Groene Alpen? Een economische ramp

In veel Oostenrijkse skigebieden ligt maar een paar centimeter sneeuw. Slecht nieuws voor wintersportdorpen als Kaprun, want als het niet sneeuwt, blijven de toeristen weg.

In het plaatsje Fendels, in de Oostenrijkse Alpen, waren de heuvels op Eerste Kerstdag nog helemaal groen. Foto Hollandse Hoogte

Geschlossen’, kondigt een bordje aan. De bus rijdt voorbij aan de eerste skilift buiten het bij Nederlanders zo populaire Oostenrijkse Kaprun. Alles is bedekt met een dun laagje sneeuw. Een paar centimeter, vrijdag gevallen. Het is de eerste sneeuw sinds oktober. Niet genoeg om de skibanen te openen: de sneeuwkanonnen die ’s nachts aanstaan kunnen er niet tegenop. De grassprieten steken overal nog bovenuit.

Kaprun is niet het enige wintersportdorp in de Alpen waar het tegenvalt. De sneeuwval komt laat. Nederland ligt plat als het een dag sneeuwt, hier is het andersom: Oostenrijk heeft sneeuw nodig. Terwijl de rest van de Europese economie door Kerst en Oud en Nieuw twee weken stilligt, had hier het toeristisch seizoen volop begonnen moeten zijn. Maar horeca, hotels, winkels en zelfs taxichauffeurs in en rond Kaprun hadden het vorige week rustiger dan normaal. Reisorganisatie Vrij Uit laat weten vorige week veel gebeld te zijn om wintersportvakanties te annuleren. Sommige reisorganisaties bieden sneeuwgarantie en boekten om.

De familie De Koos heeft meer geluk dan de lichting van de eerste vakantieweek. Op de Kitzsteinhorn-gletsjer, op twee- tot drieduizend meter, hebben ze sneeuw gevonden. Banen in de omgeving zijn nog gesloten, dus trekken toeristen hierheen. De Nederlanders gaan om het jaar met hun twee jonge kinderen op wintersport, samen zelfs meerdere keren per jaar. Dit keer hadden ze extra spelletjes meegenomen. „We zijn fanatieke wintersporters”, zegt Marc de Koos (48). Maar ook zij hadden nog niet eerder zo weinig sneeuw gezien in deze tijd van het jaar. De eerste dag was het nog groen.

Ze zijn hier niet de enige Nederlanders. Kaprun lijkt twee voertalen te hebben: Duits en Nederlands. Vorige winter was 13 procent van de wintertoeristen in de regio Nederlands. Niet gek, want Nederlanders houden van wintersport. Vorig jaar gingen we bijna een miljoen keer. Ruim de helft ging naar Oostenrijk. En we geven steeds meer uit: bijna 680 euro per vakantieganger.

Afhankelijk van toerisme

Euro’s die een belangrijke bijdrage vormen aan de economie van Kaprun. Hoewel het lokale toeristenbureau graag benadrukt dat er ook andere dingen in de omgeving te doen zijn (er is een meer, je kunt mountainbiken, hiken, naar de spa, en lekker eten), is Kaprun een typisch wintersportdorp. Van de après-ski op het centrale plein tot de Intersport, tot de hotels en pensions die hier het grootste deel van de woningen uitmaken. In de winter komen in Kaprun en het nabijgelegen Zell am See zo’n 1,2 miljoen bezoekers, elke bewoner heeft wel zijdelings met toerisme te maken.

Maar het gaat niet alleen om Kaprun. De economie van het land is, net als die van Zwitserland, sterk afhankelijk van toerisme, en dus van de grillen van het weer. 7,5 procent van de werknemers in Oostenrijk werkt in de toeristische industrie (zo’n 326.000 banen), het aandeel in de totale economie is haast even groot. Ter vergelijking: in Nederland vormt toerisme slechts zo’n 2 procent van het bbp. In 2012 werd in Oostenrijk 22,7 miljard verdiend aan toeristen. Het wintertoerisme is goed voor de helft daarvan. Elke sneeuwloze week is daarom problematisch, maar de eerste doet extra pijn. Alleen al van de Nederlandse wintersporttoeristen gaat een kwart in de kerstvakantieperiode.

Kaprun heeft nog geluk. Het heeft de gletsjer. „Daardoor is het hier soms extra druk als het elders niet sneeuwt”, zeggen ze trots bij het toeristenbureau. Maar het probleem is groter dan een enkele week waarin geen sneeuw valt. Het gebeurt steeds vaker dat het nog niet genoeg heeft gesneeuwd, zegt ook de familie De Koos. Steeds minder Nederlanders gaan de afgelopen jaren naar Oostenrijk. Het aantal bezoekers in Kaprun van winter 2012 op 2013 daalde met 3 procent.

Niet langer sneeuwgarantie

Door het skiën zelf wordt sneeuwgebied aangetast en door opwarming van de aarde sneeuwt het minder en later, worden gletsjers korter en stijgt de sneeuwgrens. Dat werd jaren geleden al geconstateerd, maar veel lijkt er niet veranderd. Problemen worden tijdelijk opgelost door hotels niet annuleerbaar te maken, sneeuw te garanderen, of miljoenen te investeren in nog betere nepsneeuwmachines en hogere skigebieden. De nieuwste opent eind komend jaar bij Kaprun. Maar de economische afhankelijkheid van toeval is nog niet ingeperkt. Wat er met een dorp als Kaprun gebeurt als ook de hogere gebieden niet langer sneeuw kunnen garanderen, is onduidelijk. De hoeveelheid zomerbezoekers hier weegt met ruim 700.000 nog lang niet op tegen het aantal in de winter.

In café Kennidi, in het centrum van Kaprun, zit het vol bij de lunch. Goulashsoep wordt hongerig naar binnen gewerkt. Nu wel. Vorige week kwamen de mensen niet omdat ze geen sneeuw zagen. „Maar nu is het oké hoor”, haast de bediening zich te zeggen. Tot de volgende sneeuwloze periode tenminste.