Ook vrouwen plegen soms een zedendelict

Ook vrouwen maken zich schuldig aan ontucht. Maar daar horen we weinig over. Promovenda Miriam Wijkman wilde weten wat voor vrouwen dit doen.

Een zoekopdracht op Google met de term ‘female sex offenders’ levert deze foto’s op.

Een man die door een vrouw is verkracht. Jonge meisjes die tijdens het babysitten aan de kinderen zitten. Een moeder die altijd net weg is als haar dochter wordt misbruikt door haar vriend.

Vrouwelijke zedendelinquenten. We horen er weinig over maar ze bestaan zeker.

Miriam Wijkman bestudeerde voor haar proefschrift strafbladen en strafdossiers van vrouwelijke zedendelinquenten, zowel meerderjarig (135 dossiers) als minderjarig (66 dossiers). Ze wilde weten wat voor vrouwen en meisjes de zedendelicten plegen en wat hun motieven zijn. Het is het eerste Nederlandse onderzoek naar deze groep. Ze promoveert vandaag aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Een van haar promotoren, hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam en VU Jan Hendriks, schuift aan bij het interview. Naast onderzoeker is hij ook behandelaar van (jeugdige) zedendelinquenten. Zoveel als er bekend is over de behandeling van jongens en mannen, zo weinig is er bekend over de behandeling van vrouwen en meisjes.

Nieuwsgierige babysit

Mannelijke zedendelinquenten plegen hun daad vaak alleen. Tweederde van de meisjes en vrouwen die een zedendelict pleegden, deden dat samen met anderen. De volwassen vrouwen doen dat vaak samen met een man; hun partner of echtgenoot. Een deel van de volwassen medeplegers helpt actief mee het delict uit te voeren. Het slachtoffer is meestal een eigen kind of een jong familielid.

Een ander deel van de volwassen medeplegers kijkt alleen toe als haar man of vriend een kind misbruikt of schept er de gelegenheid toe. Ze helpen zelf niet actief bij het misbruik van hun meestal jonge kinderen of stiefkinderen.

Deze vrouwen, zegt Wijkman, zijn meestal beïnvloedbaar, onzeker en zwak. Hun partners geven soms toe dat ze haar speciaal op die eigenschappen hebben geselecteerd. Psychische of psychiatrische stoornissen komen bij deze vrouwen veel voor.”

Voor de meisjes lag dat anders. Soms waren ook zij door een mededader beïnvloed of onder druk gezet. Maar vaker hadden ze hun mededaders gewoon nodig voor het plegen van het delict.

De vrouwelijke solodaders (eenderde van de totale groep) zijn een ander verhaal. Er is een groep jongvolwassen vrouwen (gemiddelde leeftijd begin twintig) die zich tijdens het oppassen aan een kind vergrijpen. Het gaat meestal om het betasten of orale seks van, meestal, iemand uit de familie. Deze vrouwen hebben vaak geen trauma's of psychiatrische stoornissen. Wijkman: „Ze geven later vaak aan uit nieuwsgierigheid te hebben gehandeld.”

En dan zijn er nog vrouwelijke verkrachters, die een volwassen slachtoffer misbruiken. Wijkman: „Dat is een heel kleine groep. Al is er zeker sprake van onderrapportage omdat met name mannelijke slachtoffers uit schaamte geen aangifte durven te doen.”

Seksuele motieven ontbreken

Een op de drie volwassen vrouwelijke daders werden zelf seksueel misbruikt, verwaarloosd of mishandeld. Relatief veel, maar toch was het minder dan Wijkman had verwacht. „Uit Amerikaans onderzoek kwamen percentages van bijna honderd procent naar voren.” De meeste volwassen daders hadden een relatief laag IQ. Ze hadden vaak psychiatrische stoornissen. Relatief vaak werkten ze zelf in de prostitutie (vijftien procent).

Ook de jeugdige daders zitten meestal niet goed in hun vel. Tweederde had psychische problemen, problemen op school en geen of verkeerde vrienden. Meer dan eenderde is seksueel misbruikt.

Opvallend is dat het merendeel niet-seksuele motieven als wraak, het uitoefenen van macht, groepsdruk of druk van een mannelijke partner noemt als aanleiding voor het delict. Slechts enkele vrouwen plegen een zedendelict uit lust. Bij vrijwel geen enkele dader werd een seksuele stoornis vastgesteld. Als vrouwen worden veroordeeld is de seksuele recidive opvallend laag, nog geen twee procent.

Hendriks: „Behandeling van deze atypische zedendelinquenten moet gericht zijn op aanpakken van stoornissen en het sterker maken van de vrouwen, zodat ze ‘nee’ kunnen zeggen tegen mededaders.”