Nederlanders verschillen; daar is met mate iets aan te doen

Nederland heeft ‘De week van het verschil’ achter de rug. In vier etappes ventte het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) onder deze noemer de afgelopen dagen zijn tweejaarlijkse rapportage uit over sociale en culturele ontwikkelingen in Nederland. Ditmaal luidde het thema ‘verschil in Nederland’. Verschillen tussen bevolkingsgroepen en hun opvattingen daarover werden belicht, onder meer aan de hand van een enquête onder 3.000 burgers.

Vanzelfsprekend zijn die verschillen er, en soms zijn het regelrechte tegenstellingen. Verschillen waren er altijd al, ze zullen er ook altijd wel blijven en ze zijn tot op zekere hoogte ook noodzakelijk. Het SCP rangschikt de verschillen tussen groepen in gradaties, waarbij het niet verrassend is dat ze tussen etnische groepen het grootst zijn. Anders dan actuele discussies soms doen vermoeden blijken de verschillen tussen jong en oud het kleinst. Er is geen „age war” op komst, veronderstelt het SCP. De eerder deze week gesignaleerde tegenstelling tussen de ‘elite’ en de rest van de bevolking blijkt in de weging van het SCP minder problematisch dan de verschillen die door ‘gezondheid en aantrekkelijkheid’ worden veroorzaakt. Ook vermeldenswaard: Nederlanders maken zich minder druk om inkomensverschillen dan politieke debatten doen vermoeden. Bondig is deze waarneming samengevat in een tussenkopje in het Sociaal en Cultureel Rapport 2014 dat luidt: Het voorlopige ongelijk van Piketty.

Geruststellend klinkt de stelling van het SCP dat in Nederland slechts sprake is van een ‘zachte’ tweedeling. Van de zes groepen die de onderzoekers onderscheiden als het gaat om welvaartsniveau hebben vier het goed en zijn er twee slechter af. Bij de eerste vier staat ‘de gevestigde bovenlaag’ bovenaan (15 procent van de bevolking), bij de laatste twee sluit de groep die het SCP deftig met ‘precariaat’ aanduidt, en die ook de ‘onderste laag’ had kunnen worden genoemd, de ranglijst af. De groep dus (ook 15 procent) met de laagste inkomens en door gebrek aan perspectief op de arbeidsmarkt ook met het minste uitzicht op een zonniger toekomst. De ‘onzekere werkenden’ behoren in de termen van het SCP ook tot degenen die aan de verkeerde kant van de tweedeling staan. Het spreekt vanzelf dat de economische groei die nu wordt voorzien, kan helpen om het vooruitzicht voor juist deze groepen te verbeteren. „Er zijn nog te veel mensen die geen baan hebben”, zei ook premier Rutte vrijdagmiddag op zijn persconferentie met recht. Tegelijkertijd zal hij beseffen dat de invloed van regeringsbeleid op economische voorspoed van betrekkelijke betekenis is.

Verschillen in perspectief op de arbeidsmarkt worden mede bepaald door opleidingsmogelijkheden en het is ook daar waar overheidsbeleid zich het beste op kan richten: onderwijs dat iedereen, ongeacht afkomst of inkomensniveau, optimale kansen op ontplooiing biedt. Ook na de leerplichtige leeftijd. Een ander wezenlijk onderdeel van overheidsbeleid is het stelsel van sociale zekerheid: het vangnet dat iedereen een bestaansminimum garandeert. Dat net is de laatste jaren lager opgehangen, maar nog altijd is dit stelsel, vaak de grootste verworvenheid van de 21ste eeuw genoemd, van essentiële betekenis om de onvermijdelijke welvaartsverschillen in de maatschappij aanvaardbaar te houden.

De rapporteurs van Verschil in Nederland doen naast relativering van de tegenstellingen („Nederland is nog steeds een meritocratische, open samenleving”) enkele voorzichtige suggesties hoe beleidsmakers op de gesignaleerde of dreigende problemen zouden moeten reageren. Vooral omdat er ook sprake kan zijn van een cohesieprobleem: groepen in de samenleving die „tegenover elkaar komen te staan” en „zich voor elkaar afsluiten”.

Het tegengaan daarvan is een niet eenvoudige opgave. Daarbij moet ook worden bedacht dat de verwachtingen over wat de overheid en de politiek vermogen, vaak te hooggespannen zijn. Dikwijls ook door te veel belovende of te veel eisende politici. Juist dat ook leidt tot de frustraties die het SCP signaleert.

De overheid heeft zeker een taak in het verzachten van te grote tegenstellingen. Maar het is goed om te herinneren aan het thema dat het SCP twee jaar geleden voor zijn sociaal-culturele rapportage koos: de verantwoordelijkheid voor de burger.