Orkestraal spektakelwerk

Na de Franse Revolutie (1798), die uiteindelijk heel Europa op zijn kop zette, veranderden na 1800 de muziek en het muziekleven. De hofcultuur ging deels teloor, het concertleven verburgerlijkte, de vernieuwer Beethoven liet zich gelden, classicisme ging over in romantiek. Behalve in Italië en Frankrijk, daar was Rossini (1792-1868) de 19de-eeuwse opvolger van de in 1791 overleden Mozart en heerste met zijn talrijke sprankelende en spetterende opera’s in oude snit.

De ouvertures, waarin de overrompelende operamuziek in hoog tempo wordt geslepen tot schitterend klinkende diamanten, behoren tot het instrumentaal spectaculairste dat het eerste kwart van de eeuw voortbracht. Ze zijn nog immer populair, ook als concertmuziek. Antonio Pappano, de chef van het Londense operahuis Covent Garden, laat het allemaal horen bij de Accademia di Santa Cecilia, zijn Romeinse orkest: La scala di seta, Il barbiere di Siviglia, Guillaume Tell, etc., etc.