‘Nobody Home’ toont lot asielzoekers licht en indringend

Nobody Home

Voor aanvang mag het publiek met een plastic opblaasboot spelen. Hij moet van de eerste naar de achterste rij en terug, maar mag niet omkieperen. Hilariteit alom, al is de schrijnende link naar het lot van duizenden bootvluchtelingen duidelijk.Het spel kenmerkt de voorstelling die volgt. In Nobody Home vertellen drie acteurs op vrij amusante, luchtige wijze over hun moeilijke jeugd als asielzoeker.

Leeftijdsgenoten Vanja Rukavina (1989, Sarajevo), Majd Mardo (1989, Aleppo) en Saman Amini (1989, Teheran) vluchtten alle drie als kind naar Nederland en leefden respectievelijk negen maanden, 1,5 en 6,5 jaar in een asielzoekerscentrum.In vervlochten monologen doen ze cabaretesk verslag vanaf hun aankomst in Nederland tot het verkrijgen van een verblijfvergunning. Terwijl de een vertelt, figureren de anderen met groteske pruiken en rekwisieten als familieleden, boze buurtbewoners, IND-medewerkers en andere ‘vreemde vreemdelingen’. Sommige herinneringen zijn mooi en vrolijk, de meeste pijnlijk en confronterend. Mardo moet in de winter in een nauwelijks verwarmde hut van een vakantiepark bivakkeren. Amini belandt zeven weken in een ‘detentiecentrum’, een gevangenis met cellen en vaste luchttijden. Vooral met Rita Verdonk verharde volgens hem de situatie. „De komst van Verdonk voor asielzoekers is vergelijkbaar met Peter R. de Vries voor Joran van der Sloot.” De toon blijft een voorstelling lang licht, inclusief gekke dansjes en liedjes. Maar veel verhalen komen als mokerslagen aan. De meest pijnlijke getuigenissen laat regisseur Daria Bukvic slim doordringen door ze te laten opvolgen door een stilte of het ironisch oplichten van een lichtkunstwerk van Alaa Minawi met het woord ‘gelukszoekers’. Bukvic laat het geheel prettig transparant en open. De acteurs stellen vragen aan het publiek, verbeteren en becommentariëren elkaar en tijdens de première haalde Rukavina zelfs zijn ontroerde ouders even op het podium. Amini zegt midden in de voorstelling: „Weet je wat grappig is aan de slogan ‘Vluchten doe je niet zomaar’? Dat het waar is”. Nobody Home maakt dat invoelbaar.