Klimaat legt breuklijnen bloot

De wereld praatte deze week opnieuw over maatregelen tegen klimaatverandering. De kans op een akkoord is nog niet verkeken, maar er blijven veel obstakels.

De Amerikanen wisten niet hoe snel ze het gerucht moesten ontzenuwen dat deze week de ronde deed op de klimaattop in Lima. Zou president Obama tijdens zijn komende bezoek aan India misschien een klimaatakkoord sluiten zoals hij onlangs deed met China? Nee, liet onderhandelaar Todd Stern weten. India mag dan een belangrijke speler zijn in het klimaatoverleg, een akkoord dat vergelijkbaar is met het akkoord dat de VS met China hebben gesloten zit er niet in.

Eigenlijk was het een raar gerucht. Want een afzonderlijk akkoord met India levert niemand iets op. De Amerikanen zijn, vinden ze zelf, met China al tot het uiterste gegaan om hun uitstoot de komende jaren te beperken. Zij hebben de Indiërs dus niets te bieden. India op zijn beurt heeft helemaal verschuilt zich graag achter zijn positie als ontwikkelingsland en lijkt voorlopig niet van plan grote beloftes te doen.

Dat klimaatonderhandelingen al jaren een stroperige aangelegenheid zijn, is het gevolg van dit soort scheve verhoudingen en ongelijke uitgangsposities. Ook in Lima waren die oude reflexen weer zichtbaar en en werden de gebruikelijke blokkades weer opgeworpen. Toch was de sfeer minder grimmig dan de afgelopen jaren. De kans op een akkoord, eind volgend jaar in Parijs, is dan ook groter dan ooit. Welke tegenstellingen zouden een akkoord nog in de weg kunnen zitten?

1 Arm versus rijk

Het verschil tussen arm en rijk is al ruim twintig jaar het grootste obstakel tijdens onderhandelingen over een klimaatverdrag. Bijna alle verdere obstakels zijn hierop terug te voeren. Het verschil tussen de arme en de rijke landen werd in 1992, tijdens de grote Earth Summit in Rio de Janeiro bevroren in een formule: er is sprake van ‘gedeelde maar verschillende verantwoordelijkheden’.

In 1992 was dat een logische gedachte. De rijke landen bouwden hun welvaart op dankzij de onbelemmerde vervuiling van de atmosfeer. De VS waren nog steeds de grootste vervuilers, in absolute zin en per hoofd van de bevolking. De uitstoot van een land als India was lager dan die van Duitsland.

Inmiddels is dat al lang niet meer zo. China is de grootste vervuiler, zowel absoluut als per hoofd van de bevolking. En de verwachting is dat over niet al te lange tijd India de tweede plaats van de VS overneemt. Nu al stoten de ontwikkelingslanden gezamenlijk meer broeikasgassen uit dat de rijke landen.

2 China versus de VS

De strijd tussen arm en rijk is in de klimaatdiscussie vooral een strijd geworden tussen de VS en China – dat maakt het klimaatakkoord dat zij enkele weken geleden sloten ook historisch. Niet vanwege de doelstellingen (die gaan volgens de meeste berekeningen niet ver genoeg), maar omdat voor het eerst de barrière tussen arm en rijk is geslecht. In Lima heeft het akkoord bijgedragen aan de relatief goede sfeer.

President Bush verwees in 2001 het Kyoto-protocol, het klimaatverdrag waar zijn voorganger Bill Clinton in 1997 zijn handtekening onder zette, nog naar de prullenbak omdat hij vreesde voor nadelige gevolgen voor de Amerikaanse economie. Bedrijven zouden de VS ontvluchten en hun heil zoeken in China, waar ze niet gehinderd werden door strenge klimaatwetten.

China hield vol dat het als ontwikkelingsland niet verantwoordelijk was voor het probleem: eerst waren de rijke landen aan de beurt.

3 Veilig versus onveilig

Niet alleen de kosten van klimaatbeleid zijn ongelijk verdeeld, ook de gevolgen van klimaatverandering. De verwachting is dat de grootste schade wordt geleden door de armste landen. Een land als Bangladesh heeft net als Nederland last van zeespiegelstijging, maar heeft niet het geld en ook niet de kennis om zich daarop voor te bereiden.

Iedereen is het er over eens dat de zogeheten kleine eilandstaatjes als Tuvalu en de Malediven het ergst te lijden zullen hebben.

De arme landen eisen daarom geld (een klimaatfonds waarin vanaf 2020 ieder jaar 100 miljard dollar wordt gestort door de rijke landen) en overdracht van technologische kennis om de opwarming van de aarde te lijf te gaan. Probleem is, dat de rijke landen daarvoor niets terugkrijgen.

4 Winnaars versus verliezers

Misschien wel de grootste saboteur van klimaattoppen is Saoedi-Arabië. Ook in de onderhandelingen over de conclusies van de klimaatwetenschappers proberen de Saoediërs altijd de scherpe kantjes eraf te halen. Dat is logisch, want Saoedi-Arabië beschouwt zichzelf als de echte verliezer van elke vorm van klimaatbeleid.

Daar zit wat in, want het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen betekent onherroepelijk een daling van de vraag naar olie, de belangrijkste Saoedische bron van inkomsten. Ook Canada verzet zich steeds feller tegen klimaatbeleid vanwege zijn olie. De winning van de zeer vervuilende olie uit teerzanden is niet te rijmen met klimaatbeleid.

Kolen zijn nog vervuilender dan olie. Vandaar dat ook de steenkolenindustrie het ergste vreest. Dat is merken in de VS, waar de machtige lobby nog steeds veel invloed heeft op de politiek. Datzelfde geldt voor Australië, dat onder premier Tony Abbott tot de weigerachtige landen is toegetreden.

5 Huidige versus toekomstige generaties

Broeikasgassen die blijven decennialang in de atmosfeer actief. Ook als het mogelijk zou zijn om wereldwijd de uitstoot van broeikasgassen tot nul te reduceren, zou de opwarming nog lange tijd doorgaan. Toekomstige generaties zullen dus geconfronteerd worden met de schadelijke gevolgen van opwarming die wordt veroorzaakt door de broeikasgassen van de huidige generatie.

Volgens veel deskundigen leidt het uitstel van beleid op termijn alleen maar tot hogere kosten. Ook in Lima is de wereld er niet in geslaagd om gezamenlijk te komen tot een reductie die gevaarlijke opwarming voorkomt.

Van alle ongelijkheden in de klimaatonderhandelingen is die tussen de huidige en toekomstige generaties de allergrootste.

Zoals de Amerikaanse komiek Groucho Marx ooit zei: „Waarom zou ik me druk maken over toekomstige generaties? Wat hebben zij ooit voor mij gedaan.”

China niet grootste vervuiler

China is per hoofd van de bevolking niet de grootste vervuiler (Klimaat legt breuklijnen bloot, NRC Weekend, 13 dec., p. 9), maar is volgens recent onderzoek wel de Europese Unie gepasseerd als het gaat om de uitstoot van broeikasgassen per capita.