Zonder vertrouwen kan ik keihard zijn

Bij voetbalclub Vitesse zei voormalig woordvoerder Ester Bal meer dan de club lief was. ‘Ik ben niet laf op inhoud. Als iets niet klopt ga ik op zoek naar de zwerende vinger.’

Illustratie Enkeling

Ik had er alleen maar op durven hopen dat ik Ester Bal ooit nog eens te spreken zou krijgen. Maar nu is het er toch van gekomen in het stadion van Heracles in Almelo. Ze voelt zich zichtbaar op haar gemak – ook al zitten we in de plenzende regen.

Dit soort gesprekken mogen eigenlijk niet meer, hè…?

„Nou, ik heb met de clubleiding van Vitesse afgesproken dat ik me in de media niet negatief uitlaat over mensen binnen de Vitesse-organisatie.”

Dus je gaat niet lekker natrappen richting Vitesse?

„Ik ben niet meer op ramkoers. Bovendien: op een circus om een circus zit niemand te wachten. Ik begon te klinken als een voetballer die niet in de basis staat. Mijn periode bij Vitesse heeft mij een reeks redenen gegeven om verontwaardigd te zijn. Maar de barbaren, dat zijn altijd de anderen.”

Jij zegt het…

„Tegenwoordig probeer ik minder te denken in termen van goed en fout. Ik denk nu; oké het is anders. Dat maakt het al gemakkelijker. Mijn kracht was altijd mijn relativeringsvermogen, maar ik begon te kantelen naar provocatie. Het moet niet voorbijgaan aan het werkelijke doel: de discussie over dat voetbal weer cultuur zou moeten worden.”

Word je soft of heb je spijt?

„Geen van beide. Spijt is een zinloze emotie. Je hebt een beslissing genomen – of juist niet. Pas achteraf kun je zeggen dat die beslissing verkeerd is uitgepakt. Alle wijsheid is wijsheid achteraf.

„Ik heb altijd gezegd waar het op staat, alleen heb ik dat niet altijd gedaan zonder een oordeel te geven. Het is constructiever om ergens voor te zijn in plaats van tegen. Nu zie ik de voetballerij vooral als verkenningsplaats – om te zien hoe mensen zich tot elkaar verhouden.”

Je weigerde met de macht mee te draaien?

„Wie bang is voor de dissonant offert zichzelf op het altaar van de hiërarchie.”

Zo, mooie zin.

„Ja, niet van mezelf hoor. Ik weet niet meer van wie wel. Wat ik bedoel te zeggen is dat een klokkenluider ook een goede werknemer kan zijn. Veel leiders zien dat niet. Die nemen liever klonen van zichzelf aan waardoor een cultuur van ja-knikkers ontstaat. De meeste mensen zijn van nature ook geneigd zich te richten naar hoe de baas het hebben wil. Dat heb ik niet automatisch. Het werkt voor mij niet als ik aan touwtjes hang die anderen besturen. De kunst is dat je de koning laat lachen om zijn eigen gebreken. Humor is een wapen tegen autoriteit.”

Wees eerlijk, je hebt gewoon een autoriteitsprobleem...

„Ik heb totaal geen moeite om mensen te volgen die op een natuurlijke manier respect afdwingen. Wel heb ik van jongs af aan al een innerlijke weerstand tegen opgelegd gezag, ongelijkheid en onrecht. Macht dwingt mensen, terwijl natuurlijke autoriteit ervoor zorgt dan mensen zichzelf vrijwillig beperkingen opleggen. Ik ben ook geen love-junkie die door iedereen aardig gevonden wil worden.”

Snap je dat bepaalde mensen moeite met je hebben?

„Bepaalde mensen, ja.”

Leg uit…

„In feite ben ik lief en ongevaarlijk, maar op mensen zonder relativeringsvermogen kom ik bedreigend over. Mijn ‘tegenstanders’ doorzien mijn luchtigheid niet. In het meest gunstige geval noemen ze me dan prettig onaangepast. De kwalificatie ‘lastig’, komt vaker voor. Als ik iets vind heb ik moeite om dat in te slikken. Je moet het kunnen zeggen als je het ergens niet mee eens bent, mits je ook aandraagt hoe het volgens jou anders zou kunnen. Ik zorg voor discussie en dat is soms ongemakkelijk. Jammer, want ontwikkeling gedijt bij diversiteit en weerstand. Weerstand is ook niet persoonlijk, maar veel mensen vatten dat wel zo op. Ik denk dat veel mensen niet zo van bevlogen mensen houden. Want als je gepassioneerd bent, ben je ook erg – en soms te – betrokken en moeilijk te controleren. Ik streef nooit naar controle. Wel naar regie. Controle komt voort uit angst. Vertrouwen is beter. Is dat er niet, dan kan ik ook gewoon keihard en koelbloedig zijn. Dan zit ik erbij als een valse kat. Af en toe uithalen met mijn poot. Blijf van mijn brokken af.”

Ben je post-Vitesse in een zwart gat gevallen?

„De eerste maanden was ik een bodemloze put van behoeften en heb ik een sociale inhaalslag gemaakt. Zat ik hele dagen in mijn stamkroeg, Caspar, dik te worden. Tot ik me realiseerde dat ik hardleers was geweest. Masochistisch. Verslaafd. Dat kwam vol binnen. De voetbalwereld heeft een super oppervlakkige kant en raakt tegelijkertijd ook aan belangrijke, menselijke verlangens. Ik was gaan figureren in andermans soap. De laatste tijd heb ik de macht over mijn eigen leven terug en ben ik mezelf weer gaan herkennen achter mijn gedachten en emoties. Bij FC Dordrecht heb ik het plezier van werken in de voetballerij teruggevonden.”

Wordt het niet eens tijd uit de voetbalwereld te stappen?

„Ik denk het al jarenlang. Het lukt niet, ik zit eraan vastgeplakt. Het klinkt nogal pathetisch, maar ik zie mezelf ook als iemand die een stukje bewustzijnsverruiming binnen het voetbal kan brengen. Dat is in elk geval wat ik graag wil, inzicht geven. Op een luchtige manier en met een knipoog. Humor is meta-communicatie. Het is weliswaar smaakgevoelig, maar de lach haalt de scherpe kantjes eraf.”

Kun jij alleen in de voetbalwereld werken?

„Nee, ik ben ook uitermate geschikt voor het bedrijfsleven, zolang ik kan werken met mensen die ergens voor staan. Met mensen die een doel buiten zichzelf nastreven en waar het individu de ruimte krijgt. Dat kan dus overal zijn. Ik heb lang niet overal verstand van, maar ik heb wel voor veel dingen gevoel. Ik werk ook graag met sterke leiders, die ik vervolgens bij de les mag houden.”

En wat voeg jij dan toe?

„Ik heb het vermogen om de boel op te schudden, te ontregelen als dat nodig is. Om mensen aan het denken te zetten, aan te jagen. Uitdaging is in mijn ogen de beste manier om te ontwikkelen. Ik ben ook niet laf op inhoud. Bovendien zal ik – al zullen ze daar in Arnhem misschien wel anders over denken – altijd in het belang van de club of het bedrijf denken. Dat kan achter de coulissen of in de spotlights. Ik voel vaak aan wanneer iets niet klopt. Dan ga ik op zoek naar de zwerende vinger of de oorzaak daarvan. Altijd met het doel om het beter, kloppend te maken. En het klopt voor mij als er een hart in zit.”

Hoe belangrijk zijn Marcel van Roosmalen en Theo Janssen eigenlijk in jouw leven?

„Zij zijn de warme banden van mijn voetbalclub Vitesse. En die banden zijn onuitroeibaar.”

Hoe ziet jouw toekomst eruit?

„Het verlangen om te ontdekken wordt groter, waar ik voorheen meer bezig was met behouden en bevestigen. Mijn antenne staat uit. Ik heb er zin in en ik ben er klaar voor.”