Complicaties bij bloedtransfusie niet zeldzaam

Zeldzaam geachte complicaties die kunnen optreden bij bloedtransfusies worden vaak gemist. Dat schrijven Amerikaanse artsen in het januarinummer van het blad Anesthesiology. Vooral patiënten die een openborstoperatie moeten ondergaan, die geopereerd worden aan de grote bloedvaten of die een transplantatieorgaan ontvangen lopen extra risico. Ook patiënten die veel bloed nodig hebben, hebben meer kans op complicaties.

Een studie onder meer dan 3.000 bloedtransfusieontvangers liet zien dat 1,4 procent van hen kort na de transfusie acute longschade krijgen (zogeheten transfusion-related acute lung injury, TRALI). Door weefselschade komt daarbij vocht in de longen, wat levensbedreigend kan zijn. Tot dusver dachten artsen dat dit zeer zeldzaam was: bij niet meer dan 0,05 procent van de patiënten.

Uit een tweede studie onder ruim 4.000 operatiepatiënten bleek dat 4,3 procent van hen te maken krijgt met een andere complicatie, waarbij de patiënt plotseling last krijgt van kortademigheid en een gevaarlijk snel stijgende bloeddruk (transfusion associated circulatory overload, TACO).

TRALI en TACO zijn volgens cijfers van de Amerikaanse geneesmiddelenautoriteit FDA respectievelijk de oorzaak van 38 en 24 procent van overlijden na een bloedtransfusie.

In Nederland ontvangen ieder jaar 250.000 mensen een bloedtransfusie.