Delta Lloyd voelt dat DNB geen tandeloze toezichthouder meer is

Verzekeraar vecht boete en gedwongen vertrek financieel directeur aan.

De Nederlandsche Bank, Amsterdam Foto’s ANP

Het was een flinke partij grommen naar elkaar gisteren. De Nederlandsche Bank (DNB) legde Delta Lloyd een boete van 23 miljoen euro op en eiste het vertrek van de financieel directeur. De verzekeraar reageerde door DNB voor de rechter te dagen en in een persoffensief te verklaren dat de directeur, Emiel Roozen, gewoon in functie blijft. Hoogst ongebruikelijk, een zo openlijke, harde strijd tussen de toezichthouder en een financiële instelling.

Over de kwestie zelf is nog veel onbekend. Beide partijen willen maar weinig kwijt, omdat de zaak nu in de rechtszaal zal worden uitgevochten. Maar ook zonder de details blijkt uit de gebeurtenissen een behoorlijke verharding in het beleid van DNB. „De kritiek op DNB was de afgelopen jaren dat ze mensen zoals Dirk Scheringa van DSB hebben laten lopen”, zegt Jaap Koelewijn, hoogleraar corporate finance aan Nyenrode. „De maatschappij neemt daar geen genoegen meer mee.”

En dus verandert het beleid. Dat is ten eerste te zien aan de hoogte van de boete. DNB deelt die uit omdat Delta Lloyd in de week voorafgaand aan 2 juli 2012 haar risicodekking heeft verlaagd, op basis van informatie die volgens DNB vertrouwelijk was. DNB voerde op 2 juli een vaste rekenrente in. Dat is een tarief dat verzekeraars hanteren om te bepalen hoeveel geld zij moeten aanhouden om aan hun toekomstige verplichtingen te voldoen. Waarschijnlijk heeft Delta Lloyd uit de aankondiging van die vaste rekenrente geconcludeerd dat haar bescherming tegen beleggingsverliezen omlaag kon. Dat leverde 21,6 miljoen euro op, aldus DNB.

Boetes omhoog na Libor

Dat bedrag telt DNB nu op bij de bestuurlijke boete van 1,2 miljoen die zij Delta Lloyd oplegt. Deze mogelijkheid bestaat pas kort. Aanleiding om dit wettelijk mogelijk te maken was de Libor-affaire eind vorig jaar. Toen bleek DNB wat boetebedragen betreft een tandeloze toezichthouder: zij kon Rabobank maximaal 60.000 euro opleggen, terwijl de overtreding zo ernstig werd geacht dat het totaalbedrag van de schikking met Nederlandse en buitenlandse autoriteiten uiteindelijk uitkwam op 774 miljoen euro. Doordat DNB nu ook het profijt kan opeisen dat een onderneming van de malversatie heeft genoten, schiet het potentiële boetebedrag omhoog.

Dat bedrag heeft tegenwoordig ook een andere bestemming dan voorheen. Vroeger werd het opgeteld bij de inkomsten van DNB en kwam het indirect ten goede aan de financiële sector. Die betaalt namelijk gezamenlijk de kosten voor het toezicht en door de boete-inkomsten dalen de kosten. Tegenwoordig komt nog 2,5 miljoen terecht op de begroting van DNB en gaat de rest door naar de schatkist.

Overigens sprak een woordvoerder van Delta Lloyd gisteren tegen dat de verzekeraar de boete nu ook bij de rechter aanvecht, zoals gisterochtend in het persbericht werd vermeld. Delta Lloyd heeft eerst nog de mogelijkheid om bij DNB bezwaar aan te tekenen tegen de boete. „Als DNB ons bezwaar afwijst, kunnen we beroep instellen bij de rechtbank”, zegt zij.

Op een ander punt zijn DNB en Delta Lloyd wel al uitgepraat met elkaar; de vraag of DNB haar boetebesluit mag publiceren. De verzekeraar wil dit via de rechter tegenhouden. Vroeger, dat wil zeggen voor 1 augustus van dit jaar, was de kans waarschijnlijk groter geweest dat DNB zelf niet voor publicatie had gekozen. Toen mocht DNB besluiten geheimhouden als zij bijvoorbeeld bang was dat dit paniek zou kunnen veroorzaken onder klanten en zo de instelling in gevaar kon brengen. Van de 63 maatregelen die DNB in 2013 nam bij onder toezicht staande instellingen publiceerde zij er niet één.

Nu moet de toezichthouder in het belang van de transparantie in principe alles publiceren en kan zij er onder omstandigheden hoogstens voor kiezen om het besluit te anonimiseren. Dat biedt minder ruimte voor de vroeger veelgebruikte optie ‘daar komen we samen wel uit’.

Gebrandmerkt

Het belangrijkste twistpunt, de eis van DNB dat financieel directeur Emiel Roozen vertrekt, wordt ook aan de rechter voorgelegd. De toezichthouder heeft Roozen na de gebeurtenissen in die week in 2012 opnieuw getoetst op zijn geschiktheid voor de functie en oordeelde dat die onvoldoende was. Vrijdag wees DNB het hierover ingediende bezwaar af, waarna Delta Lloyd besloot om dit via de rechter aan te vechten en de zaak naar buiten te brengen. „We moesten wel, omdat het koersgevoelige informatie is”, aldus een andere woordvoerder van de verzekeraar.

Het klinkt paradoxaal dat Delta Lloyd de publiciteit zoekt, omdat zij juist publicatie van informatie probeert te voorkomen. Het gaat er volgens de woordvoerder om dat er geen informatie naar buiten komt die personen of de onderneming kunnen schaden. Maar Roozens reputatie is door de publiciteit al aangetast. Hoogleraar Koelewijn: „De man kan in de praktijk niet terugkeren op een positie waarin DNB hem weer moet toetsen. In elk geval de komende jaren niet. Hij is gebrandmerkt. Ook als de rechter Delta Lloyd in het gelijk stelt, lijdt hij schade.”

Ook Harald Benink, hoogleraar banking and finance in Tilburg, ziet weinig in een juridisch proces over Roozen. „Het lijkt mij dat je de geschiktheidstoets niet in de rechtszaal kunt uitvechten. Er zit ook een subjectief oordeel in die toets. Net zoals het oordeel van een raad van commissarissen die een bestuurder geschikt acht ook subjectief is. De vraag is of een financieel directeur zo kan blijven functioneren.”

Vorig jaar, het laatste jaar waarover cijfers beschikbaar zijn, heeft DNB 1.178 (kandidaat-)bestuurders van onder toezicht staande financiële instellingen getoetst. Tien zittende bestuurders zijn weggestuurd. Bijzonder aan deze zaak is dat de instelling dat niet accepteert. Benink: „Een verzekeraar is geen normaal bedrijf, omdat het opereert met de garantie van de belastingbetaler. Daarom heeft de toezichthouder grote bevoegdheden. Sommigen beseffen onvoldoende dat dit een groot maatschappelijk belang dient. Als je daar moeite mee hebt, kun je beter voor een instelling gaan werken die niet onder toezicht staat, zoals een hedgefonds.”

Ook nieuw is dat het conflict deels in de openbaarheid wordt uitgevochten. „Dat is niet gewenst”, vindt Benink. „Ik denk dat we belang hebben bij een sector waarin dit soort disrupties niet plaatsvindt.”

De zitting waarin Delta Lloyd de publicatie poogt tegen te houden, is achter achter gesloten deuren. De uitspraak wordt in de tweede helft van januari verwacht.