Een laatste eerbetoon aan veertien bijzondere doden van 2014

Philip Seymour Hoffman overleed in februari dit jaar. Foto AP / Victoria Will

Er gingen dit jaar miljoenen mensen dood. Vrienden, familie. Mensen van wie gehouden werd. Daaronder waren ook personen van wie de invloed verder reikte dan hun naaste omgeving. Nrc.nl licht er net als vorig jaar een aantal uit. Dit zijn veertien bijzondere doden uit 2014.

Met: Robin Williams, Hugo Brandt Corstius, Leo Vroman, Sieb Posthuma, Gerrit Kouwenaar, Frankie Knuckles, Frans Brüggen, Els Borst, Wubbo Ockels, Seth Gaaikema, Ariel Sharon, Joe Cocker, Philip Seymour Hoffman, Gabriel García Márquez en alle slachtoffers van de MH17.

Robin Williams (63)

Robin Williams in 2011. Foto EPA

“Comedy can be a cathartic way to deal with personal trauma.”

In augustus overleed Robin Williams, de acteur en komiek die een rol speelde in de levens van ten minste twee generaties filmkijkers. Williams pleegde zelfmoord. Hij werd dood aangetroffen in zijn huis in Marin, in het noorden van Californië. De wereld was geschokt. Overal klonk lof voor Williams. President Obama gaf een officiële verklaring.

“Hij liet ons lachen. Hij liet ons huilen. Hij gaf zijn onmetelijke talent vrijelijk en genereus aan degenen die het het hardst nodig hebben – van onze troepen, ver weg gestationeerd, tot de gemarginaliseerden op onze eigen straten.”

Williams speelde in maar liefst 81 films: van comedy tot drama, van Flubber tot One Hour Photo. In 1998 won hij een Oscar voor zijn rol in Good Will Hunting, verder zou het bij nominaties blijven. De acteur stond bekend om zijn improvisatievermogen en excentrieke stemgeluid; hij was ook stemacteur, en eigenlijk, in de eerste plaats komiek. Zijn stand-up-shows gingen over politiek, seks, Hollywoodsterren, koninklijke huizen, de paus, alcohol, drugs.

Met die laatste twee thema’s tobde hij zelf. Hij had lange tijd problemen om cocaïne en alcohol de baas te blijven en sprak daar openlijk over. Ook had hij - de man die de wereld vrolijk stemde met komische typetjes en mooie rollen - last van zware depressies. Volgens zijn vrouw de reden voor zijn zelfmoord.

Lees ook:
Achter elke lach gaapte een zwart gat (€)
Acteur, komiek, filantroop. Vijf facetten uit het leven van Robin Williams

Hugo Brandt Corstius (78)

Hugo Brandt Corstius. Foto ANP / Ed Oudenaarden

“Alles wat ik schrijf is mooi. Als u wilt weten wat mooi is, moet u mij lezen.”

Hugo Brandt Corstius was zo’n beetje alles. Taalkundige, wiskundige, columnist, polemist, schrijver, recensent. En schreeuwlelijk, volgens schrijver Willem Frederik Hermans, die een essaybundel (titel: Malle Hugo) naar hem vernoemde. NRC-redacteur Arjen Fortuin typeerde Brandt Corstius in een necrologie als “een van de merkwaardigste mannen van Nederland”.

“Een schrijver die zag wat niemand anders opmerkte en en dat vervolgens kraakhelder opschreef. (…)Het werk van Brandt Corstius was zijn leven lang een uiting van volstrekte eigenzinnigheid. Die kon zich uiten in een verlangen om alle 676 omkeerbare woorden van het Nederlands op een rij te zetten, met zinnen als: ‘Baas, neem een racecar, neem een Saab’. Maar evenzeer in de meedogenloosheid waarin hij als columnist zijn tegenstanders te lijf ging.”

Brandt Corstius schreef onder meerdere synoniemen. Als Piet Grijs bijvoorbeeld in Vrij Nederland, als Stoker in de Volkskrant. Beroemd werd hij met zijn Opperlandse taal- en letterkunde, een eigenzinnige encyclopedie over taal. Toen hij in 1985 de PC Hooftprijs kreeg, wilde toenmalig minister van cultuur Elco Brinkman de prijs niet uidelen, omdat Brandt Corstuis “het kwetsen tot een instrument had gemaakt”. Brandt Corstius noemde dat “verrukkelijk”. Zijn laatste jaren recenseerde hij boeken voor NRC Handelsblad.

Zijn dochter Aaf schreef in de Volkskrant een column over haar vader.

“Mijn moeder was sinds mijn 6de dood, dus we hadden alleen hem. Hij was mijn god. Duizenden dwangneuroses ontwikkelde ik zodat hij niet zou sterven. Na mijn 18de werd ik woedend op hem. Na mijn 30ste zag ik wie hij was. Een vrolijke, grappige man die mij per ongeluk had gemaakt tot wat ik was: een zelfstandig mens.”

Lees ook:
Een Opperlander heeft geen last van de betekenis van taal (€)
Hugo Brandt Corstius: ik wil sterven op Mars (€)
Een Ikje van een oud-leerling van Brandt Corstius

Leo Vroman (98)

Leo Vroman in 1990 bij de opening van de tentoonstelling ‘Het Vroman-effect’ in het Letterkundig museum in Den Haag. Foto ANP

“Het schrijven van een gedicht is in feite naakt lopen met je hersenen.”

Uiteindelijk stierf Vroman eerder dan zijn grote liefde Tineke. Dat baarde hem zorgen; hij vroeg zich af hoe het haar na bijna tachtig jaar samen alleen zou vergaan. De vorige keer dat ze zo lang uit elkaar waren was tijdens de oorlog. Vroman wijdde veel gedichten aan die gedwongen eenzame jaren, die hij doorbracht in een Jappenkamp. Net als aan de dood. Hij dacht vaak aan de dood. En hij schreef er veel over.

Vroman was een man van bèta en van alfa. De dichter en de bioloog. Zijn gedichten verbinden zijn belangstelling in het lichamelijke, in de wetenschap, met zijn poëtische verwondering over de wereld en de taal. Als bioloog hield hij zich bezig met bloedstolling. Het ‘Vroman-effect’ is naar hem vernoemd: de herkenning van bepaalde bloedstollingsverschijnselen. Daar was hij erg trots op.

Onze boekenredacteur Arjen Fortuin was kort na zijn dood bij Tineke Vroman.

“De dood van Leo is de afgelopen dagen geleidelijk tot Tineke doorgedrongen. Haar geheugen ging de laatste jaren nog sterker achteruit dan de fysieke kracht van haar man. Al enige tijd hadden de Vromans permanente verzorging in hun appartement. Aan haar caretaker (thuiszorg) heeft Tineke een van de door Van Hengel meegebrachte necrologieën van Leo voorgelezen, van het begin tot het eind, in het Nederlands. Zittend op de bank met een deken over haar benen leest Tineke de rouwpost die ze aangereikt krijgt, maar ze zegt er niets over. “

Zijn laatste gedicht schreef Vroman twaalf dagen voor zijn dood.

Einde
Hij lijkt vast minder erg –
die lief bijeengebrachte
hoop spaanders van mijn gedachten –
op mij dan op een berg.
Waar zal die laaiende gestalte
van mij dan uit bestaan
en waar kwam die al te late
eerste vonk vandaan?

Documentaire over Leo Vroman en zijn vrouw Tineke:

Lees ook:
Zwijgend leest Tineke de rouwpost

Sieb Posthuma (54)

Tekenaar Sieb Posthuma met de Gouden Penseel 2009 voor zijn illustraties in ‘Boven in een groene linde zat een moddervette haan’. Foto ANP / Olaf Kraak

“Natuurlijk ken ik de donkere, zwarte kanten ook, maar ik kies het licht want dat biedt troost.”

Hij was illustrator, schreef boeken en bewerkte ze tot theatervoorstellingen. Het talent van Sieb Posthuma was niet niet terug te brengen tot één discipline, schreven redacteuren Paul Steenhuis en Thomas de Veen na zijn dood in NRC-Handelsblad.

“Posthuma was een wereldwijd geprezen illustrator, kinderboekenschrijver, ontwerper van theaterdecors en kostuums – een beeldend kunstenaar die zich niet beperkte tot één discipline, maar uit experimenteerdrift en ondernemerschap vele takken van sport uitprobeerde. Toch was zijn hand in al zijn werk herkenbaar: de klare lijnen, tweedimensionale voorstellingen, zijn stilering, ingetogen ironie en ‘lebensbejahende figuurtjes met forse neuzen’. En zijn kleuren. Zette hij kleur centraal, dan leverde dat zijn beste en dierbaarste werk op, zoals Een vijver vol inkt, de bundel kindergedichten van Annie M.G. Schmidt die hij in 2011 illustreerde.”

Voor dat boek won hij in 2012 een Gouden Penseel, zijn tweede. In 2009 won hij de prijs voor Boven in een groene linde zat een moddervette haan. In 2002 won hij voor Rintje een Vlag en Wimpel van de Penseeljury; in 2005 voor Peter en de Wolf. De Zilveren Penseel won hij in 2007 voor Feodoor heeft zeven zussen. Posthuma was behalve veelgeprezen en vooraanstaand in de kinderboekenwereld, ook erg geliefd. Zijn uitgeverijen organiseerden gezamenlijk een afscheidsdienst na zijn dood.

Twitter avatar JakobvanWielink Jakob van Wielink Soms
Is de wereld te groot.
Rust zacht, Sieb Posthuma.
@Querido_nl @gottmer http://t.co/9xU6Mwz4zT

Posthuma illustreerde ook voor volwassenen, onder meer voor NRC Handelsblad. Paul Steenhuis, chef van de cultuurredactie:

“Heel mooi vonden we – en toen we in 2001 ineens zonder kinderstrip op de Kinderpagina van het Cultureel Supplement zaten, kwam hij net langs om zo’n kleurige grotemensenillustratie te brengen. Zou jij geen tekeningen voor een vervolgverhaal op de Kinderpagina willen maken, vroegen we. Sieb was meteen enthousiast. Hij kon het zelf ook wel schrijven, zei hij: hij was bezig met verhalen over zijn hondje, Rintje. Zo begon, omdat hij toevallig even langskwam, een gelukkige 10-jarige relatie tussen de krant en Rintje. Het was zijn doorbraak als kinderboekenillustrator. Tussendoor tekende hij voor de Kinderpagina ook nog Het Bovenzeeërtje, over een visje dat boven zee wil kijken. Het werd een Gouden Boekje, en de inspiratie voor zijn Mr. Finney, het visfiguurtje waarover hij met Laurentien van Oranje boeken maakte.”

Over de omstandigheden van zijn dood zijn geen specifieke mededelingen gedaan. “Hij zag niet langer licht in zijn leven”, lieten zijn uitgevers alleen weten.

Lees ook:
De ingetogen ironie van een ambachtsman (€)

Gerrit Kouwenaar (91)

Gerrit Kouwenaar draagt voor tijdens de 26ste Nacht van de Poëzie in 2006. Foto ANP / Juan Vrijdag

“Poëzie is gestolde tijd.”

Met onder meer Lucebert en Hugo Claus vormde dichter Gerrit Kouwenaar de Vijftigers. Hij schreef tientallen bundels, won talloze prijzen. Ook zijn vertalingen van toneelstukken van onder meer Brecht en Sartre werden bekroond. Kouwenaar was een van de grootste dichters van de vorige eeuw. Misschien wel de allergrootste, schreven redacteuren Toef Jaeger en Arjen Fortuin in NRC Handelsblad:

“Hij won alle grote literaire prijzen, maar het duurde lang voor de algemene bewondering voor zijn werk overging in affectie. Vanaf de jaren negentig kwam er meer oog voor het gevoel in zijn werk – terwijl Kouwenaars poëzie zelf ook explicieter en toegankelijker werd. In de eerste uren na zijn dood gisteren bleek hoe algemeen de liefde voor zijn werk inmiddels was. De sociale media stroomden vol met Kouwenaarpoëzie en dichters van alle generaties betoonden hem eer.”

Een greep uit die prijzen: de Prijs der Nederlandse Letteren voor zijn gehele oeuvre, de VSB poëzieprijs voor zijn bundel De tijd staat open, de Martinus Nijhoff Prijs voor zijn toneelvertalingen. En de meest prestigieuze: de PC Hooftprijs voor zijn gehele oeuvre.

Tegen het einde van zijn leven schreef hij niet veel meer; hij had al jaren niet meer gepubliceerd. In een interview met NRC een jaar voor zijn dood, zei hij:

“Als ik in een optimistische bui ben, schrijf ik wel. Ik heb veel aanzetten. Maar als ik het dan teruglees, denk ik: ik heb het zelf geschreven, maar het lijkt wel een imitatie.”

Men moet

Men moet zijn zomers nog tellen, zijn vonnis
nog vellen, men moet zijn winter nog sneeuwen
men moet nog boodschappen doen voor het donker
de weg vraagt, zwarte kaarsen voor in de kelder
men moet de zonen nog moed inspreken, de dochters
een harnas aanmeten, ijswater koken leren
men moet de fotograaf nog de bloedplas wijzen
zijn huis ontwennen, zijn inktlint vernieuwen
men moet nog een kuil graven voor een vlinder
het ogenblik ruilen voor zijn vaders horloge –

Frankie Knuckles (59)

Frankie Knuckles, de officiële godfather van de house. Foto Steve Black / Hollandse Hoogte

The Godfather van de House werd Knuckles genoemd, en eigenlijk waren er maar weinig mensen die het daar niet mee eens waren. De house, ja zelfs de hele clubscene is aan Knuckles te danken. De bescheiden Knuckles werd geboren in New York, vlak voor de discohype. Als tiener begon hij al met draaien. Later verhuisde hij naar Chicago. Daar begon zijn carrière echt, in The Warehouse, de club waar housemuziek en ‘clubben’ ontstond. Hij mixte disco, soul en r&b met de drummachine, maakte eigen versies van bestaande nummers en liet mensen dingen horen ze nog nooit gehoord hadden. Hij ging meestal door tot acht uur ‘s morgens.

Twitter avatar RBMA RedBullMusicAcademy From the Warehouse to the White House. #RIPFrankieKnuckles http://t.co/wAXn669BBZ

Dancepionier Eddy de Clercq zei over het overlijden van Knuckles tegen nrc.nl:

“Met hem valt een van de steunpilaren van de house weg. Hij is de grondlegger van de vocale deep house. Het is een typisch New Yorks geluid. Wat hij maakte en draaide was een soort mellow house met veel vocalen en ook een soort latin groove, zoals je ook hoort bij The Masters At Work. Het is een sensuele stijl. Een nummer als Your Love is echt prachtig.”

Knuckles in The Warehouse in 1977, dat klonk zo:

Knuckles werkte samen met onder meer Michael Jackson en Diana Ross. Pas begin jaren 90 kreeg hij een platencontract. Op de plek waar The Warehouse stond, is een straat naam hem vernoemd.

Frankie Knuckles in Boiler Room:

Lees meer:
The house that Frankie Knuckles built
Zonder Frankie Knuckles geen house, waarom hij The Godfather was
The Warehouse, The place house music got its name
Frankie Knuckles, waiting on my angle

Frans Brüggen (79)

Koningin Beatrix reikt in Paleis Huis ten Bosch de Eremedaille voor Kunst en Wetenschap in de Huisorde van Oranje uit aan musicus en dirigent Frans Bruggen, in 2010. Foto ANP / Marcel Antonisse

“We accepteren slechts één excuus om af te haken: ziekte of dood”

De Nederlandse dirigent en blokfluitist Frans Brüggen was al enige tijd ziek toen hij in augustus op 79-jarige leeftijd overleed. Brüggen stierf vrijwel in het harnas; tot op het laatst stond zijn agenda nog volgepland met concerten. De laatste optredens dirigeerde hij vanuit een rolstoel. De oprichter en dirigent van het Orkest van de Achttiende Eeuw was een hartstochtelijk voorvechter van de authentieke muziekinterpretatie. NRC-redacteur en recensent klassieke muziek Mischa Spel:

“Na Gustav Leonhardt (1928-2012) overleed met Brüggen de tweede grote Nederlandse pionier van oude muziek, held van generaties musici en liefhebbers. Van meisjes die in de jaren zestig en zeventig een poster boven hun bed prikten van Brüggen met zijn smetteloze tennistrui, borende blik en glanzende haarlok, de beroemdste blokfluitist ter wereld.”

Op 21-jarige leeftijd werd Brüggen in 1955 docent blokfluit op het Haagse Koninklijk Conservatorium. Hij zou snel wereldberoemd worden en in 1969 begon hij daar een afdeling voor historische uitvoeringspraktijk. Brüggen behoorde tot de beweging van musici die vonden dat je muziek moet spelen op instrumenten uit de tijd waarin de muziek is gecomponeerd.

Volgens NRC-redacteur Merlijn Kerkhof, recensent klassieke muziek en afgestudeerd op het werk van Brüggen, zorgde de dirigent in de jaren zestig voor een ‘blokfluithype’:

“Hij begon als blokfluitist. Dat instrument had een soort kinderspeelgoed-imago, maar hij wist er de mooiste tonen uit te halen. Hij was echt virtuoos. Er ontstond een soort blokfluithype. Het zal er ook een beetje mee te maken hebben gehad dat hij ook een knappe man was.”

“In de jaren zeventig verlegde hij zijn aandacht naar het dirigeren. In technisch opzicht was hij niet de beste dirigent, maar hij kreeg mensen met zich mee. Hij had charisma. Muziekcritici vroegen zich af: hoe lukt hem dat zonder die slagtechniek? Als je oude recensies leest, zie je dat hij vaak een tovenaar werd genoemd.”

Els Borst (81)

Els Borst in 1994 in de Tweede Kamer. Foto ANP

Els Borst zal herinnerd worden als de minister die in 2001 de eerste euthanasiewet ter wereld mogelijk maakte. De minister van Staat werd op 10 februari, daags nadat ze verscheen op het D66-congres in Amsterdam, dood gevonden in haar woning in Bilthoven. De politie ging al snel uit van een misdrijf en maakte begin oktober bekend dat zij uitgaat van een dader met een psychische stoornis.

Bij de verkiezingen van 1998 was Els Borst plotseling lijsttrekker voor D66. De strijd ging tussen Roger van Boxtel en Thom de Graaf. Maar Van Mierlo besloot Borst naar voren te schuiven. ‘Het is een meisje geworden en zij heet Els’, kondigde Van Mierlo destijds aan. Tijdens Paars II werd ze vervolgens vicepremier. Hoofdpijndossier tijdens Paars II vormden voor Borst de wachtlijsten in de zorg, voornamelijk bij ziekenhuizen. Pim Fortuyn maakte daar één van zijn belangrijkste punten van.

Politiek redacteur Mark Kranenburg Borst was een typische D66-minister, zegt Kranenburg:

“Rustig, pragmatisch, niet van de politieke spelletjes en voorvechtster van het recht op zelfbeschikking. Ze was de verrassing van het Paarse kabinet in 1994. Hans van Mierlo vroeg haar als minister. In Den Haag was ze toen nog onbekend. Borst was een kenner van de gezondheidszorg. Ze werd bekend door het euthanasiebeleid. Nadat de euthanasiewet in 2001 door de Eerste Kamer was geloodst verzuchtte ze in een interview met NRC: ‘Het is volbracht’. Over het gebruik van deze kruiswoorden ontstond de nodige commotie. Borst bood haar excuses aan en benadrukte dat ze geen associatie had gehad met de godsdienstige betekenis.”

Wubbo Ockels (68)

Wubbo Ockels tijdens de onthulling van de nieuwe zonneboot van het Delta Lloyd Solar Boat Team door de TU Delft in 2012. Foto ANP / Ed Oudenaarden

“I’m an astronaut of spaceship earth”

Zijn tegenstanders vonden hem een ijdeltuit, maar Wubbo Ockels wilde gewoon vooruit, de toekomst in. En hij nam ook als eerste Nederlander een kijkje in die toekomst; hij was de eerste Nederlander die in de ruimte reisde.

NRC-wetenschapsredacteur Marcel aan de Brugh:

“Wubbo Ockels wilde maar één kant op. Vooruit, zo snel mogelijk naar de toekomst die hij in zijn hoofd had. Hij zag een wereld vol duurzame energie. Tussen scholieren en studenten was Ockels in zijn element. Hij hees zich in een ruimtepak als dat de goede zaak diende en in zijn werkkamer in Delft stonden oorkondes, diploma’s en raketmodellen. Enorm succes boekte hij als coach van het Nuna-project. Deze Nuna, een gestroomlijnde auto op zonne-energie, heeft inmiddels vier keer de World Solar Challenge gewonnen, een race van ruim 3.000 kilometer door Australië.’Het moet cool worden om in een elektrische auto te rijden’, vond hij.”

Ockels’ handelsmerk was dan ook zijn onvermoeibare optimisme. Hij wilde voor alles uitstralen dat duurzame energie niet lastig en vervelend is, maar fun. En hij was zeer begaan met alles wat er misging op milieugebied. Kort voordat hij stierf schreef Ockels een brief waarin hij mensen oproept te stoppen met de ‘vernietiging van de aarde en de mensheid’. “Het is genoeg, we zijn te ver gegaan!!!” In mei overleed Ockels op 68-jarige leeftijd aan de gevolgen van niercelkanker.


Zes video’s uit het leven van ruimteheld en wetenschapper Wubbo Ockels

Seth Gaaikema (75)

Seth Gaaikema speelt zijn allerlaatste show begin dit jaar. Foto ANP / Remko de Waal

“Ik heb 55 jaar in liedjes en teksten commentaar gegeven op de maatschappij. En nu moet de maatschappij het zelf maar doen.”

Seth Gaaikema was een spitsvondig woordkunstenaar die meesterlijk musicals vertaalde (o.a. Les Misérables en The Phantom of the Opera). Daarnaast bracht hij bundels en liedjes uit. Zijn werk leverde hem de Culturele prijs van de provincie Groningen, de Gouden Harp en de Musical Oeuvre Award op. De cabaretier die op 75-jarige leeftijd overleed aan hartklachten, had in de jaren zeventig en tachtig een groot publiek, maar velen vonden hem de laatste tien jaar niet meer te harden, schreef theaterrecensent Henk van Gelder in NRC:

“Toen hij begin dit jaar zijn afscheidsvoorstelling speelde, keek menigeen daarvan op. Seth Gaaikema was toch al veel eerder gestopt? Buiten zijn trouwe aanhang waren er nog maar weinigen die wisten dat Gaaikema nog jaarlijks een theatertournee van een maand of drie maakte.

“Seth Gaaikema riep reacties op. Niemand was zo controversieel als hij. De acht oudejaarsconferences die hij in de jaren zeventig en tachtig maakte waren grote kijkcijfersuccessen. Nog in 1986 trok hij maar liefst 6,1 miljoen kijkers – bijna twee keer zo veel als Freek de Jonge ooit. Zo werd het Nederlandse volk, dat zich eerder op Oudejaarsavond massaal had verenigd rondom Wim Kan, in de jaren tachtig in tweeën verdeeld: de Seth-fans en de Freek-fans. Ze konden elkaars idolen niet uitstaan.”

Zelf zei Gaaikema:

“Als cabaretier ben ik vaak zwaar bekritiseerd vanwege het laatste kwartier, waarin ik de mensen toch beter de zaal uit wilde laten gaan dan ze erin waren gekomen. Dat was de dominee in me. Ik had het mezelf veel makkelijker kunnen maken door dat weg te laten, maar ik wilde nu eenmaal een saamhorigheidsgevoel tot slot – en ik geloof ook wel dat het me af en toe is gelukt.”

Ariel Sharon (85)

Ariel Sharon in 2005. Foto Reuters / Eitan Abramovich

“Ik ben jood, eerst en vooral, een jood die de geschiedenis van de joden kent.”

Sharon geldt als één van de meest controversiële en iconische figuren uit de Israëlische politiek. Na acht jaar in coma te hebben gelegen, stierf de grondlegger van het moderne Israël in januari in een ziekenhuis bij Tel Aviv, waar hij na een reeks hersenbloedingen in januari 2006 was opgenomen. Sharon kreeg de bijnaam ‘de bulldozer’, omdat hij veel van zijn critici minachtte maar desondanks veel dingen gedaan kreeg. Door zijn harde opstelling werd Sharon door de Palestijnen en in de rest van de Arabische wereld diep gehaat.

Oscar Garschagen, NRC-correspondent in Israël tussen 2003 en 2007, over Sharon:

“Centraal in zijn leven stond de opbouw, verdediging en uitbreiding van de staat Israël. Sharon zag het als thuis- en eventuele vluchthaven voor alle joden ter wereld, niet als een land dat gedeeld moest worden met de Palestijnen. Voor hen was eigenlijk geen plaats. Zo dacht hij als soldaat, generaal-majoor, als minister op sleuteldepartementen, als premier sinds 2001.”

Hij had als leider van de door hem in 2005 opgerichte partij Kadima (Vooruit) de definitieve grenzen willen trekken en van het verenigde Jeruzalem een joodse hoofdstad willen maken. Dat is hem niet gelukt.

Garschagen:

“Misschien wel omdat Sharon geloofde dat er voor alle problemen van Israël, ook de geopolitieke, een militaire oplossing was. Veiligheid kwam in de eerste plaats uit de loop van een geweer, meende hij. Hij werd daarom met grote passie bewonderd door zijn soldaten, door de nieuwe immigranten uit Afrika, het Midden-Oosten en de voormalige Sovjet-Unie en door rechts Israël, dat hem tot op de dag van vandaag mist. Tegelijkertijd werd Sharon wegens zijn harde opstelling diep gehaat door Palestijnen, de bevolkingen in de Arabische buurlanden en al diegenen die zich hun lot aantrekken.”

Joe Cocker (70)

Joe Cocker in 2011 in Hamburg. Foto EPA / Angelika Warmuth

“It’s all a matter of hearing what I like and seeing if I can make it fit my style.”

De soulzanger Joe Cocker was de meester van de interpretatie van andermans nummers. De zanger uit het Engelse Sheffield overleed deze maand op 70-jarige leeftijd aan de gevolgen van longkanker.

You are so beautiful in Londen, mei 2013:

Onze muziekrecensent Jan Vollaard over Cocker:

“Hij vestigde zijn naam tijdens het Woodstockfestival in 1969 met zijn vertolking van het nummer With a Little Help from my Friends van The Beatles. Met zijn rauwe vertolking en het langgerekte gitaararrangement werd het een nooit ontbrekend baken van bezieling bij zijn concerten. De schijnbaar ongecontroleerde handbewegingen die hij erbij maakte waren zijn handelsmerk.”

With a Little Help from my Friends op Woodstock in ‘69:

Zijn grootste hits scoorde Cocker met: You Are So Beautiful van Billy Preston en het duet Up Where We Belong met Jennifer Warnes, de themasong van de succesfilm An Officer and a Gentleman.

Vollaard:

“Op het hoog aangeschreven album Sheffield Steel (1982) werd hij door het ritmetandem Sly Dunbar en Robbie Shakespeare meegevoerd naar tropische funk- en reggaesferen. Met songs van Bob Dylan en Randy Newman werd het een hoogtepunt in zijn 22 albums tellende oeuvre.”

Philip Seymour Hoffman (46)

Philip Seymour Hoffman in 2014. Foto AP / Victoria Will

“Learning how to die is therefore learning how to live”

Met zijn weinig glamoureuze uiterlijk leek Philip Seymour Hoffman voorbestemd een karakteracteur te blijven, die vooral geschikt zou zijn voor filmhuisfilms. Maar met zijn talent overwon hij de eisen van de filmindustrie en werd hij steeds vaker gevraagd voor blockbusters. Het spelen van zonderlinge, typische mannen waar je gaandeweg van gaat houden zoals hij die speelde in Hapiness, was een beetje zijn handelsmerk. Alleen, zoals wel vaker het geval is, zijn talent bleek de veelbekroonde acteur tegelijkertijd in de weg te zitten. Seymour Hoffman stelde hoge eisen aan zichzelf, hij wilde altijd meer en beter zijn. En de laatste periode voor zijn dood leek hij minder goed met zijn eigen worstelingen om te kunnen gaan.

Na 23 jaar bleek hij vorig jaar weer te moeten afkicken van heroïne. Onduidelijk is of zijn tragische en onverwachte dood begin februari nu een ongeluk was of dat hij met opzet een eind aan zijn leven had gemaakt. Een interview met Rolling Stone vlak voor zijn dood bleek achteraf gezien misschien wel voorspellend te zijn over zijn gemoedstoestand:

“It’s long pertaining to that thought that the past is not done with you because you can’t get rid of it so therefore it just starts to drag… The past does creep in pretty quickly. And that is a difficult one in how to keep it there and not have it ruin it.

Hoffman gold zonder twijfel als een van de groten van zijn tijd en werkte ook samen met grote regisseurs zoals Sidney Lumet, de gebroeders Coen, Spike Lee, David Mamet, Paul Thomas Anderson en Anthony Minghella. Hij laat een enorm veelzijdige filmografie na en ontving dan ook maar liefst 72 filmprijzen, waaronder een Oscar voor zijn rol als Truman Capote in Capote en 54 nominaties.

NRC-redacteur Peter de Bruijn interviewde Hoffman twee jaar geleden naar aanleiding van zijn rol in A late Quartet, waarin hij letterlijk en figuurlijk de tweede viool speelt. Daarin geeft Seymour Hoffman iets prijs van hoe serieus hij zijn werk opvat:

“Kunst en leven kun je niet los van elkaar zien, denk ik. Het leven beïnvloedt altijd de kunst, en andersom. Daar moet je niet voor weglopen, dat moet je juist omarmen. Je kunt alleen het hoogste niveau bereiken als je je ergens helemaal aan overgeeft. Dat betekent dat je werk en je leven ook door elkaar heen lopen. Het leven van een kunstenaar is zijn kunst. Dat is ook goed.”

Gabriel García Márquez (87)

Gabriel García Márquez in 2008. Foto EPA / David de la Paz

“Volgens mij is je huis niet daar waar je boeken staan, maar waar je je platen hebt. Mijn platen staan in Mexico.”

Nadat hij de lymfeklierkanker vijftien jaar geleden overwonnen had, moest Gabriel García Márquez zich in april gewonnen geven. De uitzaaiingen zaten door het hele lichaam van de Colombiaanse Nobelprijswinnaar, zijn familie besloot de behandelingen te staken. Met zijn overlijden stierf een van de populairste naoorlogse schrijvers. Zijn beroemde roman Honderd jaar eenzaamheid (1967) werd in België begin deze maand nog uitgeroepen tot de favoriete roman allertijden. Miljoenen mensen van over de hele wereld hebben dit weergaloze boek gelezen dat begint met de zin die in de literatuur als een van mooiste zinnen ooit geldt.

“Vele jaren later, staande voor het vuurpeloton, moest kolonel Aureliano Buendía denken aan die lang vervlogen middag, toen zijn vader hem meenam om kennis te maken met het ijs.”

Programmamaker en schrijver Wim Kayzer (1946) interviewde hem in 1989 voor zijn documentaire ‘Nauwgezet en wanhopig’:

Márquez steunde op een weergaloos vertellerstalent en een onovertroffen vermogen tot het betoveren van zelfs de meest banale zaken. Hij werd daarom ook wel gezien als de man van het ‘magisch realisme’, een etiket waartegen hij zichzelf altijd fel verzette. Zijn romans Liefde in tijden van cholera (1985) en Kroniek van een aangekondigde dood (1981) bevestigden zijn status als sprookjesachtige schrijver.

Zelf was Márquez overigens niet zo heel blij met zijn vroege sterrenstatus.

“Maar ik had het prima gevonden als mijn boeken pas na mijn dood gepubliceerd waren. Dan had ik niet hoeven worstelen met dat hele gedoe van beroemd-zijn en het zijn van een groot schrijver.”

 

Alle slachtoffers van de MH17

Foto ANP / Pierre Crom

Op 17 juli stortte vlucht MH17 van Malaysia Airlines neer in Oekraïne op weg van Amsterdam naar Kuala Lumpur. Aan boord waren 283 passagiers en 15 bemanningsleden. Onder de passagiers waren 196 Nederlanders. Daarin zaten bekende Nederlanders als PvdA-senator Willem Witteveen (1952) en aidsonderzoeker Joep Lange (1954) en vele anderen die we soms via-via kenden.

John Alder - Verenigd Koninkrijk
Christopher Allen - Nederland
Ian Allen - Nederland
John Allen - Verenigd Koninkrijk
Julian Allen - Nederland
Stephen Leslie Anderson - Verenigd Koninkrijk
Andre Anghel - Canada
Mabel Anthonysamy - Maleisië
Ithamar Avnon - Nederland
Robert Ayley - Verenigd Koninkrijk
Joyce Baay - Nederland
Theresa Baker - Australië
Wayne Baker - Australië
Willem Bakker - Nederland
Rowen Bats - Nederland
Emma Bell - Australië
Muhamad Firdaus Bin Abdul Rahim - Maleisië
Mohd Ghafar Bin Abu Bakar - Maleisië
Ahmad Hakimi Bin Hanapi - Maleisië
Shaikh Mohd Noor Bin Mahmood - Maleisië
Wan Amran Bin Wan Hussin - Maleisië
Natashja Binda - Nederland
Muhammad Afruz Bintambi - Maleisië
Muhammad Afzal Bintambi - Maleisië
Dora Shahila Kassim - Maleisië
Nur Shazana Binti Mohamed Salleh - Maleisië
Hamfazlin Sham Binti Mohamedarifin - Maleisië
Mastura Binti Mustafa - Maleisië
Azrina Binti Yakob - Maleisië
Marsha Azmeena Bintitambi - Maleisië
Helen Borgsteede - Nederland
Elsemiek de Borst - Nederland
Catharina Bras - Nederland
Wilhelmina Louise Broghammer - Duitsland
Therese Brouwer - Nederland
Elisabeth Brouwers - Nederland
Barbara Maria de Bruin - Nederland
Anton Camfferman - Nederland
Benoit Chardome - België
Chong Yee Pengh - Maleisië
Eugene Choo Jin Leong - Maleisië
Carol Clancy - Australië
Michael Clancy - Australië
Regis Crolla - Nederland
Edith Cuijpers - Nederland
Auke Dalstra - Nederland
Cameron Dalziel - Verenigd Koninkrijk
Minhchau Dang - Nederland
Quocduy Dang - Nederland
Francesca Davison - Australië
Liam Davison - Australië
Liliane Derden - Australië
Shaliza Zaini Dewa - Maleisië
Donny Toekiran Djodikromo - Nederland
April van Doorn - Nederland
Caroline van Doorn - Nederland
Gijsbert van Duijn - Nederland
Fatima Dyczynski - Duitsland
Petronella van Eldijk - Nederland
Lisanne Laura Engels - Nederland
Tamara Ernst - Nederland
Emma Essers - Nederland
Peter Essers - Nederland
Valentijn Essers - Nederland
Shun Po Fan - Nederland
Ming Lee Foo - Maleisië
Bryce Fredriksz - Nederland
Ariza Binti Gazalee - Maleisië
Rene van Geene - Nederland
Angelique Gianotten - Nederland
Kaela Maya Jay Goes - Maleisië
Paul Goes - Nederland
Laurens van der Graaff - Nederland
Marco Grippeling - Nederland
Wilhelmus Grootscholten - Nederland
Jill Helen Guard - Australië
Roger Watson Guard - Australië
Darryl Gunawan - Fillipijnen
Hadiono Gunawan - Indonesië
Irene Gunawan - Fillipijnen
Sherryl Gunawan - Fillipijnen
Johanna de Haan - Nederland
Annemieke Hakse - Nederland
Davy Joseph Gerardus Hally - Nederland
Megan Hally - Nederland
Yuli Hastini - Indonesië
Geertruida Heemskerk - Nederland
Lidwina Heerkens - Nederland
Erik Peter van Heijningen - Nederland
Zeger Leonard van Heijningen - Nederland
Robin Hemelrijk - Nederland
Johannes Rudolfus van den Hende - Nederland
Marnix Reduan van den Hende - Nederland
Piers Adnan van den Hende - Nederland
Margaux Larissa van den Hende - Nederland
Hendry - Indonesië
Susan Hijmans - Nederland
Andrew Hoare - Verenigd Koninkrijk
Friso Hoare - Nederland
Jasper Hoare - Nederland
Katharina Hoonakker - Nederland
Howard Horder - Australië
Susan Horder - Australië
Astrid Hornikx - Nederland
Pieter Jan Willem Huijbers - Nederland
Arnoud Huizen - Nederland
Yelena Clarice Huizen - Indonesië
Maria Huntjens - Nederland
Olga Ioppa - Duitsland
Cornelia Janssen - Nederland
Kevin Jesurun - Nederland
Rishi Jhinkoe - Nederland
Tambi Bin Jiee - Maleisië
Annetje de Jong - Nederland
Subashni Jretnam - Maleisië
Mattheus Kamsma - Nederland
Qui Kamsma - Nederland
Yvonne Kappen - Nederland
Vickiline Kurniati Kardia - Indonesië
Karamjitsingh Karnailsingh - Maleisië
Karlijn Keijzer - Nederland
Allard van Keulen - Nederland
Jeroen van Keulen - Nederland
Robert van Keulen - Nederland
Barry Kooijmans - Nederland
Isa Kooijmans - Nederland
Mira Kooijmans - Nederland
Oscar Kotte - Nederland
Remco Kotte - Nederland
Lorenzo van de Kraats - Nederland
Robert Jan van de Kraats - Nederland
Hendrik Rokus Kroon - Nederland
Pim Wilhelm de Kuijer - Nederland
Johannes Lahaye - Nederland
Gerda Leliana Lahenda - Indonesië
Hubertus Lambregts - Nederland
Joseph Lange - Nederland
Petra van Langeveld - Nederland
Gabriele Lauschet - Duitsland
Jianhan Benjamin Lee - Maleisië
Kiah Yeen Lee - Maleisië
Mona Cheng Sim Lee - Australië
Why Keong Lee - Australië
Lee Pin Hui - Maleisië
Saskia de Leeuw - Nederland
Jennifer van der Leij - Nederland
Yau Chee Liew - Maleisië
Mark van der Linde - Nederland
Merel van der Linde - Nederland
Robert van der Linde - Nederland
Yanhwa Loh - Nederland
Klaas Willem van Luik - Nederland
Henricus Maas - Nederland
Edel Mahady - Australië
Emiel Mahler - Nederland
Lisa Marckelbach - Nederland
Elizabeth Martens - Nederland
Sandra Martens - Nederland
Evie Coco Anne Maslin - Australië
Mo Robert Anderson Maslin - Australië
Otis Samuel Frederick Maslin - Australië
Tina Pauline Mastenbroek - Nederland
Richard Mayne - Verenigd Koninkrijk
Mohdalibin Mdsalim - Maleisië
Bente van der Meer - Nederland
Fleur van der Meer - Nederland
Sophie van der Meer - Nederland
Ingrid Meijer - Nederland
Sascha Meijer - Nederland
Gerardus Menke - Nederland
Mary Menke - Nieuw-Zeeland
Lucie Paula Maria van Mens - Nederland
Hannah Sophia Meuleman - Nederland
Anelene Rostijem Misran - Nederland
Augustinus Moors - Nederland
Jeroen van de Mortel - Nederland
Milia van de Mortel - Nederland
Adinda Larasati Putri van Muijlwijk - Nederland
Emile van Muijlwijk - Nederland
Meling Anak Mula Maleisië
Johanna Nelissen - Nederland
Lyeti Elisabeth Ng - Maleisië
Qing Zheng Ng - Maleisië
Shiing Ng - Maleisië
Ngoc Minh Nguyen - Nederland
Tim Nieburg - Nederland
Stefan van Nielen - Nederland
Dafne Nieveen - Nederland
Tallander Franciscus Niewold - Nederland
Rahimmah Noor - Maleisië
Jan Noreilde - België
Steven Noreilde - België
Nicoll Charles Anderson Norris - Australië
Jolette Nuesink - Nederland
Jack Samuel O’Brien - Australië
Daisy Oehlers - Nederland
Victor Oreshkin - Australië
Julian Ottochian - Nederland
Sergio Ottochian - Nederland
Lubberta Palm - Nederland
Miguel Panduwinata - Nederland
Shaka Panduwinata - Nederland
Hasni Hardi Bin Parlan - Maleisië
Johnny Paulissen - Nederland
Martin Paulissen - Nederland
Sri Paulissen - Nederland
Sjors Adrianus Pijnenburg - Nederland
Robert Ploeg - Nederland
Alex Ploeg - Nederland
Benjamin Pocock - Verenigd Koninkrijk
Ericus van der Poel - Nederland
Kaushalya Jairamdas Datas Punjabi - Maleisië
Hielkje Raap - Nederland
Angeline Premila Rajandaran - Maleisië
Jeroen Renkers - Nederland
Tim Renkers - Nederland
Esther de Ridder - Nederland
Daisy Risah - Nederland
Albert Rizk - Australië
Maree Rizk - Australië
Joop Albert de Roo - Nederland
Catharina Ruijter - Nederland
Arjen Ryder - Australië
Yvonne Ryder - Australië
Christiene de Sadeleer - Nederland
Paulus van der Sande - Nederland
Steven van der Sande - Nederland
Tessa van der Sande - Nederland
Sanjid Singh Sandhu - Maleisië
Inge van der Sar - Nederland
Quinn Schansman - Nederland
Cornelis Schilder - Nederland
Christina Anna Elisa van den Schoor - Nederland
Maria Adriana de Schutter - Nederland
Rik Schuyesmans - België
Helena Sidelik - Australië
Bintiparawira Sitiamirah - Maleisië
Matthew Ezekial Sivagnanam - Maleisië
Paul Rajasingam Sivagnanam - Maleisië
Gary Slok - Nederland
Carlijn Smallenburg - Nederland
Charles Smallenburg - Nederland
Werther Smallenburg - Nederland
Maria Smolders - Nederland
Jane M Adi Soetjipto - Indonesië
Peter Souren - Nederland
Reinmar Specken - Nederland
Jan van der Steen - Nederland
Cornelia Stuiver - Nederland
Wayan Sujana - Indonesië
Supartini - Indonesië
Liam Sweeney - Verenigd Koninkrijk
Muhammad Afif Bin Tambi - Maleisië
Charles Eliza David Tamtelahitu - Nederland
Siew Poh Tan - Maleisië
Elaine Teoh - Maleisië
Yodricunda Theistiasih - Indonesië
Glenn Raymond Thomas - Verenigd Koninkrijk
Mary Tiernan - Australië
Gerardus Timmers - Nederland
Cornelia Tol - Nederland
Jacqueline van Tongeren - Nederland
Hendrik Jan Tournier - Nederland
Remco Trugg - Nederland
Tess Trugg - Nederland
Liv Trugg - Nederland
Thamsanqa Uijterlinde - Nederland
Anthonius van Veldhuizen - Nederland
Pijke van Veldhuizen - Nederland
Quint van Veldhuizen - Nederland
Kim Elisa Petronella Verhaegh - Nederland
Marie Vermeulen - Nederland
Erik Vleesenbeek - Nederland
Cornelia Voorham - Nederland
Wouter Vorsselman - Nederland
Maarten de Vos - Nederland
Eline Vranckx - Nederland
Huub van Vreeswijk - Nederland
Aafke de Vries - Nederland
Esther de Waal - Nederland
Hendrik Wagemans - Nederland
Brett Wals - Nederland
Jeroen Wals - Nederland
Jinte Wals - Nederland
Solenn Wals - Nederland
Amel Wals - Nederland
Frank van der Weide - Nederland
Leonardus Wels - Nederland
Sem Wels - Nederland
Ineke Westerveld - Nederland
Ketut Wiartini - Indonesië
Winneke van Wiggen - Nederland
Marit Witteveen - Nederland
Willem Witteveen - Nederland
Ninik Yuriani - Indonesië
Desiree Zantkuijl - Nederland
Frederique van Zijtveld - Nederland
Robert Jan van Zijtveld - Nederland

Met medewerking van Anouk Eigenraam.