Allergieën huisstofmijt zijn identiek

De belangrijkste allergeenopwekkende stoffen in de twee meestvoorkomende soorten huisstofmijt zijn over de hele wereld vrijwel hetzelfde.

Dat is anders dan deskundigen dachten. Uit eerdere genetische analyse was gekomen dat er veel variatie is. Daarbij zijn onbetrouwbare laboratoriumtechnieken gebruikt waarbij DNA slordig gekopieerd is, vonden onderzoekers van Pakistaanse, Russische en Amerikaanse universiteiten (PLOS ONE, 10 december).

Veel mensen gaan niezen of krijgen astma-aanvallen van huisstofmijten. Dat zijn microscopisch kleine diertjes die graag in bedden huizen. Ze eten liefst huidschilfers, maar ander stof is ook goed. De huisstofmijt is niet één soort. Er zijn er meer dan tien bekend. Dermatophagoides pteronyssinus en D. farinae komen het meest voor.

Ieder beestje heeft wel meer dan 30 verschillende eiwitten waar de mens allergisch op kan reageren, maar de nu onderzochte ‘Der f 1’ en ‘Der p 1’ overheersen. Die zitten ook in de gangbare allergietesten.