Kaal

Omdat ik al zo’n vijftig jaar langer dan twee meter ben, ken ik alle flauwe en minder flauwe grappen over mijn lengte wel zo’n beetje. Maar soms komt een nieuw pareltje langs.

Op een receptie was mijn lieve, maar echt kleine vrouw enthousiast in gesprek met een net zo kleine pensionado. Toen ik ernaartoe liep, zei ze tegen mij: „Dit is Michiel, die ken ik nog van vroeger.”

Waarop ik antwoordde: „Hallo, ik ben Jan.”

Michiels reactie: „Dag Jan. Word ik al kaal?”

Jan Klingen