Dames

Denkend aan 2014 negeer ik de mannen. Zij staan al genoeg in het zonnetje, fluiten zich ongehinderd door alle podiumroutine heen, worden dik betaald voor hun prestaties. Tot brutale tegenspraak komt het zelden. Sport blijft een reservaat voor macho’s.

Dat moest maar eens afgelopen zijn in 2015: voorrang voor vrouwen in de media. Niet om de gloed van positieve discriminatie te botvieren, gewoon omdat de dames lang genoeg zijn geminoriseerd. Ik weet ook wel dat je in een jaaroverzicht niet langs Arjen Robben, Memphis Depay, Epke Zonderland en Lars Boom heen kunt, en juist daarom zijn jaaroverzichten zo bedrieglijk. Er is meer tussen hemel en aarde.

Bijna alle Europese televisiezenders hebben vrouwelijke verslaggevers in oorlogsgebieden. Kom in Nederland maar eens om een vrouw in een voetbalpanel. Jack van Gelder moet er niet aan denken in Studio Voetbal een feminien geluid te laten mee piepen met Co Adriaanse. Waarom eigenlijk niet? De segregatie van seksen in sportprogramma’s blijft ten hemel schreiend, vooral in voetbal en wielrennen. De emancipatie bij het schaatsen heeft zich trouwens ook nog niet voltooid.

Sportverslaggeving is structureel seksistisch.

De discriminatie berust op een misverstand: bekwame analytici moeten ervaringsdeskundigen zijn. Onzin. De beste coaches waren middelmatige voetballers. Denk aan Mourinho en Van Gaal. Ruud Gullit was een excellente speler, maar in Studio Voetbal betrap ik hem alleen maar op platitudes. Een vrouw aan tafel zou het incestueuze sfeertje van de mannenbroeders kunnen doorbreken. Vrouwen zien andere dingen in een wedstrijd, hebben een supplementair gevoel voor schoonheid. Dat gedoe over 3-5-2 hoeven zij ons niet uit te leggen nu het adagium van Jan Mulder ‘Fuck the system’ breed verspreid is.

In prestaties doen de vrouwen niet onder voor mannen. Dafne Schippers, Vivianne Miedema en Marianne Vos zijn kroonjuwelen van 2014. Hun signatuur is Hollandser dan die van Robben en Van Persie. De heren zijn al van de wereld, de dames nog niet helemaal.

Belangrijker dan een palmares is de vraag wie het afgelopen het jaar de meeste ontroering loswoelde. De nummer 1 was voor mij met verve Dafne Schippers. Van de zevenkamp naar sprintkanon op de 100 en 200 meter: pats boem Europees kampioen. De kranten hadden het meteen over de nieuwe Fanny Blankers-Koen. De naam Usain Bolt viel. Emoties als een Eiffeltoren: tranen bij het Wilhelmus, innige omhelzing van de tegenstand, en nog mooier: dromerige verwondering over zichzelf.

Atletiek is in Nederland een softenonkindje. Ook daarom ontstond bij de titel van de gracieuze Dafne Schippers in Zürich, een revolutionaire koortsopstoot. Aan alles voelde je dat de atlete meteen werd gemythologiseerd in de categorie Yvonne van Gennep en Inge de Bruijn. Als een sluipmoordenaar had ze haar persoonlijke records verpulverd.

Viviane Miedema dreigt ook cult te worden als de Oranjevrouwen straks op het WK in Canada schitteren. Haar klasse is vergelijkbaar met die van de Braziliaanse Marta. Zet Vivianne in de spits bij Feyenoord en het kampioenschap kan nog wat worden. Scoren als was het de wil om te doden: bij FC Bayern is ze nu al legende.

De vrouw die altijd recht van spreken heeft, is Marianne Vos. Haar prestaties waren dit jaar ietsje minder, mede door haar pelgrimage naar de UCI, maar Marianne blijft een vrouw voor de eeuwigheid. Ik werd duizelig toen ik haar titels weer op een rij zag staan. Vos is het sportmonster van Nederland, wel mooi en lief.

Eigenlijk is het diep treurig dat vrouwen in de sportwereld nog steeds ontdekt moeten worden.

2015 kan niet meer wachten.