Niet kopen maar kweken

PSV wil af van het stigma van koopclub. De club leidt liever zelf talenten op met hulp van idolen van voorheen.

Samen speelde het trio bijna 750 officiële wedstrijden voor PSV. De een was een spelverdeler die nooit opgaf, de ander een giftige mandekker, terwijl de derde de kunst van het scoren beheerste. „Stel je voor dat je als jeugdspeler met die mannen kan werken”, zegt Pascal Jansen, als hij de namen van Mark van Bommel, André Ooijer en Luc Nilis heeft genoemd. De trainer van PSV A1 zou het wel weten: opzuigen die kennis. Zoveel vragen dat de oudgedienden de jongens moeten afremmen: nu even niet, morgen weer een nieuwe tip.

Van Bommel, Ooijer en Nilis zijn enkele van de vele oud-spelers die rondlopen op De Herdgang. Zij ondersteunen Jansen bij de A1, terwijl anderen (Joonas Kolka, Jurgen Dirkx, Kevin Hofland) zelf een team trainen. Met hun expertise moeten zij talenten het laatste zetje geven richting de hoofdmacht. PSV streeft ernaar dat die op termijn voor meer dan de helft uit spelers van eigen kweek bestaat.

De oudgedienden zijn ook aangesteld vanwege hun band met de club. Als zogenoemde cultuurdragers moeten zij nestwarmte creëren. Dat was hard nodig, constateerde toenmalig algemeen directeur Tiny Sanders vorig jaar in een speciaal rapport. „De thermostaat moet een paar graden hoger”, luidde de titel daarvan.

Koopclub

Wanneer er meer talenten doorstromen, zal PSV worden verlost van het stempel koopclub. De term waar technisch manager Marcel Brands zich aan ergert. Hij noemt het een stigma dat voortkomt uit beeldvorming, en wijst op de elf eigen jongens die al bij de selectie zitten. Drie van hen, Memphis Depay, Jeroen Zoet en Jorrit Hendrix, hebben een basisplaats.

Hun doorbraak vormt een voorbode voor andere talenten die onderweg zijn. „PSV maakt een inhaalslag”, stelt onder anderen hoofd jeugdscouting Rini de Groot. „De club levert steeds meer spelers af aan vertegenwoordigende teams van de KNVB.”

PSV is meer gaan investeren in de jeugd en dat komt mede door financiële beperkingen, zoals ook Feyenoord en Ajax noodgedwongen zijn gaan bouwen op eigen exponenten. De club besteedt sinds het seizoen 2013-2014 geen 3,5 miljoen euro per jaar aan de academie maar 4,25 miljoen. Ter compensatie gingen de salarissen van spelers omlaag.

De club breidde tegelijk ook het scoutingapparaat uit. Waar in 2011 nog zo’n tien scouts actief waren, zijn dat er nu vijftig. „Samen zien zij 10.000 activiteiten, wat neerkomt op 100.000 spelers per jaar”, rekent De Groot voor.

Omdat Noord-Brabant en de directe omgeving daaromheen niet de meest vruchtbare grond is gebleken, scout PSV ook vaker over de grens. In de hoogste jeugdcategorieën spelen al Deense, Servische en Turkse internationals. Denk ook de vijftienjarige Bobby Adekanye die PSV leent van FC Barcelona. Wegens straf voor het overtreden van transferregels mag hij niet spelen bij Barcelona, waarna het Nederlandse talent werd gestald bij PSV. Het is niet bekend hoe lang hij blijft. „Maar we kunnen zo’n speler wel een goed gevoel bij PSV bezorgen”, verklaart De Groot.

Kritiek

De omslag bij PSV werd ingezet in 2011, toen duidelijk werd dat de club geen dure aankopen en gortige salarissen meer kon betalen. Vandaar dat de blik werd verlegd naar de eigen academie. Conclusie: daar moeten meer vruchten van worden geplukt.

Om die reden werd twee jaar later ook de ervaren Art Langeler aangesteld als hoofd jeugdopleiding. De trainer die met PEC Zwolle kampioen van de eerste divisie is geworden, werd bewust voor lange tijd gebonden. Opdat hij zijn beleid niet alleen kan schrijven, maar ook kan uitvoeren.

Hoewel vanaf 2011 de ommekeer is ingezet en er steeds meer spelers doorstromen, klonk er vorig jaar nog kritiek. Ook voormalig PSV-trainer Aad de Mos roerde zich. In een interview met De Telegraaf concludeerde hij vorig jaar dat „jonge spelers van PSV niet die rugzak met voetbalbagage hebben die jonge spelers van Ajax wel hebben.”

En dat niet alleen. Jeugd bij PSV werd ook verwend, vond De Mos. Neem Zakaria Bakkali, vorig jaar parel, nu paria. Hij was in de jeugd een speler van wie de tas al werd gedragen. Na zijn debuut in het eerste dacht PSV over een nieuwe topper te beschikken. Totdat Bakkali weigerde bij te tekenen en er een hoofdpijndossier ontstond voor Marcel Brands. De technisch manager wijt het aan Bakkali’s onwetendheid en geldbeluste zaakwaarnemers, maar is dit geen les? Dat pamperen averechts kan werken.

Eerder stuurde ook Ismail Aissati aan op een breuk. Ook hij werd geroemd voordat hij boos vertrok. Diens voormalig bondscoach bij Jong Oranje, Foppe de Haan, zei eens dat hij een zekere hoogmoed bespeurde bij Aissati, die nu speelt bij Terek Grozny in Tsjetsjenië. „Ismaïl vond ondanks zijn jonge leeftijd dat hij vast in de basis moest staan bij PSV.”

Jeugdtrainer Jansen: „Tijdens mijn periodes bij Sparta en Vitesse viel me vaak op dat er heel veel voor spelers van PSV was geregeld. Daardoor kan de absolute honger verdwijnen. Je moet elke dag veel eisen, zodat spelers gewend zijn om alles te geven. Bakkali is heel snel op een voetstuk geplaatst. ”

Technische bagage

In de ogen van Aad de Mos schort het bij talenten van PSV aan technische bagage. Wiljan Vloet zag dat ook toen hij in 2009 Edward Sturing opvolgde als hoofd van de jeugdopleiding. „PSV had fantastische jeugdtrainers, maar miste mannen die spelers details konden bijbrengen. Dan heb je mensen nodig die zelf op topniveau hebben gespeeld.”

Mede daarom werd onder anderen de huidige hoofdtrainer Phillip Cocu bij de jeugd betrokken. Zoals dat bij Ajax gebeurde met Frank de Boer, Dennis Bergkamp en Wim Jonk, als onderdeel van de zogenoemde Cruijff-revolutie. Cruijffs visie: hoe meer oud-spelers, hoe beter voor de jeugd.

De vraag is: stappen jeugdspelers ook af op iemand als Ruud van Nistelrooy, die momenteel stage loopt bij PSV? „Nou, dat verbaasde mij ook”, zegt Pascal Jansen. „Weet je hoe vaak mijn spits vorig jaar met Van Nistelrooij naar beelden heeft gekeken? Eén keer. Jongetjes die hier vanaf hun twaalfde spelen kijken niet op van de aanwezigheid van Ooijer of Van Bommel. Maar ik blijf ze erop attenderen dat ze ervan moeten profiteren. Zo iemand als Nilis hè, die heeft zo’n scherp oog voor detail.”