Op je gezondheid!

Ik kan me verheugen op het heffen van de glazen bij de kerstmaaltijd. Gezondheid! Mag je dat ook letterlijk nemen? Is wijn gezond? Of beter gezegd: is alcohol gezond, want wijn, bier en sterke drank doen hetzelfde. Stofjes uit rode wijn hebben geen bewezen effect.

Matige drinkers maken inderdaad minder kans op een hartinfarct dan geheelonthouders. De sterfte aan hartinfarcten was vijftig jaar geleden ook lager in Frankrijk, waar mannen bij de maaltijd wijn dronken, dan bij ons. En er was een aannemelijke verklaring voor: alcohol verhoogt het gehalte in het bloed van het ‘goede’ of HDL-cholesterol, dat aderverkalking zou tegengaan. Maar het is niet helemaal zuiver om matige drinkers te vergelijken met geheelonthouders, die zijn gemiddeld dikker en bewegen minder, en dat verhoogt hun kans op een hartinfarct. Vergelijkingen tussen Frankrijk en Nederland zeggen ook weinig, landen verschillen in van alles. Verder is er toenemende twijfel of het ‘goede’ HDL-cholesterol echt goed voor het hart is.

Het is dus niet zeker dat alcohol beschermt tegen hartinfarcten, maar het zou best kunnen. Anderzijds is alcohol wel een hard drug en je glijdt gemakkelijk door naar probleemdrinken. Vaak merkt de omgeving dat niet. Wist u dat de artsenvereniging KNMG een speciaal steunpunt heeft voor verslaafde dokters? Een alleenstaande vrouw die dagelijks een fles wijn drinkt en een tandarts die pas kan boren met een paar slokjes op weten dat meestal goed te verbergen. Er zijn een half miljoen probleemdrinkers in Nederland. Ze doen hun werk niet meer goed, ze komen in aanraking met de politie en toch drinken ze door. Dat kan nare gevolgen hebben: mond- en keelkanker, borstkanker, depressie, epilepsie, dementie, beroerte, levercirrose, ongelukken, geweld en zelfmoord. Voor vrouwen is zelfs matig drinken niet veilig, want het risico op borstkanker neemt al toe vanaf één glas per dag. Als duizend vrouwen twee glazen per dag drinken krijgen er 101 borstkanker; hadden ze nooit gedronken dan waren het er 88 geweest. Geen groot verschil, maar je zal maar bij die dertien extra gevallen horen.

De meeste bijwerkingen van drank komen niet terug in de sterftestatistieken. Mishandeling, borstkanker, keelkanker of dementie zijn vaak niet dodelijk, maar leiden wel tot verlies aan kwaliteit van leven. Alcohol is na sigaretten en hoge bloeddruk de derde oorzaak van verlies aan gezonde levensjaren. We horen dat niet graag, en de alcoholindustrie helpt ons om ons geen zorgen te maken. Daarvoor schakelen ze de wetenschap in; wetenschappers moeten tegenwoordig samenwerken met bedrijven. Twee voorbeelden.

Deense en Nederlandse onderzoekers verzamelden alle studies over bier en overgewicht en concludeerden dat er onvoldoende bewijs is dat je dik wordt van bier. Dat is vreemd: vloeibare calorieën maken dik en bier bevat meer calorieën dan cola. Bierdrinkers zijn dikker dan niet-drinkers maar dat zegt niet alles, misschien eten bierdrinkers meer chips en worst. In laboratoriumexperimenten waarin iedereen hetzelfde at vielen mensen echter anderhalf pond af als ze een aantal weken alcoholvrij in plaats van gewoon bier dronken. Dat lag puur aan de calorieën in bier en het effect was ‘statistisch significant’. De Deens/Nederlandse groep vond ook vier studies waarin vrijwilligers zelf mochten kiezen wat ze dronken als ze geen bier kregen. Dan vielen ze gemiddeld een pond af. Maar in geen van die vier studies werd vermeld hoeveel dat effect varieerde tussen proefpersonen. Die variatie is nodig om de onzekerheid in de uitkomst – de ‘significantie’ – te kunnen schatten. De onderzoekers hadden die variatie op kunnen vragen, maar dat deden ze niet. Ze stopten de incomplete cijfers in de computer en daar kwam voorspelbaar uit dat het effect op gewicht in die laatste vier studies ‘niet significant’ was. Conclusie: we weten niet wat bier doet op gewicht. Het Bierinstituut, dat het onderzoek betaalde, maakte er een persbericht van dat er onvoldoende bewijs is voor de bierbuik, en De Telegraaf kopte „Geen bierbuik door bier”.

Een andere studie ging over hersenfuncties. Die werd gedaan door TNO met subsidie van de alcoholindustrie. Vrijwilligers kregen vier whisky’s bij de maaltijd en vervolgens werd hun reactievermogen getest. Conclusie: ‘whisky consumption [...] does not influence performance’. Whisky zou dus geen effect hebben op de prestaties. De onderzochte prestatie betrof het herkennen van verschillen tussen letters op een computerscherm, bijvoorbeeld tussen b en d. Dat ging niet echt langzamer na whisky. Maar iemand die snel het verschil ziet tussen b en d is daarmee nog niet in staat veilig een auto te besturen. Bovendien werd de test pas afgenomen vier uur na de drank, toen de alcohol grotendeels uit het bloed was verdwenen.

Laat u niet om de tuin leiden door dit soort berichten. Drinken is lekker en gezellig en ik doe het dagelijks, maar niet voor mijn gezondheid. Ik wens u een gezellige kerstmaaltijd met mooie wijnen. Maar schenk de glazen niet te vol.