Rechter had vuurwerkverbod niet ongegrond mogen verklaren

De voorzieningenrechter in Utrecht (NRC, 20 december) oordeelde, dat de aanwijzing door het college van burgemeester en wethouders van Hilversum van een gebied waarin het verboden is vuurwerk af te steken, een onderwerp van openbare orde is. Derhalve is dit per definitie een bevoegdheid van de burgemeester. Wat ons betreft past de rechter hiermee de Gemeentewet verkeerd toe.

Handhaving van de openbare orde is op grond van artikel 172 van de Gemeentewet inderdaad de bevoegdheid van de burgemeester, met nadruk op ‘handhaving’. Het gaat dan dus om het herstel van een (mogelijke) verstoring van de openbare orde.

Via zijn verordeningen is de raad bevoegd regels te geven in het kader van de openbare orde, zodat voor iedereen duidelijk is wat men wel of niet mag. Bijvoorbeeld regels voor uitstallingen op de openbare weg.

Uitvoering van raadsbesluiten, waaronder raadsverordeningen, is een bevoegdheid van het college (art. 169 Gemeentewet). De burgemeester is alleen in beeld als de verordeningregels een specifieke bevoegdheid van hem raken. Een voorbeeld daarvan is dat de Gemeentewet de uitvoering van verordeningregels op het gebied van onder meer horeca uitdrukkelijk aan de burgemeester toekent.

Van een dergelijke exclusieve bevoegdheid van de burgemeester is in dit geval geen sprake. Het gaat wel om de openbare orde, maar niet de handhaving er van. Dus is er sprake van uitvoering van een raadsbesluit, wat een collegebevoegdheid is.

, raadsgriffier Huizen

Gerrit Klompenmaker,afdelingshoofd Omgevingsdienst Huizen