Als touwtje knapt is Ajax reddeloos

Ajax verliest thuis met 4-0 van Vitesse. Wisselvalligheid in knockout-toernooi is De Boer aan te wrijven.

Ajax-coach Frank de Boer gisteren tijdens de wedstrijd tegen Vitesse, in de achtste finale van het bekertoernooi. „Ik ben kwaad geweest in de rust”, zei hij na afloop van de 4-0 nederlaag. Foto Hollandse Hoogte

Hij blijft een moeilijk van zijn stuk te brengen man. Nooit hoofdpijn gehad en, zo zei hij eerder deze week, hij ligt ook steeds minder vaak wakker van voetbal. Frank de Boer stond er rond de klok van elf uur ’s avonds monter bij in de Amsterdam Arena. Tegenover de verzamelde pers zei hij: „Ik ben kwaad geweest in de rust, maar om nu ook op jullie te gaan schelden...”. Iedereen lachen.

Zo glijdt de 4-0 nederlaag tegen Vitesse van gisteravond van hem af als wéér een incident, een losstaand fenomeen – niet te veel achter zoeken. Van het hoofd van De Boer was niet af te lezen dat 37.000 toeschouwers met hem getuige waren van een evenaring van de grootste thuisnederlagen (4-0) in de geschiedenis van Ajax in het betaald voetbal: PSV in 2005, Real in 2010.

Het kan, zoals De Boer deed, afgeschoven worden op de spelers die, zo leek het althans, voor de grap allemaal de veters van hun voetbalschoenen aan elkaar hadden vastgeknoopt. „Ik kon er wel tien wisselen”, zei De Boer. Verdediger Joël Veltman tastte twee keer fataal mis, Nick Viergever won geen duel. In de altijd ongemakkelijke zoektocht naar woorden om dergelijke prestaties te verklaren kwamen Ajacieden niet verder dan offday of ondergrens. Aanvoerder Davy Klaassen kon wel janken, zei hij. Zijn stem trilde iets.

Pijnlijke reeks incidenten

Incident dus, maar dan wel passend in een reeks van pijnlijke incidenten in het jaar 2014. Uitgebekerd in de Europa League tegen Red Bull Salzburg met, over twee wedstrijden, een 6-1 score. Vernederd in de bekerfinale door PEC Zwolle (5-1), een schokkende gebeurtenis die dunnetjes over gedaan werd in de wedstrijd om Johan Cruijff Schaal in de Arena (1-0 nederlaag). Als het even echt moet, geeft Ajax te vaak niet thuis en dat is een coach aan te wrijven, ook één met vier titels in de prijzenkast.

Het succes in de competitie, vergevingsgezind in de zin dat de marge voor fouten groot is, staat in schril contrast met De Boers ongemakkelijke verhouding met knock-outtoernooien. De basis voor zijn vier titels legde hij steeds in de tweede helft van het seizoen waarin zijn eeuwige verhaal over opbouw, positiespel en verdediging steeds meer terug te zien was in een min of meer ingespeeld team. Maar de beker, voor wat het waard is als secundair toernooi in Nederland, blijft een obsessie.

De kwaliteit bij Ajax is zo dun dat het geheel zonder voortdurende, dwingende drive plots helemaal in elkaar kan zakken. Als het touwtje knapt is Ajax reddeloos, zo blijkt keer op keer in een knock-outtoernooi. Dat de grote, alles-of-niets duels zelden het beste bovenhalen in het Ajax van De Boer is een wat vreemde stelling om te betrekken na een avond waarin echt geen grote wedstrijd op het programma stond – de achtste finale tegen Vitesse – maar toch: het ging weer eens goed mis.

Alleen De Boers eerste en Ajax’ dertigste kampioenschap kwam tot stand in een finale-achtige setting tegen directe concurrent FC Twente. Daarna verloor hij onder meer twee bekerfinales, drie van de vier duels om de Johan Cruijff Schaal en vier van de vijf knock-out rondes in de Europa League. Ja, en hij won vier titels. Zelden grijpt De Boer naar onorthodoxe methodes. Over een grote wedstrijd gesproken: in maart 2012, toen PSV op beslissende achterstand werd gezet in een competitieduel waarin de uitgerangeerde Ismaïl Aissati excelleerde, was er eens sprake van een motivatiefilm met beelden van Amerikaanse sporthelden die Ajax inspireerde.

‘Juiste snaar raken’

In gesprek met een aantal journalisten had De Boer woensdag nog verteld hoe hij de afgelopen tijd beter heeft geleerd „een snaar te raken” bij spelers. Ofwel: „Wanneer ik er vol in moet gaan, of even afstand moet nemen om op de juiste manier iemand te prikkelen”, aldus de coach. „Daarin heb ik stappen gemaakt. Als je de verkeerde snaar raakt trekt hij een scherm op. Ze moeten het gevoel hebben dat ze altijd wat mogen zeggen, dat de deur openstaat en dat ze fouten mogen maken.”

Fouten genoeg gisteravond. Niemand bij Ajax, ook niet de ideale captain Klaassen, had het vermogen om de wedstrijd om te draaien. Geen schuim op de bek, geen vuurspuwende ogen. In de rust, 2-0 achter, had De Boer drie van zijn ‘oudere’ spelers Klaassen, Veltman en Viergever gevraagd waar ze mee bezig waren. De boodschap dat ze nog een kwartier kregen om het recht te zetten sorteerde geen effect. Het werd 4-0 in precies dat kwartier.

Op een tv-scherm in de mixed-zone vlogen de goals van Excelsior in het bekerduel tegen NAC (6-0) ondertussen één voor één binnen. Ook dat nog: Ajax’ tegenstander van komende zondag, in een belangrijk uitwedstrijd om in het spoor van PSV te blijven, boekte een monsterzege. De Boer: „Het zal uit de teentjes moeten komen.”