De toeschouwer snakt naar intimiteit en verstilling, dat kan ook in scheidingspijn

Ooit waren ze samen, man en vrouw. Hartstochtelijk verliefd, verzot op elkaars lichaam. Volkomen onverwacht vernietigt de man die liefde. Daartoe heeft hij duizenden woorden nodig, bitse tirades, verwijten, bijna een uur lang. En de vrouw luistert, incasseert. Totdat zij terugslaat, vol emoties en tranen.

Het is een gewaagd en ook bizar toneelstuk, De liefde voorbij (2011) door de Franse auteur en regisseur Pascal Rambert. Oorspronkelijk heet het Clôture de l’amour ofwel Einde der liefde. De Nederlandse versie suggereert dat er iets na de liefde komt, maar de tekst is te genadeloos. In de regie van Marcelle Meuleman vertolken Reinout Bussemaker en Johanna ter Steege de twee personages.

De speelvloer is volkomen leeg en afgeplakt met witte schermen, als van een repetitielokaal. Bussemaker opent meteen na entree een alles verzengend verbaal vuurwerk op Ter Steege. Na zijn hardvochtige, onaangename betoog betreedt Ter Steege de verbale arena. Haar taal is een loflied op de liefde, een verdedigingsrede.

Het is eigenlijk nogal ouderwets allemaal, de man rationeel en de vrouw emotioneel. Vertaler Erik Bindervoet heeft in woordkeus en idioom die tegenstelling versterkt. Hieraan heeft Ter Steege te danken dat haar ode prachtige poëzie biedt, een verademing na de hevige attaque van Bussemaker.

Ramberts stuk is in Frankrijk bekroond en krijgt wereldwijde opvoeringen. De extreme vorm van een acteur en actrice die beurtelings een onafzienbare monoloog houden, dwingt bewondering af. Maar in de Nederlandse uitvoering verzuimt de regie elke ingetogenheid, en dat is jammer: nu is het stuk van meet af aan een „bajonettengevecht”, zoals Bussemaker dat met militair vertoon noemt.

Dat is te veel; de toeschouwer snakt naar intimiteit en verstilling, want dat kan ook in scheidingspijn.