Deze Nederlandse bedrijven hebben voordeel/last van de goedkope roebel

A woman walks past a board listing foreign currency rates against the Russian ruble outside an exchange office in central Moscow on December 12, 2014. The ruble sank Friday to fresh record lows of 71 against the euro and 57 against the dollar as oil prices plunged further, prompting apparent intervention from Russia's central bank. AFP PHOTO / KIRILL KUDRYAVTSEV Foto AFP

De lage roebelstand heeft niet alleen gevolgen voor Rusland, maar ook voor de landen waar het handel mee drijft. Welke Nederlandse bedrijven profiteren eigenlijk van de lage roebel? En welke niet?

De handel tussen Rusland en de Europese Unie is in tien jaar tijd bijna verdrievoudigd. Vooral voor Nederland, doorvoerland van olie en gas, is het handelsbelang groot. Alleen Duitsland en China handelen meer met Rusland.

Welke bedrijven kunnen profiteren?

Door de lage roebelstand zou het importeren van producten uit Rusland goedkoper moeten zijn. Voor Nederland gaat dat echter voor een groot deel niet op. Meer dan negentig procent van de import bestaat namelijk uit olie en gas, dat verhandeld wordt in dollars.

Van de overige tien procent bestaat het merendeel uit staal, maïs en hout. Staal wordt verhandeld via de London Metal Exchange en heeft weinig last van de roebel. “Wij merken er wel wat van, maar het is moeilijk te zeggen of dat voor ons nou positief of negatief is,” aldus Bert Ooms van Nidera, verhandelaar van agrarische producten zoals granen. Ook Trima plaatmaterialen in Zaandam, dat werkt met hout uit Rusland, merkt nog niet direct een effect. Een woordvoerder:

“We maken toch veel afspraken op de lange termijn. Het is geen ‘kraantje open, kraantje dicht’.”

Beyleveld Houtimport merkt wel dat het hout goedkoper wordt. “We betalen niet in roebels, maar er worden wel speciale aanbiedingen gedaan,” aldus een woordvoerder.

“Toch sluit je geen lange-termijncontracten af. Bovendien concurreren importeurs met elkaar in het verlagen van de verkoopprijzen. Het verstoort dus wel de markt.”

Welke bedrijven merken de negatieve gevolgen?

Bedrijven die producten naar Rusland exporteren of daar vestigingen hebben. Zoals het Noord-Hollandse Meyn, dat kippenslachtmachines levert.

In Rusland zelf heeft het bedrijf een hoofdvestiging en twee kleine kantoren. Michael Groen van Meyn:

“Voor ons heeft het zeker gevolgen. Het merendeel van onze apparatuur wordt in roebels betaald.”

Voor dierenvoedselbedrijf Nutreco, met twee fabrieken in Rusland, vallen de effecten nog mee. “Sinds 2012 doen we de productie lokaal, de consequenties zijn dus redelijk beperkt,” zegt woordvoerder Mark Woldberg.

“Maar de wisselkoers heeft natuurlijk wel effect. We zijn hier niet immuun voor.“