Kunstwerk van analoge funk

Hét album van 2014 verscheen plotsklaps, in de nacht van zondag op maandag, en was slechts enkele uren eerder aangekondigd. Ineens was hij er, Black Messiah, het langverwachte derde album van zanger D’Angelo. Een release tegen de stroom in: een kunstwerk vol ongefilterde, gelaagde, analoge funk en soul.

Het was lang stil rond de grootste soulman van zijn generatie. D’Angelo (40) ging na de verschijning van zijn tweede album Voodoo in 2000 gebukt onder zijn roem, verslonsde, raakte verslaafd en verdween jarenlang van het podium. Hij meldde zich in 2012 weer als artiest met een reeks spetterende comebackconcerten in onder meer Paradiso. D’Angelo vuurde zijn band aan als een gespierde, 21ste-eeuwse versie van James Brown en speelde al wat nummers van Black Messiah live, zoals het ratelend funky Sugah Daddy en zijn met krachtig en kleurrijk falset gezongen The Charade; eightiesfunk met een Prince-stempel.

Op Black Messiah komen decennia zwarte muziekgeschiedenis samen in subliem subtiel samenspel; met stoffige tegendraadse, Dilla-achtige drums, stonede P-Funk-grooves, rijke gospel- en soulharmonieën, opzwepende swing, goed getimede blazers, sfeervol echoënde gitaarklanken en flink bewerkte en vervormde vocalen.

Het album vangt perfect de spontane energie van de jamsessies die D’Angelo hield met muzikanten als The Roots-drummer Questlove en meesterbassist Pino Palladino, en elke klap op een drum en superieure basloop maakt hongerig naar de live-uitvoering.

D’Angelo zingt op Black Messiah over twijfel, racisme en klimaatverandering, verslaving en verleiding, religie en vertrouwen, oorlog en maatschappelijk protest. Het rauwe, dissonante 1000 Deaths begint met een strijdbare quote uit een documentaire over de door politie vermoorde Black Panther-leider Fred Hampton. The Charade is een bittere verwijzing naar de onmacht van zwarte mannen in een land waar de politie gretig het vuur op ze opent.

Black Messiah komt precies op het juiste moment. Het is muziek die mag ademen en voortdurend ruimte laat voor een nieuwe vertakking of een opvallend detail. D’Angelo scat, croont en haalt uit, op een non-stop fris en geweldig geproduceerd meesterwerk dat eindigt met het prachtige Another Life dat klassieke soulelementen combineert met droge, dronken drums en een onderhuidse jazzy bas. Ma-gi-straal.

Was het maar vast 2028.