Elf bedrijven beboet om levensmiddelenkartel

Unilever moet 172,5 miljoen euro betalen vanwege afspraken die het bedrijf met rivalen maakte. Het is al de tweede kartelboete sinds 2011.

De mededingingsautoriteit in Frankrijk heeft Unilever en tien andere levensmiddelenconcerns beboet wegens prijsafspraken rond schoonmaakmiddelen en verzorgingsproducten. Gezamenlijk moeten de bedrijven 1,1 miljard euro betalen. De boete voor het Brits-Nederlandse Unilever bedraagt in de twee verschillende zaken 172,5 miljoen euro.

Het Franse L’Oréal is het zwaarst beboet; dit concern moet 189,5 miljoen euro betalen. Zowel Unilever als L’Oréal heeft aangekondigd in beroep te gaan tegen de boete, die betrekking heeft op de periode van 2003 tot en met 2006. Volgens de Franse autoriteit hebben de concerns destijds prijsverhogingen met elkaar afgesproken. Medewerkers zouden elkaar in restaurants en op thuisadressen hebben getroffen om bedrijfsinformatie uit te wisselen. De in de kartelzaken betrokken merken zijn onder andere Sun, Calgonit, Ajax, Cillit Bang, Palmolive, Sanex, Elsève, Head & Shoulders en Colgate.

Unilever noemt de boete „volstrekt onrechtvaardig gezien de relatief beperkte mate van betrokkenheid en het feit dat consumenten niet zijn benadeeld”. Dat laatste zou blijken uit eigen onderzoek van Unilever, dat volgens het concern niet werd meegenomen in de besluitvorming. Volgens de Franse mededingingsautoriteiten hebben Unilever en enkele andere bedrijven juist een lagere boete gekregen omdat ze de feiten niet betwisten en omdat ze hebben beloofd zich voortaan aan de regels te houden.

De totale boete rond schoonmaakmiddelen komt op ruim 345,2 miljoen euro, bij de verzorgingsproducten gaat het om een bedrag van bijna 606 miljoen euro.

SC Johnson werd als aangever van de ongeoorloofde praktijken van de schoonmaakmiddelenconcerns niet beboet. De boete van Unilever, van ruim 70,5 miljoen euro, is de op één na hoogste in dit segment, na die van Reckitt Benckiser van meer dan 108 miljoen euro. De overige leden van dit kartel waren Colgate-Palmolive, Henkel, Procter & Gamble, Hillshire Brands en Bolton Manitoba.

Bij de verzorgingsproducten, aangegeven door Colgate-Palmolive, werd alleen L’Oréal (189,5 miljoen euro) zwaarder beboet dan Unilever, dat ruim 102 miljoen euro moet betalen. Met uitzondering van Bolton Manitoba had dit kartel dezelfde leden als het kartel rond schoonmaakmiddelen, aangevuld met Johnson & Johnson, Beiersdorf en SCA Tissue.

In 2011 heeft de Europese Commissie Unilever al een boete opgelegd van 104 miljoen euro wegens kartelvorming in de markt voor waspoeder, in de periode tussen januari 2002 en maart 2005. Ook Proctor & Gamble kreeg een boete, van 211,2 miljoen euro. Een derde lid van het kartel, Henkel, hoefde destijds niets te betalen, omdat Henkel degene was die het bestaan van het kartel in 2008 onthulde.

Verder heeft Unilever gisteren bekendgemaakt dat het de rechtszaak die het had aangespannen tegen de makers van Just Mayo, heeft ingetrokken. Eerder dit jaar klaagde de multinational het jonge bedrijfje Hampton Creek uit San Francisco aan vanwege misleiding van consumenten: hoewel Just Mayo officieel geen mayonaise is omdat er geen ei in zit hebben de makers op de verpakking wel een groot ei afgebeeld. De baas van Hampton Creek zei in een reactie aan persbureau AP dat de verkopen van Just Mayo flink zijn gestegen door de rechtszaak en dat Unilever hem „de kans (heeft) gegeven zijn verhaal te vertellen tegen miljoenen mensen”.