Column

In de naam van de heilige Vladimir

Terwijl Russische beleidsmakers gisteren en vanmorgen tal van kleine maatregelen namen om de koers van de roebel te stabiliseren, blijft er één dilemma levensgroot staan. En dat is wat onder economen de ‘onheilige drie-eenheid’ wordt genoemd. Daarbij gaat het niet om theologie – al was het ironisch genoeg een twist om de heilige drie-eenheid die ten grondslag lag aan het ontstaan van de (Russisch) orthodoxe kerk. De vraag, namelijk, of de Heilige Geest tot ons komt via eerst de vader, of via de vader én de zoon. Daar splitsten in 1054 de Roomse en Orthodoxe kerk op, al kan dat ook worden gezien als een codificatie van een politieke en territoriale scheuring die er toch al was.

Maar goed, er is dus ook een onheilige drie-eenheid. Die these is afkomstig van de Amerikaanse econoom en Nobelprijswinnaar Robert Mundell. We kennen Mundell in Europa vooral van zijn definitie van een ‘optimaal valutagebied’: de vraag of een groep gebieden genoeg gemeen heeft om een gemeenschappelijke munt te runnen. Dat speelde in de aanloop naar de euro, eind jaren negentig van de vorige eeuw. Het antwoord is er nog steeds niet, trouwens.

Rusland heeft nu te maken met Mundells andere these. Zijn onheilige drie-eenheid stelt dat je niet tegelijkertijd de wisselkoers van je munt kunt beheersen, een zelfstandig monetair (anti-inflatie) beleid kunt voeren en open grenzen kunt hebben voor kapitaalstromen. Je zou je kunnen voorstellen dat Rusland op dit moment precies dat onmogelijke wil: een roebel onder controle, de inflatie in toom houden en een vrij kapitaalverkeer met het buitenland handhaven.

Inflatiebestrijding geef je niet uit handen. En vrij kapitaalverkeer is cruciaal voor een land dat veel spullen importeert, geld verdient met grondstoffenexport, buitenlandse financiering nodig heeft én een elite heeft die het verdiende geld graag buiten wegzet. Want dat is in een groot deel van de wereld een blijvende ironie: je verdient je geld thuis dankzij het ontbreken van een effectieve rechtsstaat (Rusland, Nigeria, etc.) en stelt het dan veilig in landen waar die rechtsstaat wél aanwezig is (het VK, Zwitserland, etc.)

De beslissing van de Russische centrale bank vorige maand om de koers van de roebel niet langer met steunaankopen te verdedigen moet in dat licht worden bezien. Er was geen alternatief. Het vrij laten zweven van de munt was noodzakelijk om te voorkomen dat kapitaalscontroles (het beperken van internationaal kapitaalverkeer) moesten worden ingesteld. De renteverhoging tot 17 procent van afgelopen maandag was eveneens een maatregel die moest worden ingezet om kapitaalscontroles niet te hoeven inzetten.

De vraag wordt nu hoe lang regering en centrale bank het volhouden. Inmiddels wordt er al weer geïntervenieerd in de roebel, met voorlopig succes. Maar dat ging maandag ten koste van 3 miljard dollar, en dinsdag bijna twee miljard. Gisteren zette het ministerie van Financiën uit eigen middelen 7 miljard in. Met centrale bankreserves van ruim 400 miljard dollar lijkt het of je dat lang kunt volhouden, maar die reserves zijn kostbaar. Je laat ze niet zomaar wegzinken in een bodemloze put van valuta-interventies.

Wat nu? Er zijn kleine maatregelen mogelijk, waarbij in het buitenland door bedrijven verdiende dollars voor een deel bij de centrale bank moeten worden ingeleverd voor roebels. Of een verhoging van de verplichte dollar- en euroreserves bij commerciële banken. Alles om te voorkomen dat de grens écht dicht moet. Want Poetin mag dan wel hebben gezinspeeld op Russische autarkie, maar deze versie zal hem aannemelijk niet voor ogen hebben gestaan.

We slaan een kruisje.