Dictator die kan kirren bij een hoofdmassage

Moeiteloos kan de Britse acteur Benedict Wong, die in Marco Polo de keizer van Mongolië speelt, iemands hoofd afhakken. En toch is hij ook een beetje lief.

Hij kan knorren als een oude beer. En dat doet acteur Benedict Wong (1971) , die in de peperdure Netflix-serie Marco Polo de rol vertolkt van de grote Kublai Khan, maar al te graag. Als deze Mongoolse keizer uit de dertiende eeuw iets goedkeurt, bevestigt hij dat met een korte grom. Vindt hij iets bijzonder prettig, zoals wanneer zijn Chinese concubine hem een hoofdmassage geeft, dan hoor je hem zachtjes kirren, terwijl hij met een schuin oog kijkt of zijn echtgenote het nog allemaal goed vindt.

In het groots opgezette Marco Polo, waarin de jonge Marco (Lorenzo Richelmy) wordt gevolgd tijdens zijn jaren aan het hof van Kublai, die ook keizer wordt van de Yuan-dynastie in China, speelt Wong een toprol.

Vanwege zijn pokdalige gezicht en grove uiterlijk is de Britse acteur – bekend van toneelstukken als The Arrest of Ai Weiwei en Hamlet en films als Prometheus – al imposant. De kleinzoon van Dzjengiz Khan zet hij neer als een innemende wreedaard. Als een ware realpolitiker kan hij moeiteloos het hoofd van een onschuldige omstander of familielid afhakken. Tegelijkertijd blijkt hij wel degelijk last te hebben van zijn geweten en komt hij, als het gaat om zijn eerste vrouw of Marco, soms onverwacht sentimenteel uit de hoek.

Die tweeslachtigheid weet Wong overtuigend neer te zetten. Bovendien kan hij af en toe een diepe lach laten opborrelen die aanstekelijk werkt. Een dictator met een klein hartje.