Klassieke muziek op tv – werkt dat?

Het ene na het andere tv-programma over klassieke muziek gaat van start. Is televisie daar niet veel te vluchtig voor?

Finalist en latere winnaar Spike van Zoest op het podium tijdens de finale van Maestro. Foto ANP

Klassieke muziek op tv is niet meer voorbehouden voor de vroege ochtend of late nacht: een avondje zappen kan de kijker via allerlei programma’s fragmenten van Bach, Mozart, Van der Aa of Ginastera opleveren. Van het nieuwste programma over klassieke muziek op prime time, Het orkest van Nederland, is vanavond de finale te zien. Het programma op RTL 4 trekt gemiddeld zo’n 800.000 kijkers.

Hoe geschikt is het vluchtige medium televisie voor een doorgaans als ‘diepzinnig’ beschouwd klassieke muziekgenre? Drie pleidooien voor klassiek op tv, en een kritische kanttekening.

VOOR

Paul Witteman

Presentator. Op 18 januari begint zijn programma Podium Witteman: een mix van actualiteit en klassieke muziek

„We mikken op een publiek dat niet terugschrikt voor een fragment van tien minuten, als dit zo uitkomt. Daar trek je geen miljoenen kijkers mee maar hopelijk wel honderdduizenden. Natuurlijk bestaat er een spanning tussen de aandacht die nodig is voor luisteren naar klassiek, en de eisen die televisie meestal stelt aan de kijker. Bij pop is het eerder: what you hear is what you get. Maar aandacht voor kunst en cultuur is een kerntaak van de publieke omroep. Klassiek gaan we enthousiasmerend toelichten.”

Micha Hamel

Componist, dichter en dirigent. Hamel was één van de coaches die BN’ers in Maestro het Balletorkest hielp dirigeren

„Eindelijk wordt klassiek gewoon als muziek beschouwd en op prettige wijze ontheiligd. Dat dit programma over de BN’ers zou gaan, is een misverstand: zij zijn de lens waardoor de kijker inzage krijgt in de muziek. Het gaat over de moeilijkheid van dirigeren en de schoonheid van de partituren. Vergelijk het met Masterchef, waar je beseft hoe moeilijk én aanstekelijk koken is. Voor de critici is het moeilijk te verkroppen, maar we moeten af van het hiërarchische denken over klassiek: de demystificatie had deze kunstvorm nog niet aan de broek gehad.”

Dominic Seldis

Contrabassist van het Koninklijk Concertgebouworkest en jurylid en presentator in Maestro en Het orkest van Nederland.

„Na het succes van Maestro bedacht ik met productiebedrijf Tuvalu en RTL een nieuw tv-format dat amateurmusici centraal stelt. Amateurs zijn het bloed dat de klassieke muziek in leven houdt, dus bieden wij ze in Het orkest van Nederland een mogelijkheid om na auditierondes op te treden op heilige grond, het Amsterdamse Concertgebouw. De kijkcijfers moet je niet vergelijken met The Voice of Holland, maar vind ik voor een nieuw format al heel bemoedigend. Critici die dit soort programma’s goedkoop vinden, vind ik zélf goedkoop: zij houden de klassieke muziek elitair. Voor de professionele orkestleden van Maestro is het in elk geval geen vernederende ervaring om door bekende Nederlanders geleid te worden. Mijn droom is dat een grootvader zo’n programma ziet, geïnspireerd raakt en een viool voor zijn kleinzoon koopt.”

TEGEN

Anna Enquist

Schrijfster, psychoanalytica en musicus, schreef vorige maand een essay in dagblad Trouw over Maestro.

Enquist schreef in haar essay: „In het televisieprogramma (Maestro, red.) wordt het vak gelijkgesteld aan het zichtbare resultaat van al die studie en inspanning. Daardoor krijg je de indruk dat iedereen die op ritmische wijze voldoende kittige armbewegingen en gevoelvolle gelaatsuitdrukkingen kan produceren een dirigent is. Het publiek wordt verleid zich te verkijken op een glinsterend oppervlak, vol glamour en spanning vanwege het wedstrijdelement.”

Ze kreeg daarop veel positieve reacties van musici, zegt ze nu. „Het heeft iets beledigends, alsof dirigeren niets voorstelt en iedereen het kan. De musici die ik sprak, geven aan dat dit vak nu eenmaal langzaam is, en veel tijd kost om te doorgronden. Het is niet alleen maar zwaaien maar moet ook ergens op gebaseerd zijn.

„Hoe het wel moet? Geen idee. Op de radio hoor je soms een programma waarbij verschillende opnames vergeleken worden en kenners commentaar leveren. Maar dat zal op televisie wel te weinig kijkers trekken.”