Valutacrisis dreigt einde te maken aan ‘Poetins consumptierevolutie’

Na een interventie van de regering herstelde de roebel zich licht. Maar de politieke gevolgen blijven onzeker.

Geen serieuze crisis zonder serieuze geruchten. De top-3 bestond gisteren, op de dag dat de Centrale Bank van Rusland dacht de roebel te redden maar de munt juist zag ontsporen, uit de de volgende zeer serieuze geruchten.

’s Ochtends liet ex-minister Aleksej Koedrin van Financiën, een criticus van het sociaal-economische beleid van het Kremlin, weten dat hij niet van plan was om premier te worden in plaats van Dmitri Medvedev. De eerste minister riep gisteren het ‘financiële blok’ van zijn ministersploeg in spoedsessie bijeen maar zweeg zelf.

’s Middags maakte de Spaarbank, de grootste financiële instelling van het land waarvan de aandelen op de beurs kelderden, bekend dat ze niet had besloten om de gewone burger geen krediet meer te verstrekken.

Tegelijkertijd zei Igor Setsjin, de topman van het staatsolieconcern Rosneft die in en uit kan lopen bij zijn oud-KGB-collega president Poetin, dat hij niet de hand heeft in het „slopen van de roebel”. Dit gerucht, dat Setsjin toeschreef aan politieke „provocateurs” uit de kringen rond Koedrin, deed in Moskou gisteren wel de ronde. Het komt er kort gezegd op neer dat Rosneft een recente obligatie bij de centrale bank zou hebben omgezet in cash om de valuta te kopen die het nodig heeft om zijn buitenlandse schuld van ruim 10 miljard dollar te kunnen herfinancieren.

Duikvlucht

Het gerucht over zo’n afspraakje tussen Rosneft en de centrale bank paste niet alleen in een Russische traditie om staats- en persoonlijk belang op één grote hoop te gooien. Dit verhaal deed het ook goed omdat het verklaart waarom de roebel in een duikvlucht raakte, hoewel centrale bankier Elvira Nabioellina ’s nachts de rente met maar liefst 650 basispunten had verhoogd tot 17 procent en de olieprijs niet navenant daalde. De suggestie dat het lot van Medvedev aan een zijden draadje hing, is eveneens klassiek. In Rusland is de premier niet veel meer dan de ambtelijke uitvoerder van het beleid dat het Kremlin uitstippelt.

Ook onder buitenlandse analytici circuleerde een gerucht. De vrije val van de roebel, die gisteren officieel kortstondig werd gewisseld tegen een koers van 100 voor één euro en in een provinciestad als Toela zelfs daalde naar 150 om 1, zou alleen zijn te stuiten als de centrale bank het nu nog vrije kapitaalverkeer zou controleren. Maar minister Oeljoekajev van Economische Zaken ontkende dat gisteravond.

President Poetin zweeg gisteren de hele dag. Er was geen „noodzaak” voor een publieke interventie, zei zijn woordvoerder Dmitri Peskov. Morgen houdt Poetin zijn traditionele einde-jaars persconferentie. De deconfiture van de roebel was gewoon het werk van „emotionele en speculatieve stemmingen”, aldus Peskov.

Deviezenreserves

Vandaag herstelde de roebelkoers zich enigszins, nadat het ministerie van Financiën had aangekondigd dat het zeven miljard dollar aan deviezenreserves zou steken in steun voor de roebel. Alle functionarissen zitten nog steeds op hun post. Maar het evenwicht is wankel. De website Gazeta.Ru meldde vandaag dat de oude centrale bankier Viktor Gerasjstsjenko geen geld had kunnen pinnen bij de Spaarbank. Gerasjtsjenko was in de zomer van 1998 chef van de centrale bank en ook verantwoordelijk voor het feitelijke faillissement van Rusland toen het zijn buitenlandse schulden niet meer kon afbetalen. Die crisis van 1998 luidde de neergang van president Jeltsin in en de opkomst van Poetin.

De chaos van 1998 leidde eveneens tot het einde van Gerasjtsjenko, die toen gekscherend werd weggezet als de „allerslechtste centrale bankier ter wereld”. Ook opvolger Nabioellina is haar plek nu niet zeker. In het parlement kreeg zij al de schuld van de financiële puinhoop. Kremlin-adviseur Sergej Glazjev, een ‘havik’ als het gaat om het Oekraïne-beleid van Poetin, verweet haar gisteren dat de bank een „stookhok voor speculanten” is geworden.

Nabioellina zei gisteren dat de rust rond de roebel „over enige tijd” zal weerkeren. Maar Russische kranten en politicologen betwijfelen dat. De centrale bank heeft geen greep meer op de markten. Er daalt een ijzeren „valutagordijn” neer, schreef een krant. De monetaire crisis dreigt een einde te maken aan de „poetinistische consumptierevolutie”, aan het sociale contract met de Russische burgers dat het Kremlin afgelopen decennium overeind hield.

Vandaag werd dat gesymboliseerd door een feit dat geen gerucht was. Een aantal grote autodealers maakte bekend dat ze de verkoop van buitenlandse merken staakte. Door de val van de roebel wordt het risico te groot om in te kopen voor bijvoorbeeld BMW, Volkswagen en Land Rover. De kop ‘autoschaarste’ kan een gevoelige snaar raken bij de grootstedelijke middengroepen. En dat kan weer leiden tot onrust binnen de elite rond Poetin. Een politicologe uit Moskou over dat perspectief: al kan de president nog altijd bogen op een populariteit van 80 procent, het Krim-effect kan snel uitgewerkt zijn. „Een schisma binnen de elite is voor Poetin angstaanjagender dan een sociaal protest”.