Dames & dassen

Op haar 53ste werd Jackie Villevoye modeontwerper. Nu werkt ze samen met Comme des Garçons.

N

ormaal vind je in een showroom van een groot modemerk alleen de eigen collectie. Maar het Japanse label Comme des Garçons stelt tijdens de vrouwenmodeweek in Parijs een ruimte beschikbaar aan Jackie Villevoye, een 57-jarige ontwerper uit Breda die sinds drie jaar samenwerkt met het Japanse label.

Jupe by Jackie heet het merk dat ze daar toont aan winkeliers: tere, meisjesachtige vrouwenkleren en stropdassen voor mannen en vrouwen. Allemaal op een bijzondere manier met de hand geborduurd in haar eigen fabriek in India. Elders in het gebouw zijn voorbeelden te zien van ontwerpen van Comme des Garçons waarvoor Villevoye de borduursels heeft verzorgd: op de ronde kragen van de sobere blouses zit een subtiel bloemenrandje.

Bridgecircuit

Voor iemand die pas een kleine vijf jaar bezig is in de mode, heeft Villevoye veel bereikt. Sterker nog: voor ze met haar merk begon, had ze nog nooit een baan gehad. Ze stopte met haar studie rechten toen haar eerste kind zich aankondigde. Het werden er vijf. Zij bleef thuis, haar man werkte als vermogensbeheerder. „Maar nadat de laatste het huis uit was, dacht ik: wat nu? Ik had nog geen zin mijn dagen te vullen met bridge en yoga.”

Schoonheid, zegt ze, zat altijd al „in mijn systeempje”. „Mijn huis werd vaak gefotografeerd, voor bladen, en heeft ook in een boek gestaan. Toen de kinderen iets groter waren, richtte ik wel eens een kantoorpand in, of ontwierp ik een juweel.” Het idee voor haar merk kreeg ze toen ze in Londen en Parijs carrièrevrouwen bestudeerde. „Altijd met een shawltje of een kettinkje. Hoe cool zou het zijn, dacht ik, als een vrouw ook een das zou dragen? Een mooie, geborduurde das.” Voor borduren, wist ze, moet je in India zijn, dus ze kocht een enkel ticket naar India. „Binnen drie weken had ik de mensen gevonden met wie ik nog steeds werk.”

Een probleem: met haar damesdassen lukte het niet een stand te krijgen op de grote modebeurs in Parijs, waar veel kleine en beginnende merken in contact komen met winkeliers. Bij een mannenmodebeurs kwam ze wel binnen. „Dus ik belde India: ‘Stop met de bloemetjes, we gaan strakke dessins maken.’ Een paar maanden later lagen haar dassen in een bekende winkel in Parijs „en begon het te lopen”. Haar volgende stap waren simpele zijden A-lijnjurkjes met borduursel. Maar op de damesbeurs, waar ze inmiddels een plaatsje had verworven, deden die niet veel. „Het kwam niet over dat ze met de hand geborduurd waren.”

Tot op een dag een groep Japanners langskwam. Villevoye: „Ik zag meteen dat het highly intellectual fashion people waren.” Op het kaartje dat ik van ze kreeg stond Comme des Garçons.” Een paar weken later werd ze gevraagd een jurk op te sturen, waarna het bericht kwam dat de boss – Rei Kawakubo, de legendarische ontwerpster achter het label – onder de indruk was. Nadat twee seizoenen haar jurkjes werden verkocht in de warenhuizen van Comme des Garçons, waar ook andere merken te vinden zijn, kwam er een echte samenwerking. Per seizoen laat ze tegenwoordig meer dan duizend kledingstukken van het Japanse huis borduren.

De jurken, pantalons, blouses en mannenstropdassen van haar eigen label worden inmiddels in winkels over de hele wereld verkocht. Met de vrouwendassen is ze net weer begonnen. Ter promotie van haar merk laat ze tijdens de Parijse damesmodeweek en de mannenmodebeurs in Florence haar jongste dochter met vriendinnen rondlopen in haar ontwerpen. De beroemde streetfashion-fotografen Tommy Ton en Scott Schuman (‘The Sartorialist’) hebben hen meerdere keren gefotografeerd en zijn „vriendjes” van Villevoye geworden, zegt ze.

In Nederland heeft ze Matthijs van Nieuwkerk als boegbeeld. „Ik heb zijn stylist een aantal dassen gebracht. Eerst vond Matthijs ze te breed en te chic, maar zij raadde me aan ze nog even te langen hangen. Na een half jaar was ’ie om. Hij draagt ze nu zeker twee keer per week op tv.”

120 borduurders

In India houdt Villevoye 120 borduurders – borduren is daar een mannenberoep – aan het werk. Hoeveel die per maand verdienen, zegt ze niet te weten („Het gaat naar leeftijd en ervaring, maar ik betaal per stuk, en daar betaal ik goed voor”), en ze is niet aangesloten bij een organisatie die goede werkomstandigheden garandeert.

„Maar het is allemaal groen en proof enzovoort. Mijn man is aan het onderzoeken of hij kan helpen met pensioenvoorzieningen, en we zijn net naar een groter, nieuw gebouw met airconditioning verhuisd.”

Haar bedrijf draaiend houden is, zegt Villevoye, „keihard bikkelen”. „Weekenden bestaan niet meer, ik heb nauwelijks tijd meer voor vrienden. Maar het is fantastisch. Iedereen denkt dat mode haat en nijd is, maar het is een heel leuke wereld. Er is zóveel onderling respect.”