Tennis langs de rafelranden

Hoe overleven Nederlandse tennissers die laag op de wereldranglijst staan?

Matwé Middelkoop enDemi Schuurs tijdens de Nederlandse kampioenschappen in Rotterdam. Foto Henk Koster

Ans Schuurs (76) zit dicht op de blauwe hardcourtbaan. Stoeltje 38 op de derde rij. Een paar meter verderop staat kleindochter Demi te tennissen. Oma Ans balt af en toe haar vuisten en zegt zachtjes „bam!” bij een mooi punt. „Je moet wel meeklappen, anders ben ik de enige”, fluistert Ans tegen haar man, opa Fridus (75), die tevreden knikt.

Een doordeweekse avond bij de Nederlandse kampioenschappen tennis in het Rotterdamse Topsportcentrum. 150 toeschouwers in de stille sporthal. Opa en oma Schuurs dienen deze dag als chauffeur voor Demi (21), ze zijn vanuit Limburg komen rijden.

Fans op de tribune, die heeft Demi Schuurs niet vaak. Ze is onbekend bij het publiek – met een 542ste plaats op de wereldranglijst in de single en nummer 206 in de dubbel.

Schuurs behoort tot een grote groep avonturiers die langs de rafelranden van het tennis trekt. Toernooitjes in uithoeken, vaak zonder lijnrechters. Spelers moeten na afloop zelf de gravelbaan vegen. Het is een onbemind circus, bevolkt door tennisnomaden die ooit hopen door te breken.

Het is een gevecht in de marge van het internationale tennis. Ver verwijderd van het miljoenenprijzengeld in de top. Voor velen is het een financiële worsteling. Schuurs houdt het vol door de ondersteuning van haar ouders. Haar vader is oud-handballer en recordinternational Lambert Schuurs.

Op het NK haalde ze de kwartfinale, wat 500 euro prijzengeld opleverde. Begin deze maand had ze een toernooi in de Tunesische badplaats Sousse. Ze won de dubbel en speelde zo 515 dollar bij elkaar – zo’n 410 euro, waar nog belasting af werd getrokken. „Ik kon er net het hotel van betalen.”

Aanranding

Je hoort Schuurs niet klagen. Ze leeft haar droom, zegt ze. Twee jaar geleden ging ze door een moeilijke periode. Schuurs werd aangerand in een hotel bij een toernooi in het Turkse Antalya. „Na de massage had ik een spa-behandeling. Ik had al drie massages gehad van die meneer, de vierde keer ging hij opeens dingen doen die niet klopten. Ik durfde niks te doen, ik klapte helemaal dicht, ik huilde. Uiteindelijk ben ik weggerend.” Ze is nog een dag gebleven, waarna ze zich terugtrok uit het toernooi.

Er werd een klacht ingediend door de Internationale Tennisfederatie. „Maar hij werkt er nog altijd”, zegt Schuurs met bibberende stem. Het kostte haar een jaar om van de stress af te komen. Ze woont nog bij haar ouders in Limburg. „Ik was stil thuis, zat veel boven in mijn kamer. De eerste paar nachten was dramatisch, toen sliep ik amper.” Ze durft nooit meer in Antalya te tennissen.

Het is de onderkant van het profcircuit waar Matwé Middelkoop (31) ook huiverig voor is. Maar om een andere reden: omkoping. De tennisser zwerft al tien jaar op de wereldranglijst. Door blessureleed eerder dit jaar is hij afgezakt naar de 615e plaats. „Er zit een hele laag van rotzooi rond het tennis: matchfixing. Als tennisser zit je er middenin”, zegt hij in Rotterdam, waar hij de kwartfinale haalde. „Iedereen krijgt aanbiedingen. Ik krijg ze via Facebook”, aldus Middelkoop, die een relatie heeft met schaatsster Margot Boer.

In de tijd dat hij veel Challengers speelde – tweede niveau in het tennis – kreeg hij om de twee, drie weken een aanvraag. Tegenwoordig wordt hij minder vaak benaderd. „Ze weten dat ik er niet op inga.”

Momenteel loopt er een onderzoek van de Tennis Integrity Unit naar een verdacht duel in Duitsland tussen de Nederlanders Antal van der Duim en Boy Westerhof in augustus.

Mannenorganisatie ATP heeft de problemen zelf in de hand gewerkt, zegt Middelkoop. „Het is ongelofelijk dat jongens die rond de 200ste plek staan niet kunnen leven van tennis.”

Het prijzengeld zou beter verdeeld moeten worden over alle spelers, vindt Middelkoop, die in zijn loopbaan zo’n 240.000 euro bij elkaar sloeg. „De verdeelsleutel is verschrikkelijk. Ik heb zo’n hekel aan hoe de tenniswereld is zoals die nu is.”

Hij heeft zo’n 50.000 euro per jaar nodig om te kunnen tennissen – voor materiaal, hotels, baanhuur, coaching en vliegtickets. Bij Schuurs ligt dat tussen de 20.000 en 30.000 euro

Middelkoop en Schuurs kunnen het niet veroorloven om een coach mee nemen naar buitenlandse toernooien. Ze gaan zich komend seizoen richten op het dubbelspel, daar hopen ze sneller resultaten te halen. Het is een noodgedwongen keuze. Om maar uit die anonimiteit te komen.