Op scholen voelde je al lang angst voor de Talibaan

Dat de Talibaan tot de aanval van gisteren in staat waren, had niemand verwacht. Maar over de strijders werd gezwegen, merkte onze correspondent op een school. „Als scholieren over hen praten, kunnen we doelwit worden.”

De aanslag in de Pakistaanse stad Peshawar is de dodelijkste aanval die de Talibaan tot nog toe in Pakistan hebben uitgevoerd.

Aanvankelijk werd ervan uitgegaan dat het om een gijzelingsactie ging, maar later bleek dat het de aanvallers te doen was om het maken van zoveel mogelijk slachtoffers. Ze waren gehuld in paramilitaire uniformen, droegen bomvesten en automatische wapens en klommen aan de achterkant van de school over een muur.

Een woordvoerder van de Talibaan, die de terreuractie al in een vroeg stadium opeisten, vertelde aan persbureau AFP dat het doel was om „oudere leerlingen” in de school te doden.

Hoe diep de angst voor de Talibaan inmiddels is geworteld, viel al op tijdens een bezoek vorige maand aan een school in de Indiase provincie Punjab, waar de Talibaan ook actief zijn. De particuliere school bevond zich in een van de uitgebreide sloppenwijken in de stad Lahore. Leden van Lahore’s Rotary Club, die zich heeft gecommitteerd aan de strijd tegen polio, gaven op de school een voorlichting met kleurige posters en gesprekjes over voorkoming van de verspreiding van het virus.

Daarbij ging het ook over de aanvallen door extremisten op polioteams, die jonge kinderen antipoliodruppeltjes toedienen. Daarbij zijn de afgelopen twee jaar ruim zestig doden gevallen.

Maar waarom kinderen aanvallen?

„Weten jullie dat de Talibaan dit doen?”, was mijn vraag aan de scholieren. Sommige kinderen – gekleed in keurige schooluniformpjes – wilden antwoord geven, maar de schooldirecteur greep in. „Als de kinderen thuis vertellen dat een westerse journalist hen vragen stelde over de Talibaan, lopen we groot risico. Onze school kan dan een doelwit worden van een aanval”, zei hij.

Maar ondanks de angst kon bijna niemand kon zich voorstellen dat de Talibaan zo gruwelijk te werk zouden gaan. Toen twee jaar geleden een Pakistaanse Talibaancommandant opdracht gaf om het schoolmeisje Malala Yousafzai te doden – een aanslag die mislukte – zocht een andere commandant de publiciteit met een open brief waarin hij te kennen gaf geschokt te zijn. Dat werd geïnterpreteerd als een verschil van mening binnen de Tehrek-e-Taliban, de Pakistaanse tak van de Talibaan, die bestaat uit een veelheid van militante groeperingen.

Vooralsnog lijkt er echter geen onenigheid in Talibaankringen over de aanval op de schoolkinderen in Peshawar. De Pakistaans-Afghaanse journalist Sami Yousafzai, die zich al jaren bezighoudt met de strijd in Pakistan en Afghanistan, belde met een commandant van een Pakistaanse Talibaanfactie, terwijl de aanval gaande was. Hij vroeg hem waarom zij onschuldige kinderen aanvielen.

„De ouders van die kinderen zijn militairen”, antwoordde commandant Yar Wazir. „En zij vermoorden onze kinderen met hun bombardementen op Noord- en Zuid-Waziristan, bolwerken van de Taliban. Hen raken in hun veilige zones en hun huizen – dat is de perfecte wraak.”