Krullenbol met tomeloze energie

De hele wereld wil de jonge Mexicaanse danser zien. Hij is nu in Nederland.

Foto Angela Sterling

Sinds zijn komst naar Amsterdam in 2012 laat hij het bloed van Nederlandse balletliefhebbers sneller stromen: Isaac Hernandez. Nog maar 24, maar al enige jaren kind aan huis op alle internationale podia, vaak te vinden in de jaarlijkse lijstjes ‘om naar uit te kijken’ in toonaangevende balletmagazines en in het vizier van gerenommeerde ballethuizen. Met recht een rijzende ster, want Hernandez is een danser met leiderspotentieel.

Bij Het Nationale Ballet danst hij nu in Cinderella de vriend met wie de prins kattenkwaad uitspookt. Hernandez heeft alles van een kwajongen: de brutale, levenslustige uitstraling, enthousiasme, een zwarte krullenbol en een energie waaraan geen einde lijkt te komen.

Diezelfde kwaliteiten maakten zijn optreden in Don Quichot tot een hoogtepunt van vorig seizoen. Met zijn jongensachtige, Latijnse bravoure en technische virtuositeit kreeg hij het publiek op de stoelen en bracht hij blossen op het gezicht van soliste Jurgita Dronina. Samen kregen zij er de Alexandra Radius Prijs 2014 voor.

Opmerkelijk is dat Hernandez zijn veeleisende eerste-solistenbestaan weet te combineren met grote projecten. Zijn vaderland Mexico heeft, anders dan andere Latijns-Amerikaanse landen, geen ballettraditie, en zeker niet voor mannen. Hernandez begon op zijn achttiende zijn kunst te promoten door dansgala’s te organiseren met een mix van klassieke en – vrijwel onbekend in Mexico – hedendaagse choreografieën. Volgend jaar moet een en ander, mét financiële steun van de regering, uitgroeien tot een meerdaags festival.

Met zijn vader en broer Esteban (20), eveneens een anstormend ballettalent, richtte hij twee jaar geleden een gratis balletschool op. Om kinderen in aanraking met kunst te brengen en ver van het dagelijkse geweld in Mexico te houden. En om zijn kunst voor meer dan alleen zijn eigen carrière in te zetten. Het leverde hem een plaatsje op de lijst van ‘Latino leiders’ op en officiële presidentiële waardering.

Ook zelf heeft Hernandez hard gewerkt om te komen waar hij is. Telg uit een gezin van tien kreeg hij de eerste klassieke training van zijn vader, in de achtertuin van hun huis in Guadelajara. Diens intensieve lesmethode – eindeloze reeksen demi-pliés en tendu’s – betalen zich nu uit in keurige posities, heldere lijnen, sprankelende sprongtechniek en een draaigemak dat lijkt afgekeken van ijsdansers. Als puber vervolgde hij zijn opleiding in de Verenigde Staten, waar hij op zijn zestiende een van de belangrijkste balletconcoursen op zijn naam schreef.

Omdat hij in Amerika weinig mogelijkheden kreeg om zijn individuele kwaliteiten te ontwikkelen, stak hij de oceaan over. Bij Het Nationale Ballet danste hij ook hoofdrollen in Sleeping Beauty en Het Zwanenmeer; prinsenpersonages die wat verder van zijn karakter afliggen. Daarnaast kon hij zijn tanden zetten in hedendaags werk van onder anderen Hans van Manen.

Tot het eind van dit seizoen is deze parel in het vrij smalle, kwetsbare solistentableau van Het Nationale Ballet nog een paar keer te bewonderen in Cinderella, in gemengde programma’s en in La Dame aux Camélias van John Neumeier.