Bij Duchenne wordt spier bindweefsel

Afwijkende stamcellen spelen een onvermoede rol bij de spierdystrofie van Duchenne. Bij patiënten gaan stamcellen die voor nieuwe spiercellen moeten zorgen, steeds meer bindweefsel produceren. Dat versnelt de spierzwakte. Bij muizen is de bindweefselvorming af te remmen met het geneesmiddel losartan (Science Translational Medicine, 17 december).

De ziekte van Duchenne is een erfelijke spierziekte die vrijwel alleen jongens treft. In ons land worden jaarlijks ongeveer 25 kinderen ermee geboren. In hun spieren ontbreekt het eiwit dystrofine door mutaties in het bijbehorende gen. Dit eiwit geeft de spier stevigheid. Valt het weg, dan ontstaat ernstige spierzwakte. Veel patiënten overlijden voor hun veertigste.

Bij gezonde mensen zorgen spierstamcellen voor de vervanging van beschadigde spiercellen, maar bij Duchenne-patiënten werkt dit mechanisme niet goed. Onderzoekers van Stanford University hebben bij muizen ontdekt hoe dit komt. De stamcellen maken steeds minder spiercellen en meer voorlopers van bindweefsel. Bovendien verplaatsen de stamcellen zich. Normaal liggen ze aan de buitenkant van bundels spiercellen, nu dringen ze zich ertussen. Uiteindelijk wordt steeds meer spierweefsel door bindweefsel vervangen.

Deze veranderingen treden ook op in ouder wordende spieren, al verloopt het proces er veel langzamer en minder ernstig. Daardoor is vrij precies bekend hoe het proces verloopt en welke signaaleiwitten erbij betrokken zijn. Een belangrijke bleek TGF-bèta-2. Het middel losartan, een bekende bloeddrukverlager, werkt onder meer doordat het dit eiwit remt.

Losartan stopte bij muizen het spierverlies . Helaas remt losartan ook andere signaaleiwitten, zodat de onderzoekers nu op zoek zijn naar een meer specifiek middel.