen we ons bloot aan steeds weer nieuwe keuzeverleidingen, dan worden we als de cafébezoeker die steeds opnieuw kijkt naar wie er binnenkomt, zonder aandacht voor degene met wie hij staat te praten.

Beperkingen aanvaarden? Het is meer dan dat. In een wereld waarin je op ieder moment alle denkbare informatie krijgt opgedrongen, zul je die beperkingen zelf moeten aanbrengen. Ook, of juist, jongeren zijn wanhopig op zoek naar prikkelvrije plekken en periodes. Een hele serie apps heb je daarvoor tegenwoordig. ‘Freedom app’ heet eentje toepasselijk: door je eigen internettoegang tijdelijk te blokkeren, schenkt deze app je vrijheid. De vrijheid om te doen wat je eigenlijk wilt, die je jezelf had ontnomen.

Word vormt van deze vrijheidsstrijd een treffende metafoor. Want wil je die trappen van het lunapark stilzetten en de muziek dempen? Dan moet je afdalen naar de donkere krochten waar de machines van het lunapark staan opgesteld, om daar rond te dolen tot je de juiste knoppen hebt gevonden. En na een tijdje opnieuw, en daarna weer, omdat die machines steeds verplaatst worden en de knoppen veranderen.

Een koor van rauwe kelen stijgt dan ook op uit de diepten waar ontheemde schrijvers rondzwalken op zoek naar houvast. Max Pam moest bij terugkomst van vakantie vaststellen dat Google, MSN, Spotify, Skype, Adobe en Norton zijn afwezigheid te baat hadden genomen om te „knabbelen en knagen aan zijn computer en die geheel naar eigen inzicht opnieuw in te richten”. Maxim Februari merkte toen hij overstapte op Windows 8 dat het systeem aanstalten maakte zijn ‘vrienden’ voortaan van iedere toetsaanslag op de hoogte te houden. „Terwijl ik aan de andere kant over niets op mijn beeldscherm zelf nog zeggenschap heb: knoppen waarmee je van oudsher diensten of opties kon uitschakelen, zijn verdwenen.”

Word past naadloos in dit beeld. Zelfs mijn geniale computerfixer wordt er horendol van. „Bij Word 7 werd het leeslint onleesbaar, met minuscule lichtblauwe lettertjes op wit, en dat kon je niet veranderen. Bij Word 10 hebben ze alles weer helemaal omgegooid. Belt er iemand: ik kan niet bij m’n dit of dat, dan denk ik meteen: O god, welke versie heeft-ie?”

Er zijn ook andere ontwikkelingen die mijn voorkeur voor WP boven Word minder ouwelullerig maken dan je zou denken. Eigentijdse ontwikkelingen! Het toenemend belang van privacy, bijvoorbeeld. Hoe is dat te rijmen met het feit dat je, zoals mediahoogleraar José van Dijck het in deze krant uitdrukte, bij allerlei computertoepassingen „om een boodschap privé te houden, een extra knop moet indrukken?” Niet alles willen delen, gevrijwaard blijven van keuzeopties, is zelf een optie geworden.

En wat te denken van de toenemende aandacht voor zelfbeschikking en transparantie? De hele wereld staat bol van het streven naar openheid en communicatie. Die moeten ons helpen greep te houden op die steeds gecompliceerder werkelijkheid. Maar Word biedt geen openheid en inzicht zoals WP dat doet via het onderwaterscherm. Word kruipt weg en zadelt ons op met het bange gevoel dat we in een parallelwereld leven, in een grot waar we van de codes die ons leven bestieren slechts een schaduw opvangen.

Bovendien verlopen langetermijntrends als toename van complexiteit en keuzeopties niet eenduidig en regelmatig. Niet iedere stap in die richting is per definitie noodzakelijk en vreugdevol; niet alles wat mogelijk is, moet ook op stel en sprong worden doorgevoerd.

Dat softwarefirma’s dat wel doen, zegt minder over de onafwendbaarheid van voortgaande complicering dan over de belangen van die firma’s. „WP 5.1 was een optimaal systeem”, zegt mijn computerfaciliteur. „Een mooie, simpele oplossing die zo goed als klaar was. Je zou het zó opnieuw kunnen lanceren, met een paar nieuwe compatibiliteiten en aanvullingen. Maar ja, dan hoeven de klanten nooit meer iets nieuws te kopen. Er moet dus iedere keer een verandering komen en die zoeken softwarefirma’s in verdere complicering. Terwijl de mensen juist snakken naar vereenvoudiging.”

Hoe sneller de ontwikkelingen gaan, hoe meer tegenkrachten ze oproepen. Google WP maar eens en een golf van verlangen slaat je tegemoet. „Kan ik WP 5.1 niet terugkrijgen?” schrijft iemand. „Ik leerde hoe ik het moest gebruiken voordat ik leerde een ei te bakken, een cheque uit te schrijven of een bh te onthaken, en we hebben het allemaal prima gered zonder dáár iets van te updaten.”

Een Amerikaanse hoogleraar: „Er was alleen jij en het blauwe scherm, leeg totdat je begint te schrijven. Geen gedoe met een zee aan opties, geen uren verdoen met de lettertypes en opmaakformats die mijn studenten tegenwoordig in staat stellen om prachtige maar inhoudsarme werkstukken in te leveren.’

WP-spijtoptanten prijzen het voorwerp van hun verlangen als ‘puur’ en ‘elegant’ de hemel in. De een omschrijft WP als „een teug frisse digitale lucht”. De ander laat weten: „Ik wend me tot WP als ik last heb van een writer’s block. Die zacht helende blauwe achtergrond met die helder witte tekst maakt diep in mij iets los... en daar beginnen de woorden vanzelf te vloeien.” Niet iedereen is zo openhartig. Er zijn mensen die WP ‘stiekem’ blijven gebruiken. Logisch: voor je ’t weet krijg je te horen dat je terugverlangt naar kroontjespen en schrijfmachien.

Wie weet! Tien jaar geleden begon Scott McNeil vanuit een dorpje in North Carolina The Vintage Typewriter Shoppe. Zoals de naam van deze onlinewinkel al aangeeft, mikte hij op een nostalgisch publiek dat in een heuse Remington of Olympus een mooi hebbeding ziet.

Maar vijf jaar geleden gebeurde er iets opmerkelijks. Er kwam opeens belangstelling voor heel gewone, bruikbare machines. En nog gekker: klanten begonnen ook om linten te vragen. Die worden nergens meer gemaakt. „Sindsdien is mijn publiek helemaal veranderd”, schreef hij op zijn website. „Vijfentachtig procent van mijn klanten is nu onder de dertig.” Ze kopen de machines om er op te werken. McNeil is nu maar zijn eigen lintenfabriekje begonnen. Remco Campert hoeft dus geen linten meer te hamsteren, hij maakt nu deel uit van de less is more-beweging. Voor WP-diehards geldt hetzelfde. Weg van het opties- en keuzebombardement. Voorwaarts terug naar eenvoud en overzicht. Niet uit nostalgie maar omwille van de autonomie en de vrijheid.