Schoonheidsprijs

Het was drama – maar wat voor drama was het? Shakespeare, House of Cards – of toch gewoon schooltoneel? Een komedie over wraak, een tragedie over een naderend einde of een nagelbijtend spannend politiek leerstuk? Toen ik donderdagnacht tijdens het Tweede Kamerdebat over de weggestemde Zorgwet in slaap viel – Halbe Zijlstra was aan het woord – was ik er nog niet uit.

Op het eerste gezicht leek het Haagse kermis. Een politieke klasse die zich hopeloos aan zichzelf verslingerd toont, een kabinet dat enkel bezig is zijn onafwendbare einde af te kopen, een hollende roedel journalisten die in zijn duidingsdrift een geheel eigen werkelijkheid schept, compleet met „crisis”, „dissidenten” en een dreigende Götterdämmerung. „Dat Asscher naar het Torentje gaat en Samsom juist weer niet – aan alles wordt betekenis toegekend”, aldus een anonieme D66’er in de Volkskrant. Fijn voor de verslaafden aan het „politieke spel” – een schrale vertoning voor de rest van ons. „Al twee dagen zijn de PvdA en de VVD alleen met zichzelf bezig”, sprak CDA-Kamerlid Mona Keijzer. „Maar weet je waar dit wetsvoorstel eigenlijk over gaat: die mevrouw die in het ziekenhuis in Hoorn een nieuwe heup kreeg en 15 duizend euro uit eigen zak moet betalen.”

Ging het daarover? Over de motieven van de recalcitrante PvdA-senatoren, alle drie op weg naar de uitgang van de politiek, werd wild gespeculeerd – wraak op de eigen partij, miskenning, onnavolgbare machtsdrang, het verlangen om nog een keer te shinen. Onverantwoordelijk! Zoiets doe je niet! „Betrouwbaarheid is belangrijk, in de politiek net zo goed als in het leven”, sprak een lid van de gedoogoppositie beteuterd.

In dat duffe zinnetje gaat, denk ik, de betekenis van het drama schuil. Het „nee” van de recalcitrante PvdA-senatoren lijkt me belangrijk juist omdat het zo ongehoord is – een stem, niet alleen tegen de groeiende macht van de zorgverzekeraars, maar ook tegen een bepaalde manier van politiek bedrijven.

Ik bedoel het soort politiek dat nauwelijks meer stoelt op overtuiging, maar louter op haalbaarheid. Een politieke compromis is dan geen noodzakelijk tussenstation meer op weg naar een ideaal, het is een doel op zich geworden. Wat de zorgwet betrof was alles zo keurig afgestemd, uitonderhandeld en dichtgeplamuurd, dat de principiële kwestie van de vrije keuze van de burger volledig aan het zicht onttrokken leek. Dat één afwijkende stem in de Eerste Kamer al genoeg was om de wet te torpederen, had te denken moeten geven, maar in het knip-en-plakwerk dat deze regering voor regeren aanziet, is draagvlak zuiver een kwestie van stemmen tellen.

Zo kon het dat de tegenstem van de senatoren, gebaseerd op een principiële afweging, niet alleen een wet torpedeerde, maar ook een politieke mentaliteit in een schril licht toonde. Het ongeloof dat volgde, de ontzetting, de gepikeerdheid, sprak boekdelen. Men was in zijn hemd gezet. De constructieve betrouwbaarheid van alle betrokken partijen leek door de actie van de dissidenten ineens verdacht veel op slaafse volgzaamheid. Au.

Misschien waren het de zogenaamde dissidenten die lieten zien wat echte politiek is.

Dat de PvdA-senatoren daarmee vooral de eigen partij treffen, is onvermijdelijk. Het is de generatie-Samsom die verzuimt heeft een sociaaldemocratische visie voor deze tijd te ontwikkelen. Daardoor lijken de partij en het politieke spel inmiddels volkomen samen te vallen. Echt, dat is meer dan beeldvorming van hitsige media alleen. Ieder compromis wordt als een overwinning gepresenteerd, iedere bezuiniging als een hervorming die Nederland „beter” maakt – dat dodelijke stopwoord van een zuiver pragmatische politiek. Dat Samsom tijdens het debat donderdagnacht de door Duivesteijn afgedwongen aanpassingen in de Zorgwet probeerde te verkopen als zijn eigen verdienste, was als een dolk in zijn eigen borst – iedereen weet dat hij hoogstpersoonlijk akkoord is gegaan met de inperking van de vrije artsenkeuze.

Zeker, er zat een persoonlijk gif in de doodsteek die het trio hem in de Eerste Kamer toebracht, maar hij is er niet minder fataal om. Het ging niet om de Zorgwet, het ging niet om fractiediscipline, het ging om een manier van politiek bedrijven. De wet mag dan gered zijn, voor Samsom is het afgelopen, lijkt me. Tijdens het debat donderdagnacht zei hij meerdere keren dat de gang van zaken in de Eerste Kamer „geen schoonheidsprijs verdient”. Ik denk van wel.