Verdringt rood-wit het oranje?

Olympisch goud voor Zbigniew Bródka in Sotsji, opvallende successen dit seizoen. Wordt Polen een schaatsnatie?

Poolse schaatssters tijdens de ploegenachtervolging in Thialf. Foto Reuters

Pools radiocommentaar galmt over de perstribune van Thialf. „Jan Szymanski”, klinkt met overslaande stem. De Poolse schaatser rijdt met 1.45,92 de snelste tijd op de 1.500 meter en staat vervolgens met zijn coach gespannen te kijken naar de laatste rit. Sverre Lunde Pedersen en Kjeld Nuis halen het wel, nee, halen het niet. Jan Szymanski wint het koningsnummer, net als vorige week in Berlijn. Een juichkreet op het middenterrein, doodse stilte in het stadion. „Misschien dat in de toekomst op de tribunes naast oranje ook onze rood-witte kleuren te zien zijn”, mijmert de winnaar na afloop. Polen een echte schaatsnatie?

De winst van Szymanski (25) op de 1.500 meter was afgelopen weekeinde niet het enige Poolse succes bij de wereldbeker in Heerenveen. Sprinter Artur Was slaagde er als enige na het Russische fenomeen Pavel Koelizjnikov in om twee keer onder de 35 seconden te blijven, en pakte twee keer zilver. Op de ploegachtervolging bij de vrouwen was er brons. En dat een week na de wereldbeker in Berlijn, waar Polen ook al drie keer goud (Szymanski, twee maal Was) en zilver (vrouwenploeg) haalde. „Schaatsen wordt in Polen een populaire wintersport”, glundert Wislaw Kmiecik, al sinds 1988 bondscoach. „De mensen zien nu dat wij ook kunnen winnen.”

Trots laat de gisteren 58 jaar geworden coach een foto zien op zijn mobiele telefoon. Zbigniew Brodka – in Sotsji verrassend olympisch kampioen op de 1.500 meter met drieduizendste seconde voorsprong op Koen Verweij – siert een metershoog billboard op een kantoorgebouw bij een druk busstation. „Dit is in het centrum van Warschau”, legt zijn coach uit. „Tienduizenden mensen zien hem elke dag. In kleur. Bródka doet ook televisiereclames, en maakt goede kans om sportman van het jaar te worden in Polen. Tien miljoen mensen hebben gekeken toen hij in Sotsji de gouden medaille won. En nu blijkt dat niet alleen Bródka kan winnen, maar ook Was, Szymanski of Niedzwiedzki. Dat maakt ons populair.”

Voorafgaand aan de wereldbekerwedstrijden van dit weekeinde tekenden de succesvolle Polen een sponsorcontract met het Europese uitzendbureau Otto Work Force, vooral actief in Nederland. „Voor ons heel belangrijk”, vertelt Bródka. „Wij als schaatsers hebben er alles aan gedaan om met onze prestaties te zorgen dat de bond grotere sponsors kan krijgen. Bij ons krijgen schaatsers die de top acht van de wereld halen een stipendium van de overheid. Ik heb nu ook privésponsors. Maar de schaatsers net onder de top hebben niets. Om de sport verder op te bouwen in Polen is meer geld nodig.”

Eind jaren negentig kwamen ze in een oud busje met een tiental schaatsers naar Inzell, net als de Tsjechen of de Roemenen. Coach Kmiecik achter het stuur. Tot dan was er soms een verdwaalde stayer, Jaromir Radke of Pavel Zygmunt. De Polen waren al dolblij als de Nederlandse topcoach Gerard Kemkers aan het einde van een lange dag nog een half uurtje uitleg wilde geven over de finesses van het rijden van de bocht. „We hebben altijd veel contact gezocht met Holland”, vertelt Kmiecik. In 2007 begon het transportbedrijf Nijhof-Wassink de Polen te ondersteunen. Kopman Konrad Niedzwiezdki mocht meetrainen bij het grote TVM van Sven Kramer. „Met hard werken hebben we het langzaam beter gekregen.”

Misschien was de grote doorbraak wel in Vancouver 2010, waar de vrouwenploeg uit het niets het brons pakte op de ploegachtervolging. „De eerste schaatsmedaille voor Polen”, vertelt Krzysztof Niedzwiedzki, vader van Konrad en coach van de Poolse vrouwen. „Bij het Poolse publiek spreekt een medaille voor een nationaal team enorm aan. Daarom ben ik ook zo blij dat we in Berlijn en Heerenveen ook succesvol waren met de ploeg. We missen nota bene twee sterke rijdsters. Maar dat geeft anderen de kans om aan te haken bij het hoge niveau.”

Ook bij de mannen zorgde niet alleen het goud van Bródka maar juist ook het brons op de ploegachtervolging in Sotsji voor een belangrijke impuls. „Het was mijn grote droom om mee te doen aan de Olympische Spelen”, zegt Szymanski. „En dan win je ook nog een medaille. Alles is daarna eenvoudiger geworden. Ik heb volop motivatie om te trainen, ken financieel geen problemen meer. Ik hoef alleen maar hard te werken om mezelf te verbeteren.”

De Poolse toppers klagen niet, ook voormalig brandweerman Bródka hoeft niet meer bij nacht en ontij te blussen. Hun successen in de wereldbeker worden live uitgezonden achter de decoder en trekken rond de 200.000 kijkers. „Volgend jaar komt schaatsen op de publieke zender”, vertelt Konrad Niedzwiedzki.

Nu de populariteit snel toeneemt, is het volgens coaches en schaatsers tijd voor de volgende stap. Polen heeft 35 ijsclubs, 600 licentiehouders en drie open 400-meterbanen. Alleen in Zakopane zijn trainers voor de jeugd. „Er moet snel een overdekte baan komen”, zegt Kmiecik. „In Polen wordt momenteel enorm veel nieuw gebouwd. Het EK van 2017 op een overdekte baan in Warschau, dat zou mooi zijn.” Vol rood-witte fans op de tribunes.