Eenbenige kist

foto willem popelier

‘Ik liep al langer met het idee rond om een eenbenige doodskist te laten maken. De reden? Dat op de begrafenis wordt gezegd: ‘Hij wil herinnerd worden zoals hij was’. Maar het is ook een beetje bedoeld als grap.”

Filosoof René Gude, die vanwege botkanker in 2011 een beenamputatie onderging, is sinds juni 2014 uitbehandeld. De afgelopen maanden sprak hij, in zijn rol als Denker des Vaderlands, in de media en ook in offline uitvoerig over doodgaan en zijn sterfproces.

Eind september werd Gude benaderd door het EO-programma De kist. Of hij op tv over zijn naderende dood wilde praten. „De kist laat altijd nabestaanden aan het woord. Maar ze wilden voor mij, als ‘ervaringsdeskundige’, een uitzondering maken. Ik vertelde over mijn plannen voor een eenbenige doodskist. Die heeft de EO voor mij laten maken.”

Drie weken geleden werden de opnames voor De kist gemaakt op de woonboot van Gude in Amsterdam. Aan het begin van het programma komt presentator Kefah Allush aanrijden in een gele Fiat, met daarop de eenbenige kist. Eenmaal binnen praten Gude en zijn vrouw Babs van den Bergh over doodgaan en gaat de filosoof zelfs even in de kist liggen. „Ik moest wel slikken. Maar ik dacht: ik heb over alle aspecten van de dood gesproken – de angst, de woede, het verdriet – maar de weerzin is nog niet aan bod gekomen. Ook dat onderdeel moet bespreekbaar zijn.”

Maar maakt hij van zijn eigen sterfproces niet één groot media-event? „Het kan zijn dat mensen vinden dat ik te ver ga. Maar in onze moderne samenleving zijn we geneigd alle emoties rondom de dood weg te drukken. Toen mijn kist voor het eerst naar binnen werd gedragen, reageerde een vriend die op bezoek was, zeer emotioneel. Hij gilde: ‘Weg met die kist! Ik wil het niet zien!’ Een begrijpelijke reactie. Het is ook belangrijk om die primaire emotie toe te laten. Maar wanneer de eerste afkeer is afgezakt, moet je benoemen wat er aan de hand is. Als stervende is het goed om met de achterblijvers te delen in het komende verlies. Als je weigert met elkaar te praten over de dood, of ontkent wat er gaande is, zitten degenen die achterblijven straks met onafgemaakte kwesties.”

Verder kijken dan de eerste schrikreactie dus, meent Gude. „Als de woede en de angst zijn weggezakt, kun je op een proportionele manier naar je emoties gaan kijken. Dan blijft er vooral heel veel verdriet over. En dat kun je maar beter met elkaar delen.”