52 doden in India na aanslagen

Bij vijf gecoördineerde aanvallen door rebellen in de noordoostelijke Indiase deelstaat Assam zijn vannacht ten minste 52 doden gevallen. Dat meldde het Amerikaanse persbureau Associated Press (AP) vanmorgen.

Bij de aanvallen schoten rebellen 37 kolonisten in Sonitpur dood en vijftien anderen in Kokrajhar. De meeste kolonisten werkten in theetuinen in de staat.

Volgens Indiase overheidsfunctionarissen zitten leden van het Nationaal Democratische Front van Bodoland achter de aanvallen van afgelopen nacht – gisteravond laat Indiase tijd.

De kolonisten, die meer dan honderd jaar geleden in India kwamen wonen, zijn in het verleden wel vaker doelwit geweest van Bodo-rebellen vanwege oplopende ruzies over land en werkgelegenheid.

Het Nationaal Democratische Front van Bodoland vecht al decennia voor een eigen gebied in de deelstaat Assam. De Bodo’s zijn een inheemse minderheidsstam. In de regio wonen zo’n 33 miljoen mensen, 10 procent van hen is Bodo.

Het Indiase ministerie van Binnenlandse Zaken heeft enkele duizenden paramilitairen naar het onrustige gebied gestuurd om de rust te herstellen, zo laat de plaatsvervangend minister van dat departement, Kiren Rijiju, aan persbureau AP weten. Ook de Indiase minister-president Narendra Modi heeft de aanvallen in de deelstaat veroordeeld.

Tientallen rebellengroepen vechten al jarenlang tegen de regering in zeven regio’s in het noordoosten van India. Ze eisen meer onafhankelijkheid voor de inheemse stammen die ze representeren.

Volgens de Indiase rebellen gebruikt de landelijke overheid de grondstoffen in het gebied, maar heeft de inheemse bevolking daar nauwelijks profijt van.

Ten minste tienduizend mensen – de meeste van hen burgers – zijn in de afgelopen drie decennia in de Indiase staat Assam gedood. In mei van dit jaar schoten leden van de Bodo-stam dertig moslimkolonisten neer in dezelfde regio.