Wie verdient er nog geld aan woordenboeken?

Foto ANP

Zal dicteeschrijver Bart Chabot vanavond zijn lexicologische kitschtrukendoos opentrekken om ons met linguïstische bêtises, metaforen en anakoloeten te martelen? Vanavond is het Groot Dictee der Nederlandse Taal, de jaarlijkste spelstrijd tussen Nederlanders en Vlamingen (de Zuiderburen staan voor). Aanleiding voor NRC Q om uit te zoeken: hoe gaat het met het woordenboek? Vijf ontwikkelingen.

1. Er zijn nog maar twee woordenboekmakers over

Twijfelde de scholier of student een paar jaar terug nog tussen ten minste vier merken woordenboeken, de keuze is inmiddels flink ingeperkt. Kramers is overgenomen door Unieboek Het Spectrum, de uitgeverij van Prisma, dat de Kramers-woordenboeken niet meer verkoopt. En Koenen is van Van Dale, dat de Koenen-titels “niet meer actief bijhoudt” volgens uitgeefdirecteur Maurice Kneppers.

2. Het papieren woordenboek verkoopt minder

Vooral het klassieke, papieren woordenboek wordt elk jaar minder verkocht. Marktonderzoeksbureau GfK houdt de verkoop van papieren woordenboeken in boekwinkels, entertainmentwinkels en warenhuizen bij.

Jaar op jaar neemt die verkoop af. Dit jaar tot en met november werden er 5 procent (Nederland) en 8 procent (Vlaanderen) minder boeken verkocht in vergelijking met diezelfde periode een jaar eerder. De omzet van woordenboeken daalde met 8 procent (Nederland) en 14 procent (Vlaanderen). Eén troost voor de woordenboekenmakers: de daling gaat wel minder hard.

3. Maar papieren woordenboeken blijven belangrijk

Bij Prisma is papier “veruit het meest populair”, bij Van Dale komt ongeveer de helft van de omzet nog van papier. Dat verbaast ook uitgeefdirecteur Kneppers:

“Toen ik in 2007 bij Van Dale begon was de prognose dat het papieren woordenboek snel vervangen zou zijn door online. Maar we verkopen nog steeds veel papier.”

Hoe dat komt? Scholieren mogen bij examens nog altijd alleen een papieren woordenboek gebruiken, geen woordenboek-app of digitaal exemplaar. De verkooppiek is dan ook in augustus, vlak voor de scholen beginnen. Pockets van ongeveer 10 euro worden bij beide merken een stuk meer verkocht dan dikke edities.

Top-3 Nederland (GfK):
1. Prisma pocketwoordenboek Engels-Nederlands
2. Van Dale Pocketwoordenboek Nederlands
3. Van Dale Pocketwoordenboek Engels-Nederlands

Top-3 Vlaanderen (GfK):
1. Prisma pocketwoordenboek Nederlands
2. Prisma pocketwoordenboek Nederlands-Frans
3. Prisma pocketwoordenboek Frans-Nederlands

4. Prisma vernieuwt met fluorescerende kleuren

Je kunt er weinig aan veranderen, die pagina’s van zo’n woordenboek. Prisma is dit jaar begonnen met fluorescerende covers. “Een groot succes”, volgens de woordvoerder, waardoor “de pocketwoordenboekenmarkt als geheel” weer zou zijn gegroeid. Dat laatste blijkt niet uit cijfers van GfK, maar de omzetkrimp is inderdaad wel een stuk kleiner.

5. Van Dale verdient digitaal

Van Dale verdient bij met de verkoop van Taalvoutjes-boeken en scheurkalenders. En 1,2 miljoen werknemers, onder wie alle Nederlandse rijksambtenaren, hebben via hun werk een licentie voor digitale woordenboeken van Van Dale. Uitgeefdirecteur Kneppers:

“We zijn al lang geen woordenboekenmaker meer, we zijn in feite leverancier van taalcontent.”

Dat woordenboek mag je vanavond sowieso in de kast laten staan tijdens het Groot Dictee. Ben je een dicteegroentje? Eén tip: het is przewalskipaard.